Over slaven en kippen in Brazilië

Blog

Over slaven en kippen in Brazilië

Over slaven en kippen in Brazilië
Over slaven en kippen in Brazilië

Vandaag is het 'Tiradentes': nationale feestdag, omdat lang geleden een tandarts uit Minas Gerais het verzet organiseerde tegen de Portugese kolonisator. De man werd opgehangen, maar dat deert de Brazilianen niet om een brug te maken: een 'feriadão'. Brazilianen zijn tuk op feriados/verlofdagen. Het wordt nog leuker als zo'n dag op dinsdag of donderdag valt. Dan kan je een lange feriadão nemen. Ideaal dus om naar het strand te trekken.

Ik ben al van zondag in Recife. Er zit niets anders op dan van twee dagen stil te vallen. Welverdiende rust?

Morgen begint het terug met een palestra in de rurale universiteit van Recife en ‘s avonds een avond met de vegetariërs van hetzelfde Recife in Boekhandel Cultura.

Ik word gastvrij ontvangen bij Tiago Franca Barreto en Bárbara Bastos, een veganistisch koppel. Beiden doctoreren: Bárbara over de groeidwang in bedrijven en organisaties met haar inzet of het niet anders kan; Tiago over ‘dieren eten en ethiek’. Argumenten om vegetariër te worden.

Gesprekken ontwikkelen zich over en weer, o.a. over de nieuwe vormen van slavernij. Tiago stelt dat meer dan 50 % van de huidige slavernij zich in de  veehouderij bevindt. ‘Ja, da’s dan Brazilië’ kan je zuchten, maar hoe zit dat in Europa? De vleesprijs in België komt al jaren onder druk te staan, deels omdat in de Duitse slachthuizen slachters tegen minimumlonen moeten werken. ‘Maar dat is toch nog geen slavernij?!’

Naar schatting 1.500 mensen in België verkeren in een toestand van ‘moderne slavernij’. Dat zegt de Walk Free Foundation, een ngo die jaarlijks een Global Slavery Index opstelt om de problematiek van slavernij in beeld te brengen. Wereldwijd waren er anno 2014 volgens de organisatie liefst 35,8 miljoen ‘moderne slaven’(2).

Slavernij gisteren

Als Recife en omstreken naar het strand trekt, dan is dat bij voorkeur naar de ‘Porto de galinhas’. Het gaat om een natuurlijke haven, omwille van de versteende koraalriffen, de ‘recifes’. Het is een kuststadje vol met grote, kunstzinnig gemaakte kippen in de straten en kleine kippen in de soevenirswinkels. Honderden buggy’s met joelende Brazilianen rijden door de duinen, in de straten, langs de opgeschrikte kippen.

In de koloniale tijd ging het vooral om slaven die vanuit Angola gedeporteerd werden.

Werden hier dan indertijd écht kippen aangevoerd? Nee, in de koloniale tijd ging het vooral om slaven die vanuit Angola gedeporteerd werden. Als er weer een volle lading aankwam, werd er geroepen: ‘Er zijn terug kippen!’: ‘Galinhas de Angola’/’Parelhoenen’ in het Nederlands. Is het niet wat cynisch om hier nu alles rond de kip te organiseren? De slaven en hun afstammelingen (die hier komen zwemmen) verdienen wat meer ingetogenheid om wat hier gebeurd is. Toch koop ik een kippetje in keramiek voor abt Jos in Averbode. Hij houdt al 25 jaar vrije Brabantse hoenders.

Over naar Salvador da Bahia. Daar is het zo mogelijk nog erger. De gidsen in Pernambuco zeggen tenminste nog dat ‘kippen’ een schuilnaam was voor Afrikaanse slaven. In Salvador/De Redder krijgen we een historische rondleiding van Eduardo Hoornaert. Langs cruciale plekken van de koloniale tijd met zijn ruggengraat: de slavenhandel. Zo gaan we naar de ‘Solar da Unhão’. Het betreft een mooi gebouw aan de zee. Oorspronkelijk, begin 16e eeuw, was het van de plaatselijke Benedictijnenabdij. Nadien van een handelaar in Braziliaanse stenen. We drinken iets in het café-restaurant dat in de buik van het gebouw is ingericht. Met zicht op zee vragen we de ober naar de geschiedenis. Hij mompelt iets van een suikerfabriek en dat er ook slaven waren. Fier geeft hij een print van de geschiedenis. Geen woord wordt er in het document gerept over de stenen- en slavenhandel. Wel een uitvoerige uitleg over welke kunstzinnige mensen hier al wel niet verbleven hebben, want het is nu het ‘Museum van moderne kunst’.

Herman Wauters merkt terecht op: ‘Is dit geen heiligschennis? Het is te vergelijken met als zouden wij in Breendonk een café zouden inrichten op de plek waar de Duitse nazi’s mensen martelden en gevangen hielden.’

Stenen en kippen. Wie heeft het hier over slaven?

De Britten hebben eeuwenlang mee geprofiteerd van de slavenhandel, maar waren gaandeweg in de 19e eeuw verontwaardigd over deze mensonterende handel. Al was hun verontwaardiging wat hypocriet (ze konden door de industriële revolutie bijvoorbeeld in de mijnen slaven vervangen door machines en de suikerproductie was dankzij de slaven in Brazilië goedkoper dan in de Britse kolonies), vanaf 1850 werd de internationale trafiek verboden. Brazilië schafte de slavernij officiëel af in 1888. Officiëel, want bij de ‘steenhandelaar’ in Salvador-de-Redder kwamen jaren later nog stiekem scheepsladingen vol Afrikaanse stenen aan. In de Kippenhaven bleven ze nog jarenlang roepen dat aan de einder kippen verschenen.

O! Wat mooi

Bij het wegrijden zie ik op een knalgele buggy de slogan staan: ‘O homen sonha, Deus realiza./De mens droomt, God realiseert’. Wat verderop is het gehucht ‘Nossa Senhora do Ô’: ‘Onze Lieve Vrouw van de O’. Een erfenis van de Portugezen, zoals later ook ‘Nossa Senhora de Fátima’ werd ingevoerd. De ‘Ô’ spreekt me wel wat meer aan. ‘O’ van verwondering is het mooiste gebed dat er bestaat. Ô Linda (O, zo mooi!) riepen de Portugezen uit, toen ze de kust van Pernambuco bereikten.

Zou religie het laatste houvast kunnen zijn, als de ontmenselijking compleet is?

Het werd het latere Olinda, waar vier eeuwen later (Dom) Hélder Câmara aartsbisschop werd. Ik sta nog altijd in verwondering/bewondering over hoe hij consequent koos voor armen en verdrukten. Hij was helemaal niet ‘dom’, maar heel helder in wat hij in beweging bracht. ‘O’ is ook van de O-antifoon die een week lang vóór Kerstmis o.a. in de abdij van Averbode wordt gezongen. Opdat met Kerstmis nieuw leven en hoop zou kunnen geboren worden.

De ‘O’ heeft volgens een eerder biologische interpretatie te maken met de eeuwenlange ‘strijd’ tussen de christelijke Maria met de grote godinnen van het cultuurgebied rond de Middellandse Zee en het Midden Oosten, met Isis (moeder en kind), Demeter (moeder in overvloed, met vele borsten), enz. In de Middeleeuwen ontstonden in die lijn de O-antifonen, om de schoot te openen voor de geboorte van het kind Jezus.

Wie staat er in de kiekenshaven nog stil bij wat deze Afrikaanse voorgangers verwonderde? Waar waren ze opgetogen over? Wat waren hun dromen in het leven? Zo bezochten we in Salvador nog de ‘Rosário’, de kerk van de rozenkrans. Een kerk van en voor de slaven. Zij vielen er in verwondering voor hun eigen, zwarte heiligen. Zou religie het laatste houvast kunnen zijn, als de ontmenselijking compleet is? De laatste ‘loopgracht’ in tijden van slavernij, zoals de Franse marxist Roger Bastide het verwoordde. Hij was onder de indruk van de Afro-religie Candomblé in Brazilië. Een marxist wiens mond in ‘O’ openviel voor hoe ‘ontzag voor het heilige’ mensen houvast kan geven. Het moet niet per se ‘opium van of voor het volk zijn’. Bloemen kunnen uit de modder van mensonwaardigheid opbloeien.

Deze bijdrage werd geschreven door Luc Vankrunkelsven.