42 landen op strafbank wegens repressie tegen mensenrechtenactivisten en journalisten

Analyse

Steeds meer bewijs van online surveillance en cyberaanvallen

42 landen op strafbank wegens repressie tegen mensenrechtenactivisten en journalisten

42 landen op strafbank wegens repressie tegen mensenrechtenactivisten en journalisten
42 landen op strafbank wegens repressie tegen mensenrechtenactivisten en journalisten

IPS / Thalif Deen

13 oktober 2022

De Verenigde Naties hebben 42 landen (van de 193 lidstaten) op een zwarte lijst gezet voor represailles tegen mensenrechtenactivisten en journalisten.

picryl (CC0)

Het jaarverslag van VN-secretaris-generaal Antonio Guterres beschrijft hoe slachtoffers van mensenrechtenschendingen, mensenrechtenverdedigers en journalisten het doelwit waren van vergelding en intimidatie door overheden.

picryl (CC0)

Wie in deze landen samenwerkt met de Verenigde Naties en klaagt over mensenrechtenschendingen in eigen land, heeft een grote kans om gearresteerd, vervolgd of gemarteld te worden.

Tot de 42 landen behoren enkele van ‘s werelds meest autoritaire regimes die bekend staan ​​om ernstige mensenrechtenschendingen.

Het jaarverslag van VN-secretaris-generaal Antonio Guterres beschrijft hoe slachtoffers van mensenrechtenschendingen, mensenrechtenverdedigers en journalisten het doelwit waren van vergelding en intimidatie door overheden.

Represailles

Mensen werden vastgehouden, waren het doelwit van restrictieve wetgeving en werden zowel online als offline gesurveilleerd. Ook mensen die probeerden samen te werken met de VN werden getroffen.

‘Hoe schokkend deze cijfers ook mogen zijn, veel gevallen van represailles worden niet eens worden gemeld.’

In een derde van de landen die in het rapport worden genoemd, hebben individuen of middenveldorganisaties ofwel afgezien van de samenwerking, of hebben ze er alleen mee ingestemd om zaken anoniem te melden uit angst voor represailles.

‘Ondanks positieve ontwikkelingen, zoals toezeggingen van lidstaten om zulke represailles te weren, laat dit rapport zien in welke mate mensen worden geviseerd en vervolgd voor het aankaarten van mensenrechtenkwesties bij de VN’.

‘En we weten dat, hoe schokkend deze cijfers ook mogen zijn, veel gevallen van represailles niet eens worden gemeld’, zegt adjunct-secretaris-generaal voor mensenrechten Ilze Brands Kehris.

In het rapport (dat de periode van 1 mei 2021 tot 30 april 2022 bestrijkt) wordt onder meer verwezen naar Afghanistan, Wit-Rusland, Brazilië, China, Cuba, de Democratische Republiek Congo , Djibouti, Egypte, Guatemala, India, Iran, Israël, Palestina, de Verenigde Arabische Emiraten en Jemen.

Solidariteit en bescherming

Volgens Simon Adams, voorzitter van het Centrum voor Slachtoffers van Foltering, zijn de VN een onpartijdige humanitaire organisatie is die zich inzetten voor de vooruitgang van de mensheid.

‘Als overheden activisten of journalisten die met de Verenigde Naties spreken, beschouwen als een bedreiging voor hun belangen, schenden ze het ‘geloof in fundamentele mensenrechten’ dat het VN-handvest omvat’, zegt hij.

‘Ieder van ons heeft het recht om rechtstreeks met VN-vertegenwoordigers te spreken zonder dat een of andere kwaadaardige autoriteit over onze schouders meekijkt, onze telefoon afluistert of ons bedreigt met detentie of verdwijning’, zegt hij.

Mensenrechtenverdedigers in de landen die worden genoemd in het VN-rapport verdienen niet alleen ons respect en onze solidariteit, ze hebben ook bescherming nodig, vindt Adams.

Toen secretaris-generaal Antonio Guterres vorige week Ales Bialiatski en de organisaties Memorial en het Centre for Civil Liberties feliciteerde met hun Nobelprijs voor de Vrede, zei hij dat de toekenning ook het belang van het maatschappelijk middenveld voor het vredesproces in de schijnwerpers zet.

‘Burgers uit het maatschappelijk middenveld zijn de zuurstof van de democratie en katalysatoren voor vrede, sociale vooruitgang en economische groei. Ze helpen overheden verantwoording af te leggen en dragen de stemmen van de kwetsbaren in de zalen van de macht’ aldus Guterres.

Krimpende ruimte

Maar de secretaris-generaal waarschuwde ook dat de ruimte voor het middenveld steeds meer wordt ingeperkt.

‘Mensenrechtenverdedigers, voorvechters van vrouwenrechten, milieuactivisten, journalisten en anderen worden geconfronteerd met willekeurige arrestaties, strenge gevangenisstraffen, lastercampagnes, verlammende boetes en gewelddadige aanvallen’, verklaarde hij.

‘Laten we, terwijl we de winnaars van dit jaar feliciteren, beloven om de dappere verdedigers van universele waarden van vrede, hoop en waardigheid te beschermen’, zei Guterres.

Overheidstoezicht van individuen en groepen die samenwerken met de VN is in opmars.

Tijdens de voorstelling van het rapport haalde VN-woordvoerder Stephane Dujarric het voorbeeld aan van Myanmar, waar minstens 170 journalisten zijn gearresteerd sinds de militaire machtsovername in februari vorig jaar.

Bijna 70 journalisten, waaronder 12 vrouwen, zitten nog steeds vast. Unesco heeft ook meer dan 200 incidenten van mediarepressie geregistreerd, waaronder moorden, arrestaties, detenties, strafzaken, opsluitingen en invallen op redacties.

Uit het VN-rapport blijkt ook dat het overheidstoezicht van individuen en groepen die samenwerken met de VN in opmars is. In alle regio’s is er steeds meer bewijs van online surveillance en cyberaanvallen. De massale digitale transitie, die werd versneld door de covid-19-pandemie, verhoogde ook de uitdagingen met betrekking tot cyberbeveiliging en privacy.

Zelfcensuur

Een andere zorgwekkende wereldwijde trend is restrictieve wetgeving die samenwerking met de VN verhindert en bestraft. In sommige gevallen worden mensen hierdoor veroordeeld tot lange gevangenisstraffen of onder huisarrest geplaatst.

Ook zelfcensuur komt over de hele wereld steeds vaker voor. Dan kiest men ervoor om niet of anoniem samen te werken met de VN uit bezorgdheid over de eigen veiligheid. Verhoogde surveillance en de angst voor strafrechtelijke aansprakelijkheid, hebben volgens het rapport geleid tot een ‘huiveringwekkend effect’ van stilte.

Net als in voorgaande jaren blijkt dat intimidatie en represailles onevenredig veel gevolgen hebben voor bepaalde bevolkingsgroepen. Zo worden vertegenwoordigers van inheemse volkeren, minderheden of degenen die zich bezighouden met milieu- en klimaatveranderingskwesties bovenmatig geviseerd. Ook mensen die worden gediscrimineerd op grond van leeftijd, seksuele geaardheid en geslacht worden vaker bestraft als ze daarvan melding maken.

‘De risico’s voor vrouwelijke slachtoffers, evenals voor vrouwelijke mensenrechtenverdedigers en vredeswerkers, die getuigenissen delen en samenwerken met de VN, blijven disproportioneel. We zullen blijven werken om ervoor te zorgen dat iedereen veilig kan samenwerken met de VN’, benadrukte Brands Kehris, terwijl ze het rapport presenteerde aan de Mensenrechtenraad in Genève.