Benedictus stapt op. Maar wat gebeurt er met San Romero?

Blog

Benedictus stapt op. Maar wat gebeurt er met San Romero?

Benedictus stapt op. Maar wat gebeurt er met San Romero?
Benedictus stapt op. Maar wat gebeurt er met San Romero?

Op 24 maart zullen we de 33ste verjaardag van de moord op bisschop Romero herdenken. Hij werd vermoord in de kapel van het ziekenhuis voor kankerpatiënten, waar hij ook woonde. De internationale Waarheidscommissie bevestigde dat Majoor Roberto D’Aubuisson, de oprichter van de doodseskaders en van de uiterst rechtse partij ARENA, de intellectuele moordenaar was.

Naast bisschop Romero werden tijdens de oorlogsperiode ook nog 15 priesters en meer dan 70.000 mensen vermoord.

Bisschop Romero zei dat Johannes Paulus II hem had geroepen en terecht had gewezen omdat hij “de communisten steunde”. Bisschop Romero antwoordde: “Zijne Heiligheid, in El Salvador spreken over anti-communisme is heel ernstig voor alle Salvadoranen”. Later was er toch een soort erkenning door de paus toen hij, tijdens een bezoek aan El Salvador, het graf van bisschop Romero ging groeten.

Paus Benedictus XVI, die per 28 februari ontslag neemt, was vóór hij paus werd voorzitter van de “Congregatie van de geloofsleer”. Eind jaren 90 liet hij weten dat de “zaak” van bisschop Romero door die congregatie bestudeerd werd en hij beloofde er spoed achter te zetten. Maar nu stapt hij op en blijkbaar is hij die “zaak” helemaal vergeten.

Waarom heeft het Vaticaan en die congregatie de zaligverklaring van bisschop Romero gepolitiseerd of gemarginaliseerd? Het argument was plotseling dat de Salvadoranen een mirakel, gebeurd dankzij de tussenkomst van bisschop Romero, moeten aantonen. Dat is helemaal tegen de gewoonten is, want volgens de kenners is bisschop Romero een martelaar, en martelaars kunnen zonder mirakels zalig of heilig verklaard worden.

Er is dus iets anders aan de gang.

De kerkelijke hiërarchie van El Salvador spreekt met geen woord over de zaligverklaring en vraagt aan de mensen om “Monseigneur Romero niet in politieke zaken te betrekken”. Maar laat ons eens de zaken op een rijtje zetten:

  • Op 24 maart 1993 vraagt de congregatie aan El Salvador om het proces van de zaligverklaring van bisschop Romero formeel aanhangig te maken. De opvolger van Romero, Mgr. Rivera dient de formele aanvraag in.

  • Op 22 september 1993 wordt het “nihil obstat” (er staat niets in de weg) gegeven. De zaak kan van start gaan.

  • Op 12 mei 1994 wordt in El Salvador het Kerkelijk Tribunaal geïnstaleerd door Mgr. Rivera, die alle gegevens over het leven en de dood van bisschop Romero moet verzamelen.

  • Op 1 november 1994 sluit het tribunaal van El Salvador de zaak af. Alles wordt doorgestuurd naar de “Congregatie voor de zaken van de heiligen” in Rome. Mgr. Vincenzo Paglia wordt als “zaakvoerder” benoemd.

  • Op 4 juli 1997 wordt de zaak door het Vaticaan ontvankelijk verklaard.

  • In 1998 stuurt de congregatie van de heiligen de hele zaak door naar de congregatie voor de geloofsleer.

  • In 2001 besluit een commissie van “experts” van de congregatie voor de geloofsleer dat “bisschop Romero geen revolutionnaire bisschop was, maar een man van de kerk, van het evangelie en van de armen”.

  • In maart 2005 vragen verschillende kerkelijke groepen, inclusief de Jezuïeten, de zaligverklaring van de bisschop. De zaakvoerder laat weten dat er grote kans bestaat dat die binnen de 6 maanden rond is. In de grafkelder onder de kathedraal wordt een graftombe van bisschop Romero ingewijd.

  • Op 2 april 2005 overlijdt paus Johannes Paulus II. Onder zijn pontificaat is er dus niets gebeurd.

  • Op 18 juni 2005 ontvangt paus Benedicus XVI de toenmalige president van El Salvador (Antonio Saca, toen van de ARENA partij) en ze spreken onder andere over de zaligverklaring van bisschop Romero. In september van 2005 vergadert de president met de nuntius en ze hebben het opnieuw over hetzelfde onderwerp.

  • Op 29 juli 2005 geeft een katholieke zender in El Salvador het bericht dat er vooruitgang te bespeuren valt en laat weten dat het Vaticaan officiëel de bisschop erkent als martelaar.

  • Op 17 september 2005 belooft de zaakvoerder vanuit Rome dat we binnen een maand “goed nieuws” mogen verwachten.

  • Op 27 september 2005 laat Mgr. José Saraiva Martins, prefect van de Congregatie van de geloofsleer weten dat de optimistische visie van de zaakvoerder “mij niet helemaal overtuigt”.

  • Op 4 november 2005 publiceert een officiëel tijdschrift van het Vaticaan een artikel waarin ze zeggen dat het nog “jaren” zal duren alvorens de zaak van bisschop Romero rond is.

  • Op 25 maart 2006 zegt de toenmalige aartsbisschop van San Salvador, Mgr. Lacalle (Opus Dei), dat de zaak met een “slakkengangetje” vooruit gaat.

  • Op 9 april 2006 zegt kardinaal Saraiva dat er moet worden nagegaan of “bisschop Romero vermoord werd om politieke redenen of om kerkelijke redenen; en dat is een moeilijk zaak”.

  • Sinsdien geen nieuws meer vanuit Rome!

Na 33 jaar weten ze het in het Vaticaan nog niet. Voor moeder Teresa (met al haar verdiensten) of voor paus Johannes Paulus II hebben ze geen tijd nodig gehad. Wat het Vaticaan in 33 jaar niet heeft opgelost, heeft het volk van El Salvador in één dag opgelost. Voor de mensen hier is bisschop Romero, al vóór zijn dood: SAN ROMERO. Geen twijfel mogelijk. De heiligverklaring door de mensen was bovendien gratis.