Protest in Peru, ‘land van verkrachters’

Blog

Protest in Peru, ‘land van verkrachters’

Protest in Peru, ‘land van verkrachters’
Protest in Peru, ‘land van verkrachters’

Tijdens de volkstelling in Peru afgelopen zondag werd een van de vrijwilligsters verkracht terwijl ze haar werk deed. Overal in het land komen organisaties en personen nu in opstand onder het motto ‘Peru, land van verkrachters’.

Zondag 22 oktober. Dag van de nationale censo, de volkstelling. Niemand mag die dag een voet buiten de deur zetten, en vrijwilligers trekken van huis naar huis om de inwoners een vragenlijst bestaande uit 47 vragen voor te schotelen.

Vierden we eerst nog dat het INEI, het Nationale Instituut van Statistieken en Informatica dat de volkstelling organiseert, de vraag in de lijst opnam hoe inwoners van Peru zichzelf zouden identificeren – Quechua, Aimari, inheems uit het Amazonegebied, zwart, mulat, Afro-Peruaans, blank of mesties – staan we vandaag luidkeels voor de deur van het instituut te protesteren. Want tijdens de volkstelling werd een vrouwelijke vrijwilliger verkracht terwijl ze haar werk deed. En het INEI vraagt om te zwijgen.

Vraag om gerechtigheid

Zo’n 585 000 vrijwilligers werden door het INEI aangesteld om de volkstelling op zich te nemen. Zestig procent van die vrijwilligers waren vrouwen. Van acht uur ‘s ochtends tot vijf uur ‘s avonds gingen ze alle huizen van Peru langs om de inwoners aan hun vragen te onderwerpen. En om half twaalf die ochtend ging het mis.

Met geweld trok hij de vrouw zijn slaapkamer in en gooide haar op bed

Ten zuiden van Lima, in Villa El Salvador, werd een 37-jarige vrijwilligster verkracht. Toen ze opstond nadat ze haar vragen had afgerond, haastte de 45-jarige ondervraagde zich om zijn deur op slot te draaien. Met geweld trok hij de vrouw zijn slaapkamer in, gooide haar op bed, ontdeed haar van haar kleding en verkrachtte haar.

In een land waar seksueel geweld zo ongelooflijk veel voorkomt, hadden vrouwelijke vrijwilligers bescherming horen te krijgen wanneer ze alleen de huizen van wildvreemden moeten betreden. En die bescherming ontbrak.

Het slachtoffer gaf het INEI dan ook aan bij de politie wegens gebrek aan veiligheid en bescherming, waarop het INEI er bij het slachtoffer en haar broer op aandrong de zaak stil te houden. Een functionaris van het instituut bood hun in ruil zelfs duizend soles (250 euro) zwijggeld aan. Maar het slachtoffer wil gerechtigheid. En het hele land trekt nu met haar in opstand.

© Derechos Humanos Sin Fronteras

Zo’n veertig vrouwen protesteerden in Cusco voor de deur van het INEI

© Derechos Humanos Sin Fronteras​

Protest

In Lima, in Cusco, in Arequipa, in Chiclayo, overal verspreid over Peru organiseren organisaties protesten voor de deuren van de kantoren van het INEI. Bovendien was de verkrachting niet het enige geval van misdrijf tijdens de volkstelling afgelopen zondag. Zo werd een vrijwilligster van amper achttien jaar ook aangevallen door een man op straat toen ze langs de huizen trok.

Aangezien het INEI geen stappen ondernam om hun vrijwilligers dit weekend te beschermen, keert de woede zich – terecht – naar hen toe. Derechos Humanos Sin Fronteras, partner van Broederlijk Delen in Cusco, nam gisteren deel aan het protest hier in Cusco. En dat deed ik ook.

Een week geleden deelden we allemaal en overal ter wereld nog massaal de hashtag #metoo op sociale media

Een week geleden deelden we allemaal en overal ter wereld nog massaal de hashtag #metoo op sociale media. Gisteren stonden we te kijken hoe er onder luid gekrijs een verkrachting werd nagebootst voor de deur van het INEI. Nepbloed vloeide, het slachtoffer huilde haast echt en nadat de media ons de afgelopen dagen gedwongen hebben na te denken over onze eigen ervaringen, deed het beeld ons nog meer huiveren.

Hier op kantoor deelde iedere vrouwelijke medewerker de hashtag. Eén mannelijke collega zelfs ook. We hebben het allemaal meegemaakt. Overal ter wereld. Hier in Peru, daar in België.

© Derechos Humanos Sin Fronteras

Een verkrachting werd nagebootst voor de deur van het INEI in Cusco

© Derechos Humanos Sin Fronteras​

De ontelbare keren

En de hashtag heeft ons doen nadenken. Heeft mij doen nadenken. Over die keer toen ik vijftien was en iemand op een scoutsfeestje – op zo’n verdomd scoutsfeestje dat zich altijd op de meest onmogelijke en verst afgelegen locaties afspeelt – zijn hand onder mijn rokje stak, en ik het afdeed als normaal. Er was immers niets gebeurd. Over die keer dat een vrachtwagenchauffeur zijn wagen uit sprong en ons het bos in volgde onderweg naar huis in het eerste middelbaar. En hoe we de volgende dag opnieuw langs datzelfde bos fietsten. Want er was immers niets gebeurd.

Het deed me nadenken over die keer dat iemand zijn hand tussen mijn benen stak op de bus en iedereen het zag, maar niemand iets deed

Het deed me nadenken over die keer dat een taxichauffeur de deur op slot deed en me betastte, maar ik hard genoeg kon schreeuwen en de security me te hulp snelde. Over die keer dat iemand naakt voor me stond en om een blowjob smeekte. Over die keer dat een man mijn borst greep in plaats van mijn hand bij een begroeting. Over die keer dat iemand zijn hand tussen mijn benen stak op de bus en iedereen het zag, maar niemand iets deed.

Het deed me nadenken over de ontelbare keren dat ik geluk heb gehad, terwijl genoeg anderen dat niet hadden. Over hoe weinig we praten over wat ons overkomt. Over hoe weinig we ondernemen als we meisjes zien lastig gevallen worden op straat. Het is normaal geworden.

© Derechos Humanos Sin Fronteras

‘Dringend chemische castratie!’

© Derechos Humanos Sin Fronteras​

Opnemen voor elkaar

Het deed me nadenken over die keer dat een man me klem duwde in de hoek van een bushalte, me de bus op volgde en niemand, niémand, iets deed. De buschauffeur niet, die alleen zijn wenkbrauwen optrok nadat de man met een gure glimlach ‘Je vais avec toi’ fluisterde. Het koppel niet, dat zag hoe ik zijn hand van me af bleef duwen en bleef zeggen dat hij me met rust moest laten terwijl ik hardnekkig het raam uit bleef staren en hij ongegeneerd opmerkingen over mijn borsten bleef maken. Het was putje winter en ik droeg mijn dikste jas en sjaal. Veel van die borsten viel er niet te zien. Sowieso al niet, eerlijk gezegd.

Maar het deed me ook nadenken over die keer hier in Cusco, toen een gezellig dikke inheemse vrouw een man hard op het hoofd mepte toen hij het waagde te blijven roepen naar mij op straat

‘Moeten we haar niet helpen’, hoorde ik het meisje dan toch zeggen. Ik herinner me dat ik glimlachte, knikte, wuifde dat ze met me zou komen praten. ‘Nee’, schudde de jongen. En het koppel stapte de bus af.

Uiteindelijk werd de man het beu en schreeuwde voor de hele bus dat ik het zelf maar moest weten, dat ik egoïstisch was, dat hij nu op een verkeerde bus zat speciaal voor mij. Alsof ik dit wou. De bus staarde. En geen enkele persoon die iets zei.

Maar het deed me tegelijkertijd ook nadenken over die keer hier in Cusco, toen iemand wél ingreep, en toen een gezellig dikke inheemse vrouw een man hard op het hoofd mepte toen hij het waagde te blijven roepen naar mij op straat. En over hoe we allemaal net als die vrouw moeten zijn, en het moeten opnemen voor elkaar.

Peru op straat

En dat hebben verschillende organisaties hier in Peru heel goed begrepen. Net omdat we allemaal nog maar pas opnieuw zijn wakker geschud, denkend aan onze eigen ervaringen - ook al is er ‘niets gebeurd’ - komt het des te harder aan. Nu wordt er wél iets gedaan. Peru is die vrouw.

Organisaties als Ni Una Menos zijn er telkens snel bij om zaken aan te kaarten en aan te vechten en organiseren protesten en marsen. Verschillende instituties als Derechos Humanos Sin Fronteras bieden maar wat graag hun hulp aan en maken en publiceren video’s, foto’s, artikels, hele campagnes rond het thema. Er mag niet langer gezwegen worden. Eind november organiseert Ni Una Menos de tweede mars dit jaar: ‘De zaken zijn niet veranderd, we keren terug naar de straat.’

Het (seksuele) geweld tegen vrouwen is aanwezig op alle vlakken in de samenleving en moet aan het licht gebracht worden. Meer nog: er moet komaf mee gemaakt worden.

De kreten van Ni Una Menos zijn weer te horen op straat in Cusco. En de politie verzamelt zich voor de deur van het INEI. Om – oh ironie – aan hen nu wel bescherming te bieden.

Bekijk hier de video van het protest in Cusco op maandag 23 oktober.