Kafka leeft en is Congolees

Blog

Kafka leeft en is Congolees

Kafka leeft en is Congolees
Kafka leeft en is Congolees

Ik ken geen enkel ander land waar men zich zo verkneukelt in administratieve regels en procedures, maar als je beseft hoeveel geld ze opleveren, op en onder tafel, begrijp je wel waarom.

Het is om een punthoofd van te krijgen. Je kan in Congo geen activiteit opstarten of geen stap verzetten, of zwermen echte en valse ambtenaren weten je meteen te vinden. Als piranha’s storten ze zich op hun prooi.

Wat dit aan schade meebrengt voor de economie valt haast niet te becijferen. Alleen in de koffiesector al: zowat 50 verschillende papieren en handtekeningen zijn er nodig om een container te kunnen uitvoeren. Al die overbodige overheidsdiensten kosten geld, dus moeten ze wel belastingen heffen op de koffie om die nutteloze diensten te kunnen betalen. Daardoor is de koffie in Congo wel vijftien keer zo zwaar belast als in buurland Oeganda! Of hoe de Congolese Staat de competitiviteit van haar eigen koffie volledig ondergraaft. Bovendien moet voor elke handtekening nog een extra groen briefje worden opgehoest, zonder bewijsstuk ditmaal. Resultaat: meer dan 85% van de koffie wordt het land uit gesmokkeld en verandert van nationaliteit. De Staat misloopt grote bedragen aan uitvoerbelastingen door haar eigen kortzichtige regels. En om dat verlies te trachten goed te maken verhoogt ze dan maar de belastingen voor de weinige dapperen die nog de moed hebben om verder te gaan. Terwijl ondertussen de staatsdiensten zelf nog het lef hebben om ook de frauduleuze export te belasten, zonder evenwel de opbrengst over te hevelen naar de staatskas. Van een zelfmoordeconomie gesproken…!

Cijfers vervalsen

Een zakenman uit Bunia heeft het vorig seizoen geprobeerd. Zijn container koffie is langs officiële weg uitgevoerd, dat wel ja, het was ook de enige in heel Ituri, vorig jaar, en hij heeft er 20.000$ bij ingeschoten. Nooit zal hij zich hier nog aan wagen, heeft hij gezworen. Hij heeft ons gesmeekt om zijn koffiefabriek te gebruiken voor de coöperaties die we ondersteunen, zodat hij toch nog ergens een inkomen kan halen uit zijn investering.

Een ander kras voorbeeld beleefden we vorige maand: bij het invoeren van een performante rijstpelmachine had een douane-beambte zonder schroom de belastbare waarde van de machine veranderd van 16.000 $ naar 26.000 $. Inderdaad maar een kleine moeite, een 1 in een 2 veranderen, maar met schadelijke gevolgen voor een ondernemer die wil investeren.

NGOs geviseerd

De laatste tijd hebben de Congolese ambtenaren het ook gemunt op buitenlanders. Gisteren werd afgekondigd dat buitenlanders tot 15 juli krijgen om hun verblijfsstatuut te regulariseren. De maatregel blijkt zich in de eerste plaats tot de vele Rwandese grensarbeiders te richten: na het grensincident van twee weken geleden is dat blijkbaar de manier waarop nu vergelding wordt gezocht. Studenten, huispersoneel, kleine en grote handelaars, allen moeten ze voortaan afdokken om Congo binnen te komen. De maatregel staat volledig haaks op de afspraken binnen de Economische Gemeenschap van de Landen van de Grote Meren, die vrij verkeer van mensen en goederen toelaten tussen de drie lidstaten Congo, Rwanda en Burundi. Er blijft van de CEPGL dus helemaal niets overeind.

Ook de buitenlandse NGOs liggen sinds enkele maanden in het vizier van de overheid. Migratiediensten in het hele land kregen instructies om elke buitenlander die met een laptop rondloopt te interpelleren of hij een werk- en verblijfsvergunning heeft en niet zomaar een gewoon reisvisum. Tot drie keer toe heeft het hoofd Migratie van de luchthaven van Goma me zo urenlang in zijn kantoor vastgehouden voor een kruisverhoor en om me duidelijk te maken dat ik zonder die twee vergunningen niet het recht heb om in Congo te werken.

Als ik dat vertelde aan een Belg die voor een Zwitsers bedrijf werkt, haalde hij zijn schouders op. “Dat is toch zó opgelost? Je stopt hem 50$ in zijn pollen en hij laat je meteen doorgaan naar de vertrekhal. Hij is nu altijd vriendelijk tegen me”. Dat de privésector dat verderfelijk spel meespeelt, is hun zaak. Met het geld van een NGO kan ik me dat onder geen enkel beding veroorloven. We komen op voor structurele veranderingen, hoe kunnen we dan structureel onrecht ooit goedpraten, laat staan eraan meewerken?

De hongerige weg

Dus kan ik me niet meer met het vliegtuig verplaatsen binnenin Congo. “Dit is de derde en laatste keer dat ik je laat gaan”, had hij gedreigd, na urenlang bekvechten. “Volgende keer sla ik je in de boeien en word je gedeporteerd”.

Sindsdien heb ik dus geen voet meer in een vliegtuig gezet. Als ik naar Goma moet, zit er niets anders op dan langs de weg te reizen. Gelukkig zijn de M23 intussen verjaagd, maar helemaal veilig is de weg nog niet, getuige de aanslag op de Merode, de directeur van het Virungapark. Ook coupeurs de route en ander gespuis slaan er nog af en toe hun tenten op. Hun kosten/baten is gauw gemaakt: in een minibus zitten 18 reizigers die allen minstens één telefoon hebben en minstens elk 10 $ op zak hebben. Dus 180$ en 18 telefoons is de minimumbuit voor een overval. Aan de uitgavenzijde heb je hooguit een paar kogels en het huurgeld voor de wapens, max. 20$. De arbeidstijd blijft beperkt tot hooguit een kwartier. Een hoogst rendabele bezigheid dus.

To reside or not to reside?

Om een verblijfsvergunning te kunnen aanvragen moet je aan een serie voorwaarden voldoen. Eén daarvan is dat je NGO-werkgever een kaderakkoord met het Planministerie moet hebben ondertekend. Vredeseilanden heeft daartoe de procedure opgestart in 2006. Op 26 mei… 2014 is het eindelijk gelukt.

Link

Een hele collectie attesten en certificaten, zonder betekenis, maar wel veel geld voor betaald.

In tussentijd hebben we wel zes verschillende certificaten en registraties moeten aankopen, maar geen daarvan gaf recht op een verblijfsvergunning. En niemand heeft er ooit naar gevraagd. Allemaal verspilling van geld en energie.

Nu zou het dus moeten lukken. Een aanvraag kan evenwel enkel in Kinshasa gebeuren, nergens anders. Dat dit 2000 km ver ligt van Butembo, trekt niemand zich hier aan. Mijn collega Alphonse is gisteren naar Kinshasa op verlof vertrokken, bij zijn gezin dat in de hoofdstad verblijft. Ik heb hem mijn reispas meegegeven. Maar intussen kan ik dus niet meer reizen. Ook niet in het binnenland, want in elke haven of luchthaven moet je een reispas kunnen voorleggen.

Details

Mijn ondanks alles lichtjes toegenomen optimisme kreeg gisteren evenwel een nieuwe knauw. Drie dagen vóór het ondertekenen van ons kaderakkoord heeft de dienst Migratie een rondschrijven opgesteld, dat nu dus ook tot in Butembo is geraakt. De aanhef is letterlijk: “Rekening houdend met de toestroom van aanvragen voor verblijfsvergunningen vragen we aan alle indieners de volgende procedure te respecteren”. Volgt een beschrijving van zes stappen. Als elke stap zelfs maar één maand zou duren (wat onwaarschijnlijk kort lijkt), heb ik ten vroegste over zes maanden een verblijfsvisum. En al die tijd zal mijn reispas in Kinshasa vastzitten.

Laat ons eens naar de details kijken.

Link

De nieuwe procedure. Tijd om ons schrap te zetten voor nog meer Kafka.

In elk land ter wereld begint de procedure met het invullen van een aanvraagformulier. Niet zo in Congo. Hier begint ze met het aankopen van een aanvraagformulier. Je moet het recht om een visum te mogen aanvragen dus afkopen.

Een officieel stuk, zoals een uittreksel uit het strafregister, uitgeschreven dus door een officiële legale instantie, moet nog eens gelegaliseerd worden (tegen betaling uiteraard).

Tussen de lijntjes…

Er staat heel uitdrukkelijk bij dat de dossiers geval per geval worden bekeken. Welke administratie doet dat niet? Waarom moet dat in de procedure worden vernoemd? Welke reële boodschap zit er achter dat zinnetje? Ik kan het wel al raden.

“Dossiers waarin onregelmatigheden rond verblijf of visa worden aangetroffen worden geschorst”. Dat wordt dus zowat elk dossier, denk ik dan, want zo goed als geen enkele NGO is er ooit in geslaagd al die papieren in orde te krijgen en is dus de facto in overtreding omdat de administratie zelf haar deel van het werk niet doet. Wellicht met opzet overigens, want dat geeft meteen ook weer vrij spel om de handen onder de tafel te spreiden.

“Wie over een interministerieel besluit beschikt wordt vrijgesteld van dossierkosten”, volgt nog. Het zal ons wellicht nog verschillende jaren kosten om dergelijk IMB in handen te krijgen, als het al ooit zou lukken. Dus, vergeef het me, ik zie het allemaal even niet meer zitten.

Ik ben de laatste om te beweren dat het voor een Congolees makkelijk is om een Schengen visum te bemachtigen, maar als je de voorschriften correct opvolgt, kan het heel snel gaan. Onlangs heb ik drie visumaanvragen van Congolezen van nabij opgevolgd, en onze ambassade in Kampala heeft die alle drie binnen de week vlot toegekend.

Betalen, betalen, betalen

De klap op de vuurpijl is deze: om Congo te mogen verlaten zal ik voortaan ook een uitreisvisum nodig hebben. En uiteraard kost ook dat geld. Bovendien, zo werd me gemeld, heeft die maar een houdbaarheidsdatum van 7 maanden en moet die verplicht vernieuwd worden, zelfs al heb je intussen nooit het land verlaten of ben je dat in die periode ook niet van zin.

Ik zie dus al wat me te wachten staat: eerst betalen om te mogen betalen voor een visum. Dan betalen voor het visum zelf, en dan betalen om het land te mogen uitreizen.

In afwachting van al die “voorrechten” ben ik de virtuele gevangene van de Congolese bureaucratie. Een vreemd besef, zo vlak na de 54ste verjaardag van de Congolese onafhankelijkheid.

Dat was gisteren

Er hing een voorgevoel over mij dat ik deze blog nog niet meteen moest posten. Dat er al snel een vervolg zou op komen. Vandaag werd het al bevestigd. De DGM is van oordeel dat ik moedwillig nagelaten heb om mijn papieren in orde te brengen vanaf de eerste datum in mijn reispas op Congolees grondgebied. Dat is 16 maanden geleden. Drie opeenvolgende reisvisa van zes maanden elk staan er in mijn paspoort. Dergelijke grove overtreding van de wet (zie je ze al handenwrijven?) moet zwaar bestraft worden. Per maand eisen ze een nalatigheidsbelasting van 400 $. Met andere woorden in totaal 6.400 $ (5.000 €). Daarmee geven ze nog maar eens een overduidelijk voorbeeld van hoe een roofstaat precies tewerk gaat. Pakken zullen ze je, wat je ook doet. Je komt altijd in hun Kafkaiaanse tang terecht.

Dat hun eigen reglementen voorschrijven dat een aanvraag voor een verblijfsvergunning enkel en alleen kan gebeuren mits eerst een kaderakkoord met het Planministerie wordt ondertekend, en het dus voor mij absoluut niet mogelijk was om vóór 26 mei 2014 een aanvraag in te dienen, daar hebben ze geen oren naar. Piranha’s hebben immers geen oren.