Wapenhandel floreert ondanks lage olieprijs

Nieuws

Wapenhandel floreert ondanks lage olieprijs

Wapenhandel floreert ondanks lage olieprijs
Wapenhandel floreert ondanks lage olieprijs

IPS

23 februari 2016

Ondanks de lage olieprijs is wapenhandel in het Midden-Oosten nog onaangetast, blijkt uit cijfers van het Stockholm International Peace Research Institute. De lage olieprijs heeft al wel impact op andere fronten, van ontwikkelingshulp tot arbeidsmigratie en humanitaire hulp.

‘De militaire interventie in Jemen door een coalitie van Arabische staten, die in 2015 begon, werd gefaciliteerd door sterke wapenimport door verschillende landen binnen de coalitie’, staat in een rapport dat gisteren (maandag) is gepubliceerd door het instituut.

Tot die coalitie, geleid door Saoedi-Arabië, behoren ook Qatar, Koeweit, Bahrein, de Verenigde Arabische Emiraten (VAE), Egypte, Marokko, Jordanië en Soedan. Ze strijden tegen Houthi-rebellen in Jemen. In de periode 2011 tot 2015 groeide de Saoedische wapenimport met 275 procent vergeleken met de periode 2006 tot 2010.

Saoedi-Arabië zal in de komende vijf jaar naar verwachting grote hoeveelheden wapens blijven ontvangen

Hoewel er bezorgde geluiden klinken in toeleverende staten over de Saoedische luchtaanvallen in Jemen, zal Saoedi-Arabië in de komende vijf jaar naar verwachting grote hoeveelheden wapens blijven ontvangen van die landen. Het gaat met name om de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Frankrijk, zegt het rapport.

Volgens het rapport liggen er orders voor 150 gevechtsvliegtuigen, duizenden lucht-grondraketten en antitankwapens uit de VS, 14 gevechtsvliegtuigen uit Groot-Brittannië en een onbekend aantal pantservoertuigen uit Canada, met geschut uit België.

De Verenigde Staten, die de Saoedi’s ook steunen met inlichtingen over de situatie op de grond in Jemen, klagen over het groeiende aantal burgerslachtoffers dat wordt toegeschreven aan zowel de Saoedische troepen als de rebellen.

Massaontslagen

Op de vraag of de wapenaankopen zullen dalen als de olieprijs blijft dalen, zegt onderzoekers Pieter Wezeman van het Sipri: ‘Het is moeilijk te zien hoe Saoedi-Arabië het tempo bij kan houden, al zal het land afhankelijk zijn van het voordeel dat het heeft van de lage olieprijzen. Die kunnen olieleveranciers met hogere productiekosten uit de markt duwen.’

Op dit moment liggen er echter nog diverse grote contracten voor wapenleveranties aan Saoedi-Arabië, Qatar, Koeweit en de Verenigde Arabische Emiraten. Die leveranties zijn al bezig of beginnen binnenkort, zegt Wezeman. Het volume van de wapenimport door deze landen blijft in ieder geval de komende vijf jaar hoog.

De olieprijs is op het laagste niveau sinds dertien jaar. Vorige week daalde de prijs onder de 30 dollar per vat. In 2014 kostte een vat olie nog 110 dollar.

De recessie in de oliesector heeft geleid tot massaontslagen bij verschillende bedrijven, ook in de schaliegassector. Deze bedrijven gingen failliet of moeten vechten om te overleven.

De olieproducerende landen in het Midden-Oosten zijn voor 25 tot 75 procent van hun nationale budget afhankelijk van olie-inkomsten.

Rusland en China

In het Sipri-rapport staat dat de Verenigde Staten tussen 2011 en 2015 de grootste wapenexporteur ter wereld waren. Het land is goed voor 33 procent van de wereldwijde wapenexport. De Amerikaanse wapens gingen in die periode naar minstens 96 landen. De belangrijkste ontvangers waren Saoedi-Arabië (9,7 procent van de Amerikaanse export) en de VAE (9,1 procent).

De Verenigde Staten zijn goed voor 33 procent van de wereldwijde wapenexport

Op regionaal niveau was het Midden-Oosten met 41 procent de belangrijkste ontvanger van Amerikaanse wapens. Azië en Oceanië waren goed voor 40 procent en Europa nam 9,9 procent voor zijn rekening. Eind vorig jaar hadden de VS talloze exportcontracten lopen, inclusief de levering van 611 nieuwe F-35 gevechtsvliegtuigen aan negen landen.

Rusland en China zijn er nog niet in geslaagd om grote contracten te krijgen in Saoedi-Arabië, de Emiraten, Qatar of Marokko, ondanks hun pogingen de markt binnen te dringen. ‘Voor zover ik het kan overzien, komt het door de coalitieleiders gebruikte wapentuig vooral uit de VS, gevolgd door Groot-Brittannië en Frankrijk. Maar gedetailleerde informatie is slechts beperkt beschikbaar en het is moeilijk tot een meer accurate beoordeling te komen’, zegt Wezeman.

Rusland, en in mindere mate China, zegt hij, hadden meer succes in Egypte. Dat is al langere tijd uit op diversificatie in wapenleveranciers, in de wetenschap dat de VS de neiging heeft restricties op te leggen of tijdelijke embargo’s in te stellen in reactie op internationale politieke ontwikkelingen. Daarnaast is ook de prijs een belangrijke factor, zegt Wezeman.

De Egyptische wapenimport steeg sterk in 2015. De VS hervatten vorig jaar de wapenleveranties aan Egypte na een tijdelijke, gedeeltelijke opschorting, en leverden twaalf gevechtsvliegtuigen. Frankrijk leverde een fregat.

In 2014 en 2015 tekende Egypte een aantal grote overeenkomsten met Frankrijk, Duitsland en Rusland. Het Sipri-rapport zegt dat zes van de tien grootste wapenimporteurs tussen 2011 en 2015 landen in Azië en Oceanië waren: India (14 procent van de wereldwijde wapenimport), China (4,7 procent), Australië (3,6 procent), Pakistan (3,3 procent), Vietnam (2,9 procent) en Zuid-Korea (2,6 procent).