'Ik herkende haar aan haar ogen'

Blog

Een verpleegster van AZG beschrijft hoe een diagnose het leven van een Pakistaanse patiënte voorgoed veranderde.

'Ik herkende haar aan haar ogen'

'Ik herkende haar aan haar ogen'
'Ik herkende haar aan haar ogen'

'Ogen zonder gezicht,' dat was wat ik dacht toen ik haar zag. Ik werkte als verpleegster bij Artsen Zonder Grenzen (AZG) in het West-Pakistaanse Kuchlak, niet ver van de grens met Afghanistan. Ze beschrijft de opmerkelijke transformatie van een compleet verminkte vrouw. 'Ze was besmet met een vleesetende parasiet en niemand wist ervan. Haar genezing betekende een heuse ommekeer in haar leven.'

Haar bruine ogen leken somber en lusteloos. Ze nam plaats voor me. Haar man zat rechts van haar. Hij nam het woord, wat hier gebruikelijk is. Minder gebruikelijk was dat haar gezicht niet was bedekt, hoewel er ook een man in de ruimte aanwezig was. Doorgaans krijg ik alleen twee ogen te zien achter een sluier. Nu lag haar sluier over haar schouders.

Ze was verminkt: in de plaats van een glimlach zag ik grote rode en gezwollen letsels, en ook aan haar jukbeenderen, wenkbrauwen, neus, voorhoofd en kin had ze wonden. Haar man sprak Pasjtoe tegen ons. Ze keek omlaag en toonde ons nog andere wonden op haar benen en armen. Haar hele lichaam was er al maandenlang mee bedekt.

Ze kwam naar ons toe om hulp te krijgen

De ziekte dreef deze vrouw tot wanhoop. Haar wanhoop was bijna tastbaar. Het begon bij één wonde, en al snel volgden er andere. Niet veel later was ze onherkenbaar. Ze huilde stilletjes terwijl haar man mij en de verpleger naast me vertelde over de vele, pijnlijke consultaties bij dokters en in klinieken. Niemand wist waaraan ze leed. De meest recente diagnose luidde lepra. Nu zocht ze hulp in de kliniek van AZG.

De meeste patiënten leggen lange afstanden af om onze kliniek te bereiken en gratis verzorging, geneesmiddelen of een antwoord op hun vragen te krijgen. Deze vrouw was hier echter voor meer. Ze was op zoek naar een reden om voort te leven. Door haar ziekte had ze immers alle hoop opgegeven. Haar gezicht was onherkenbaar geworden, en ze was niet langer zichzelf. Ze had geen zin meer in het leven. Haar man vertelde ons dat ze liever wilde sterven.

De diagnose die onze arts stelde, was inderdaad die van lepra, maar de patiënte was niet gekomen om de arts te raadplegen, wel om de verpleger te spreken. Hij werd ‘Kaka’ genoemd. Dat is Pasjtoe voor ‘oom’. Kaka was een oudere en meer ervaren verpleger. De mensen in de gemeenschap kenden hem goed. Hij was er geliefd en zijn kennis werd gewaardeerd. De vrouw en haar man wilden Kaka’s mening over de letsels horen.

‘Hij had nog nooit zoiets gezien’

Tot onze grote verbazing was de parasiet in elk van haar wonden aanwezig

De vrouw was het niet eens met de diagnose en dacht dat het eerder leishmaniase van de huid was, veroorzaakt door een parasiet. Die ziekte komt wel vaker voor in deze streek van Pakistan, en gaat vaak gepaard met wonden in het gezicht. De ziekte wordt overgedragen door een insect, de zandvlieg, en valt met injecties vrij gemakkelijk te genezen in de kliniek. AZG is een van de weinige organisaties in de streek die een behandelingsprogramma voor leishmaniase van de huid heeft.

Kaka leidt het programma en wordt beschouwd als een expert op het vlak van de ziekte. Hij keek me aan en vertelde me over de ziekte, de verwondingen, hoe de diagnose wordt gesteld en hoe de ziekte wordt behandeld. Volgens hem leed deze vrouw echter niet aan leishmaniase van de huid. Er waren te veel letsels. Hij had nog nooit zoiets gezien. Maar wat deze vrouw nodig had, was hoop en een reden om te leven. Dus liet Kaka haar onderzoeken op leishmaniase van de huid.

Het werd een pijnlijk onderzoek. De laborant moest weefsel wegnemen uit zo veel mogelijk wonden, om de aanwezigheid van de leishmaniaparasiet vast te stellen … een lang en pijnlijk onderzoek.

Tot onze grote verbazing was de parasiet in elk van haar wonden aanwezig. De vrouw had het bij het rechte eind, en wij hadden ongelijk: ze was besmet met een vleesetende parasiet, en niemand wist ervan.

We waren in shock. In de kliniek had men nog nooit zo’n ernstig geval gezien. Voor de vrouw was de diagnose synoniem met genezing. Op het programma stond een leeftijdsgrens van 45 jaar. Kaka en ik vermoedden echter dat ze een stuk ouder was. Door de vele letsels konden we immers maar moeilijk haar leeftijd inschatten. De mensen in deze gemeenschap hadden bovendien geen identiteitspapieren. We besloten haar toch te behandelen. Ze kreeg dagelijks injecties en werd ook psychologisch bijgestaan.

Hernieuwde energie en levenslust

Maanden later, toen ik hielp bij een programma voor ondervoeding in Kuchlak, kwamen een kind met zijn moeder en nog een andere vrouw langs. Toen ze vertrokken, stapte de vrouw naar me toe. Ze nam mijn gezicht in haar handen. Haar ogen straalden. Ze was jong en gelukkig. Ze zei iets in het Pasjtoe en keek me glimlachend aan. Kaka vroeg me of ik haar herkende.

Ik wist wie het was. Ik herkende haar aan haar ogen.

Nadat de letsels en de depressie werden behandeld, mocht ze het programma verlaten. Ze leek wel herboren, blaakte van energie en levenslust. De hoop die we haar gegeven hadden, zou haar eeuwig bijblijven.

Ik zag haar nog vaak in de buurt van de kliniek en telkens opnieuw nam ze mijn gezicht in haar handen. Tussen alle bedroefde blikken herinneren haar stralende ogen vol dankbaarheid ons aan het belang van ons werk.