Vijf keer Parijs, maar niemand is geschokt

Blog

Vijf keer Parijs, maar niemand is geschokt

Vijf keer Parijs, maar niemand is geschokt
Vijf keer Parijs, maar niemand is geschokt

Zinloos geweld in het oosten van Congo van een omvang die de aanslagen in Parijs in het niets doet verzinken. Toch zijn er geen internationale marsen, geen Facebook-rouwvlaggen, geen verontwaardiging. Je suis Eringeti.

Gisteren zondag rond 3 uur in de namiddag werd een drievoudige aanslag gepleegd in Eringeti, in het uiterste noorden van de provincie Noord-Kivu. Tegelijkertijd werd een raid uitgevoerd op het legerkamp, op het commercieel centrum en op het gezondheidscentrum. Volgens een voorlopige balans zijn er 26 doden: 12 aanvallers (zoals gebruikelijk omschreven als “vermoedelijke ADF-rebellen”), 7 soldaten van het regeringsleger, 1 blauwhelm uit Malawi en 6 burgers waaronder een verpleegster en 2 kinderen die op de afdeling intensieve zorgen lagen.

Het gezondheidscentrum en de handelswijk werden eerst geplunderd en dan in de as gelegd. Ook de lokale gemeenschapsradio. Vijf pantserwagens van MONUSCO werden beschadigd door zware projectielen, afgevuurd door de aanvallers. De gevechten hebben aangesleept tot drie uur ’s nachts.

Hoe kan een staatshoofd zo wraakroepend afwezig blijven? Geen Congolees die het begrijpt. Ik evenmin.

Dit is de zoveelste aanslag in een lange rij, gemiddeld twee per maand, die in oktober 2014 een aanvang nam. Het aantal slachtoffers is intussen tegen de 600 opgelopen, bijna 5 keer zoveel als in Parijs. Maar in werkelijkheid ligt de dodentol veel hoger: vele mensen zijn verdwenen, ontvoerd en wellicht vermoord zonder dat hun lichamen werden gevonden.

Wat doet de overheid? Niets. President Kabila, die meteen zijn medeleven uitte aan zijn Franse ambtsgenoot, kort na 13 november, zwijgt opnieuw, zoals altijd, in alle nationale talen. Hoe kan een staatshoofd zo wraakroepend afwezig blijven? Geen Congolees die het begrijpt. Ik evenmin.

Geen rebellenoorlog meer

Vandaag hadden we een workshop georganiseerd met de boerenorganisaties die in de rijstketen werken en ook uit Eringeti was er een vertegenwoordigster. Ik vroeg aan Venus (niet haar echte naam) hoe zij tegen die never-ending reeks aanslagen van de ADF-NALU aankijkt.

‘Gaat het wel om de ADF? We hebben hen jarenlang weten aanwezig zijn. Hun doel is om de regering van Museveni in Kampala, Oeganda, omver te werpen. Waarom zouden zij dan in Congo zoveel heibel schoppen? Jarenlang kwamen ze regelmatig bij de boeren langs. Ze kondigden dan aan dat ze twee dagen later opnieuw zouden langskomen om de voedingsmiddelen op te halen die ze bij de boeren hadden “besteld”. Wie daar niet voor zorgde kreeg het dan wel met hen aan de stok. Maar de hoeveelheden die ze opeisten bleven redelijk. Het was een soort van belasting. En als ze al eens mensen opeisten om de goederen te dragen, kregen die een gids mee terug om hen weer veilig thuis te brengen. Soms werden er vrouwen ontvoerd, en dan kregen we nadien toch weer nieuws over hen. Hoe ze werden uitgehuwelijkt aan deze of gene gradé en zijn kinderen ter wereld brachten.

Maar nu is het helemaal anders. Dit is geen ADF-stijl meer. Dit is moord en doodslag, plundering, hele velden worden leeggeroofd, niets blijft nog over voor de mensen zelf. Dergelijk beleid van de verschroeide aarde valt niet te rijmen met de ADF-aanpak. Zij hebben er geen enkel belang bij dat de bevolking volledig aan de grond komt te zitten. We hebben het lichaam teruggevonden van een vrouw waar de tong, strottenhoofd, luchtpijp, longen en hart waren uitgesneden. Daar zit duidelijk zwarte magie achter. Dit is geen rebellenoorlog meer.

Ook werden al herhaaldelijk zogenaamde ADF-rebellen gevat. Je zou dan toch denken dat ze op de rooster worden gelegd. Dat de bevolking verneemt waar ze voor staan? Waarom ze die slachtpartijen uitvoeren? Niets. Nooit horen we er nog iets van. Ook hebben ze nooit ofte nimmer één enkele aanslag opgeëist. Dat doen rebellen doorgaans toch wel graag! Waarom dan niet in Congo? Misschien omdat het helemaal geen rebellen zijn?’

Niets dat een vrouw beter herkent dan haar eigen kleren

‘Het valt me op dat de aanvallen vooral geïnspireerd zijn door de oogstcycli van de gewassen. Eerst onveiligheid creëren vlak voor de oogst, en dan alles zelf oogsten. Laatst zag ik een overheidssoldaat met drie brommers die samen 6 zakken cacao vervoerden. Je gaat me niet vertellen dat hij die zelf gekweekt heeft!

Niet zolang geleden zou er een rotatie plaatsvinden van troepen van ons nationaal leger. Maar diegenen die werden afgelost, wilden helemaal niet vertrekken. Dat zal beslist niet zijn omdat ze de streek zo mooi vinden, wel omdat ze veel te goede zaken doen.

Dorpelingen herkennen onder de aanvallers familieleden van lokale notabelen die mee plunderen. Achteraf zien de dorpsvrouwen hoe de echtgenotes van de militairen pronken met de kleren die bij hen thuis werden geroofd. Er is niets dat een vrouw beter herkent dan haar eigen kleren. Hierover is geen vergissing mogelijk, geloof me!’

Geen enkel verschil

‘Wat is de plaats van de MONUSCO-blauwhelmen in dat verhaal?’, vroeg ik met stijgende verbazing.

‘Die doen niets. Vroeger trokken ze ten strijde met ons nationaal leger, maar daar zijn ze al een hele tijd mee gestopt. Nu komen ze alleen maar altijd en overal te laat. Branden blussen is hun hoofdbezigheid. Of de wacht kloppen. Op de plaats waar kolonel Mamadou Ndala werd vermoord, komt elke dag een pantserwagen post vatten, en tegen 16u30 keert hij terug naar zijn kamp. Alsof er na dat uur niets meer zou kunnen gebeuren? Nu ook, na de aanval, hebben ze in hun helikopters wat rondjes zitten draaien, tot boven Beni. Wat is de zin daarvan? De mensen nog banger maken?

Onlangs zag een groep dorpelingen hen vuilnis weggooien op een veld. Toen ze gingen kijken vonden ze in het afval volledig met tape omwikkelde kartonnen dozen, zodat het afval de inhoud niet zou kunnen bereiken. Ze hebben er één doos uitgenomen, en tot hun verbazing stak ze boordevol eten. Ze hebben zich dan verschanst om te zien wat er verder zou gebeuren, en inderdaad, na enige tijd kwam een groep mannen de dozen ophalen en verdwenen ermee in de jungle. Dus, je weet dan meteen dat er ook bij de blauwhelmen schurken zitten die medeplichtig zijn, wellicht tegen een royale vergoeding.

Hun aanwezigheid wordt niet gevoeld, weet je. Het maakt eigenlijk niets uit of ze er nu zijn of niet. Daarom wil een deel van de bevolking hen zelfs liever weg. Als je beseft hoeveel dat blauwhelmgedoe allemaal kost! Terwijl hun aanwezigheid geen enkel verschil uitmaakt.

Ooit moet die waanzin toch eens stoppen, maar wanneer? Bij jullie in Europa, trekt de overheid meteen alle registers open. Hier bij ons, in Congo kijken ze de andere kant uit. Zij vinden dat blijkbaar normaal. Voor ons is die houding gewoonweg niet te vatten. Tenzij… ze zelf medeplichtig zijn.’