Open brief: EU moet meer doen tegen ebola

Nieuws

Open brief: EU moet meer doen tegen ebola

Open brief: EU moet meer doen tegen ebola
Open brief: EU moet meer doen tegen ebola

IPS

26 september 2014

Veertig prominente gezondheidsdeskundigen dringen er bij Europese overheden op aan om 'alle mogelijke middelen' in te zetten tegen de verspreiding van ebola. Ze doen dat in een open brief die vandaag (vrijdag) verschijnt in het wetenschappelijke tijdschrift The Lancet.

De brief is ondertekend door 44 vooraanstaande academici, artsen en gezondheidswerkers uit 15 Europese landen. ‘We roepen onze overheden op om een actieve en toegewijde rol te spelen, als partner van de de West-Afrikaanse en de VN, om te verzekeren dat het antwoord op de crisis op een transparante en efficiënte manier wordt georganiseerd’, schrijven ze.

De auteurs wijzen er op dat de strategische aanpak even belangrijk is als de financiële of materiële steun. Daarom is een mechanisme nodig dat het voor westerse gezondheidswerkers mogelijk maakt om op vrijwillige basis hun baan even op pauze te zetten en mee te helpen te epidemie in Afrika in te dijken, zeggen ze.

DG ECHO (CC BY-ND.0)

DG ECHO (CC BY-ND 2.0)

Materieel

‘Europese landen hebben de middelen en de kennis om basisbenodigdheden ter plaatse te krijgen.’

Daarnaast is er een enorme nood aan veldlaboratoria, diagnostische apparatuur en mobiele communicatietechnologie, stellen de auteurs. Ook basisbenodigdheden zoals generators, waterzuivering, brandstof, ontsmettingsmiddelen en beschermende kledij moeten massaal aangevoerd worden. ‘Europese landen hebben de middelen en de kennis om die ter plaatse te krijgen’, schrijven ze.

De brief bevat tot slot een oproep om zoveel mogelijk via organisaties te werken die al actief zijn in het gebied, den dan vooral met plaatselijke organisaties. ‘Artsen zonder Grenzen speelt een belangrijke rol, maar de West-Afrikaanse organisaties zijn in de beste positie om lokale steun te vergaderen en als culturele tussenpersonen te functioneren tussen de internationale actoren en de lokale bevolking’, schrijven ze.