‘Congo is de VN-vredesmissie kotsbeu’

Opinie

In Oost-Congo werden in verschillende steden basissen van Monusco bestormd

‘Congo is de VN-vredesmissie kotsbeu’

‘Congo is de VN-vredesmissie kotsbeu’
‘Congo is de VN-vredesmissie kotsbeu’

Wat als een VN-vredesmissie gewelddadig clasht met wie ze zou moeten beschermen? Het gebeurt vandaag in Oost-Congo, waar burgers de VN liever zien vertrekken. MO*journalist Kris Berwouts werkte in 2015 een halfjaar bij de vredesmissie. ‘Voor het eerst, en het laatst, liep ik toen weg van een job.’

UN Photo/Sylvain Liechti (CC BY-NC-ND 2.0)

Al sinds het prille begin roept Monusco heftige, negatieve reacties op bij de Congolese burgerbevolking.

UN Photo/Sylvain Liechti (CC BY-NC-ND 2.0)

Wat betekent het wanneer VN-blauwhelmen worden aangevallen door, en schieten op de burgerbevolking die ze moeten beschermen? Al sinds de komst van de VN-vredesmissie Monusco in 1999 is de Congolese burgerbevolking er fel tegen gekant. MO*journalist Kris Berwouts, die in 2015 6 maanden bij Monusco werkte, begrijpt de frustratie. Wie of wat kan de Oost-Congolese bevolking de veiligheid en stabiliteit bieden waar het zo naar verlangt?

De VN-basis in Oost-Congo werd vorige week, op 26 juli, overvallen, vernield en geplunderd. Dat gebeurde nadat er in Goma en Butembo manifestaties tegen Monusco, de VN-vredesmissie, plaatsvonden die uitdraaiden op geweld.

De balans van het geweld was zwaar: er vielen 15 doden en 61 gewonden. Onder de dodelijke slachtoffers vielen 3 VN-blauwhelmen en 12 burgers te betreuren. De spanningen liepen de dagen nadien verder op, ook in andere steden waarbij in de stad Uvira nog eens 5 slachtoffers vielen.

Onafhankelijk onderzoek moet duidelijk maken wat er precies gebeurde. Er zijn aanwijzingen dat de rellen waren voorbereid.

Ondertussen blijft het gespannen. Op 31 juli schoten VN-blauwhelmen op burgers in de stad Kasindi, waarbij opnieuw 2 doden vielen. Dit nieuwe incident doet de gemoederen verder oplaaien.

Woedend

Monusco, de VN-vredesmissie, bestaat al sinds 1999. Al sinds dat prille begin roept die heftige, negatieve reacties op bij de Congolese burgerbevolking. Die vindt dat de impact van Monusco in Oost-Congo minimaal is, ook al was het bij aanvang de grootste en duurste VN-missie uit de geschiedenis. De emoties lopen vooral op wanneer de veiligheidssituatie op het terrein onder druk staat.

Dat is ook nu het geval. Sinds enkele maanden is de legendarische rebellenbeweging M23 opnieuw aanwezig in Oost-Congo. Tien jaar geleden brachten ze bijna het Kabila-regime ten val. In 2013 werd de beweging geneutraliseerd door een brigade van soldaten uit Tanzania, Zuid-Afrika en Malawi. Maar nu zijn ze weer actief, en net zoals 10 jaar geleden worden ze gesteund door Rwanda.

Congolezen zijn woedend over het aanhoudende geweld in hun land. Ze eisen dat de VN-vredesmissie zo snel mogelijk uit Congo vertrekt.

Het vertrouwen ten opzichte van Monusco gaat zo ver dat velen niet alleen vinden dat de blauwhelmen geen enkele meerwaarde hebben, ze zien ook medeplichtigheid aan het geweld. Congo is een vruchtbare grond voor complottheorieën, en die circuleren wild rond Monusco.

Het wangedrag van individuele VN-personeelsleden doen daar geen goed aan. Het feit dat Monusco zeer terughoudend is om de rol van Rwanda te benoemen evenmin.

Containerpark

In 2015 liep ik voor het eerst en het laatst weg van een job. Ik was aangeworven als expert lokale conflicten bij de Monuscodienst die het stuur in handen had om het oosten van het land te stabiliseren (de Stabilization Support Unit). Ik bleek er in een container te werken. Het containerpark, met eindeloze rijen witte barakken met het zwarte opschrift “UN”, stond in mijn beleving al gauw symbool voor de parallelle wereld waarin ik verstrikt was geraakt.

Voor het eerst in mijn leven woonde ik in Congo, maar nooit had ik me ik me verder van de Congolezen verwijderd gevoeld dan daar.

Voor het eerst in mijn leven woonde ik in Congo, maar nooit had ik me ik me verder van de Congolezen verwijderd gevoeld dan daar. De VN-missie leefde in haar eigen bubbel en de meeste werknemers hadden liefst zo weinig mogelijk contact met de Congolezen. En daar raakte ik niet zo makkelijk buiten.

Na een tijdje vond ik mijn eigen uitwegen: ik hing rond met mijn jonge tegendraadse vrienden van La Lucha, en de kritische, creatieve geesten in het kunstenmilieu. Reggaezangers die me hun Swahili-teksten kwamen voorleggen over de politieke elite die zich willen laten herverkiezen maar niet begrepen dat de bevolking nu eindelijk werk, wegen, water en vrede wil.

Ze vonden een luisterend oor in de wijken en de scholen. En bij mij. De wind van verandering waaide wel, maar dan buiten het containerpark.

Voor twee jaar was ik aangeworven bij Monusco, maar na 6 maanden was ik alweer thuis. In die VN-bubbel voelde ik me steeds slechter. Ik kampte met schuldgevoelens omdat ik een riant loon kreeg zonder ook maar enig verschil te maken.

Mijn container raakte ik amper uit en ik worstelde met allerlei vormen van naijver en competitie tussen de verschillende diensten van zo’n vredesmissie. Ik zat er omdat verondersteld werd dat ik iets kende van lokale conflicten in Kivu. Maar ik raakte helemaal klem te zitten in een soort loopgravenoorlog binnen de VN.

Contradictie

Het mandaat van Monusco moet jaarlijks vernieuwd worden, wat maakt dat het zeer moeilijk is om duurzaamheid na te streven. Niemand was daar dan ook mee bezig.

Dat betekent ook dat er een groot personeelsverloop is. Velen blijven niet lang genoeg om de complexe Congolese realiteiten te leren kennen. De meesten beseffen dat en doen zelfs geen moeite meer.

Tegelijk was de VN-missie er toen, in 2015, al anderhalf decennium. In termen van conflict is dat een soort eeuwigheid. 15 jaar ergens zijn zonder optie of ambitie om duurzame resultaten neer te zetten maakte van Monusco een contradictio in terminis waar ik moeilijk mee om kon.

15 jaar ergens zijn zonder optie of ambitie om duurzame resultaten neer te zetten maakte van Monusco een contradictio in terminis waar ik moeilijk mee om kon.

Daarnaast was het erg verlammend om in een context te werken met erg veel diensten en departementen. Die zaten vol met ambitieuze en intelligente mensen die wisten dat ze weinig verschil konden maken. Daarom deden ze hun best om, in functie van een hopelijk glorieuze volgende benoeming, zo relevant mogelijk te lijken door het werk van andere — rivaliserende! — diensten en departementen zo denigrerend mogelijk te bejegenen.

Ook de op basis van hun nationale loyauliteit werden VN-personeelsleden tegen elkaar uitgespeeld. Ambassades en veiligheidspersooneel van landen probeerden altijd contact te houden met hun gedetacheerd VN-personeel. Verwonderlijk is dat niet, maar het zorgt op sommige momenten voor een ijzeren greep. De legendarische verlammende spanningsvelden binnen de hoogste regionen van de VN werden ook een soort realiteit op het terrein.

Dat samen met een wijdverspreide arrogantie van velen binnen de VN — niet van allen, het laatste dat ik wil is afbreuk doen aan de inzet van verschillende uitzonderingen die ik gekend heb — maakte dat ik na 6 maanden mijn contract beëindigde. De VN-missie in Congo had de edele kunst van het navelstaren tot het uiterste verfijnd, vond ik. Zelfs in die mate dat het verdacht veel op zelfpijperij was gaan lijken. Ieder zijn ding, maar ik had beters te doen.

Exit

Terug naar vandaag: Monusco bevindt zich al een tijd in een exitstrategie waarbij de VN-troepen worden afgebouwd. Er zijn nu minder soldaten en die worden op minder plaatsen gekazerneerd.

Het is nu de vraag in welke mate de recente gebeurtenissen die exit gaan versnellen. Lang had ik het gevoel dat Monusco ten minste een ontraden effect had, ondanks het gebrek aan assertiviteit en pro-activiteit. Dat ze er waren, ook al kwamen soldaten amper de kazerne uit, maakte dat een deel van de gewapende actoren niet tot actie overging.

Nu blijkt dat nergens meer uit. Het wordt moeilijk te bedenken dat een vredesmissie die bestormd wordt door de mensen die ze moet beschermen — en ook op die mensen schoot — nog op een geloofwaardige manier haar missie kan volbrengen.

Wat is dan het alternatief? Het Congolese leger blijft kampen met verdeeldheid en een gebrek aan efficiëntie. Het bezondigt zich aan het schenden van mensenrechten en slecht beheer. Op verschillende plaatsen in het oosten gedraagt het leger zich als een gewapende groep tussen andere gewapende groepen. Dat dit leger op korte termijn de bevolking en het territorium kan beschermen lijkt bijzonder onwaarschijnlijk.

East African Community

Velen pleitten daarom voor een militaire tussenkomst van de Afrikaanse multilaterale instellingen. Ik sluit me daarbij aan. Er staat een interventie op stapel van de East-African Community (EAC) waar Congo nu een viertal maanden deel van uitmaakt.

Maar het is geen evidentie, omdat Rwanda en Oeganda ook lid zijn van EAC. Beide landen hadden in het verleden al een zeer negatieve impact op de veiligheid van burger in Oost-Congo en verrijkten zich met Congolese grondstoffen. De rollen van stroper en boswachter komen zo gevaarlijk dicht bij elkaar te liggen.

Op korte termijn is er maar één oplossing: de Congolese staat moet uit zijn as herrijzen. De instrumenten die de rechtsstaat moeten afdwingen en verdedigen moeten worden heropgebouwd.

Zolang dat niet gebeurt, blijft de burgerbevolking in het oosten uiterst kwetsbaar en wordt het blootgesteld aan ondraaglijk lijden. De vraag is: wie heeft de geloofwaardigheid, het vertrouwen en de competentie om die burgerbevolking te beschermen?