Ordediensten Bahrein schuldig aan systematisch geweld

Nieuws

Mensenrechtenschendingen in Bahrein

Ordediensten Bahrein schuldig aan systematisch geweld

Ordediensten Bahrein schuldig aan systematisch geweld
Ordediensten Bahrein schuldig aan systematisch geweld

Het rapport dat een onafhankelijke onderzoekscommissie op 23 november in de Bahreinse hoofdstad Manama voorstelde was duidelijk. De Bahreinse ordediensten hebben zich schuldig gemaakt aan systematisch geweld tegen opposanten. De vraag is nu of de Bahreinse overheid hier ook effectief mee aan de slag zal gaan.

Op 23 november werd het langverwachte rapport van de Bahreinse Onafhankelijke Onderzoekscommissie voorgesteld. De onderzoekscommissie, ook wel Bassiouni-commissie genoemd naar haar voorzitter, onderzocht sinds juli op welke schaal er mensenrechtenschendingen hadden plaatsgevonden sinds de volksopstand van 14 februari in Bahrein.

In Bahrein werden sinds februari tot nu 35 burgers gedood tijdens de protesten, stierven vijf mensen door foltering in gevangenschap en werden vijf mensen van de ordediensten gedood in clashes met demonstranten.

Anders dan verwacht door Bahreinse mensenrechtenactivisten, legde de commissie wel degelijk een kritisch rapport voor. Volgens de rapporteurs, die 9000 klachten ontvingen en zich op meer dan 5000 interviews baseerden, werden politieke gevangenen, sinds 14 februari, systematisch en op grote schaal gefolterd door de Bahreinse ordediensten. Het politiegeweld dat tegen de demonstranten wordt gebruikt is excessief en disproportioneel, staat te lezen in het Bassiouni-rapport. De onderzoekscommissie stelt ook voor om dringend een nationaal verzoeningsprogramma op te starten. Dat moet draaien rond de eisen en klachten van de ‘groepen die zichzelf uitgesloten voelen van gelijke politieke sociale en economische rechten in Bahrein’.

Verzoening

Het vertrouwen in de overheid, grotendeels in de handen van de soennitische Khalifa-familie, is echter ver zoek bij een groot deel van de Bahreinse samenleving, die voor twee derde sjiitisch zou zijn. De Bahreini’s, die nog dagelijks op straat komen voor meer democratie, vinden dat het regime moet opstappen.

‘Het huidige parlement en het huidige kabinet zijn niet in staat om een goed antwoord op het rapport te geven’, zegt ex-parlementslid Matar Matar van de islamitische Al Wefaqbeweging. ‘Een moedige beslissing van de koning is nodig’. Voor alle duidelijkheid: Matar maakt deel uit van de groep die het Manamadocument opstelde, een eisendocument dat werd opgesteld door een coalitie van oppositiebewegingen. Daar wordt geen ontslag van de regering gevraagd.

Bijkomend onderzoek nodig

De Egyptische voorzitter Cherif Bassiouni roept ook op om verder onderzoek uit te voeren naar de echte verantwoordelijken binnen Binnenlandse Zaken.

De Bahreinse regering startte al met een eigen onderzoek naar de gebeurtenissen, stond te lezen in de nationale kranten. ‘Er zijn bepaalde zaken gebeurd waarbij excessief geweld werd gebruikt tegenover gedetineerden. En dat is tegenstrijdig met het overheidsbeleid’, schreef onder meer Manama News. De Bahreinse overheid start nu een onderzoek naar twintig politieagenten die zich schuldig gemaakt zouden hebben.

Nabeel Rajab, voorzitter van het Bahreinse mensenrechtencentrum, vreest dat de overheid het onderzoek zal beperken tot die twintig mensen, en zo de verantwoordelijkheid van zich af zal schuiven.

‘We hebben politieke wil nodig om van binnenuit te veranderen, niet om enkele mensen aan te wijzen als schuldigen’ aldus Rajab. ‘Er zijn tientallen doden gevallen, duizenden gewonden, huizen en moskeeën zijn systematisch vernield, mensen werden op gewelddadige en disproportionele manier gearresteerd… Dat alles toont aan dat er een patroon is dat werd opgelegd in de hogere rangen.’

De Bahreinse minister van Mensenrechten en de huidige minister van Gezondheid –haar voorganger werd ontslagen– liet in een Bahreinse krant weten dat een nationale commissie voor de ‘implementatie van het rapport’ zal worden geïnstalleerd. Die commissie moet dan mandaten vastleggen hoe de aanbevelingen in het rapport best worden opgevolgd. Tegelijk verwees de minister echter naar de revolutionaire betrokkenheid van de dokters van het Salmanya-hospitaal die werden gearresteerd. Er hangen hen zware straffen boven het hoofd. Die verwijzing maakt duidelijk dat Bahrein nog niet meteen bereid is om politieke gevangenen te bevrijden.

Iran

Het regime weert zich ook door terug te keren naar de eerdere beschuldigingen over de sjiitische liaison tussen opstandelingen en Iran.

De Bahreinse ambassadeur in de Verenigde Staten Houda Nonoo liet aan de Washtington Time weten dat er wel degelijk linken zijn tussen Iran en de opstandelingen in Bahrein. ‘Iran noemt Bahrein niet voor niets de veertiende provincie’, klonk het.  De onderzoekers van het rapport vonden echter geen enkel bewijs dat Iran betrokken zou zijn in de Bahreinse revolutie.

MO*redactrice Tine Danckaers was in oktober tien dagen in Bahrein. In MO*magazine van december 2011 verschijnt haar reportage over de repressie in het land.