Allemaal voor uw gezondheid

Column

Waarom heeft men al die tijd gezwegen over de PFOS-vervuiling?

Allemaal voor uw gezondheid

Allemaal voor uw gezondheid
Allemaal voor uw gezondheid

Ze zeggen dat volksgezondheid het allerbelangrijkste is. Iedere politicus had het de voorbije weken benadrukt, telkens het over de PFOS-vervuiling ging. MO*columniste Tine Hens twijfelt aan de oprechtheid van die bewering. ‘Als dat zo was, dan lagen de graafwerken aan de Scheldetunnel nu stil.’

© Brecht Goris

Tine Hens

© Brecht Goris

Ze zeggen dat de volksgezondheid het allerbelangrijkste is. Iedere politicus heeft het de voorbije weken benadrukt telkens het over de PFOS-vervuiling ging. MO*columniste Tine Hens twijfelt aan de oprechtheid van die bewering. ‘Als de gezondheid werkelijk prioritair was, dan lagen de graafwerken aan de Scheldetunnel nu stil.’

Daar stond de vrouw. Op een met gras begroeide berg aarde, achter een inderhaast gemonteerde microfoon, met een kind van enkele maanden oud in een draagzak tegen haar hart gebonden.

Ze vertelde hoe ze sinds kort gruwde van de grond in haar tuin. Ze wist niet hoe ze het zou doen. Moest ze haar zoon weghouden uit de tuin van zodra hij kon kruipen? Hem het genot ontnemen van te ontdekken, van met de handen in de aarde te wroeten, te peuteren naar mieren en pieren, moest ze hem opvoeden in angst voor wat niet zichtbaar maar wel aanwezig was?

PFOS. Een onverwoestbare, onverslijtbare chemische verbinding. De vrouw woonde in een straal van minder dan drie kilometer rond de fabriek van 3M die tot 2002 dit wonder van een bepaald soort menselijk vernuft produceerde. PFOS is geschikt om uitslaande branden te doven, water af te stoten en te kleven zonder te hechten. Een stof ook die zich opstapelt in aarde en water, in koolmezen en zeehonden, in eieren en in mensen. Onderzoeken wijzen uit dat deze eeuwige, chemische stof de immuniteit van mensen aantast en de hormonenhuishouding verstoort. En dat zijn enkel de zekere nevenverschijnselen.

‘Ze zeggen dat de volksgezondheid het allerbelangrijkste is.’ Iedere politicus had het de voorbije weken benadrukt. Overal hadden ze het herhaald. De volksgezondheid is prioritair. In televisiestudio’s hadden ze het belang van de gezondheid nog eens bezegeld met een vuistslag op tafel, als om te onderstrepen dat het hen menens was en dat wie anders beweerde, hardhorig of van slechte wil was.

De vrouw was geen van beide. Ze had slechts één vraag: ‘Als onze gezondheid zo belangrijk is, waarom heeft men dan al die tijd gezwegen?’

Niet de gezondheid van het natuurlijk weefsel is prioritair, wel die van de economie die we opgetuigd hebben.

Want ja, als de gezondheid werkelijk prioritair was, dan lagen de graafwerken aan de Scheldetunnel nu stil. Maar dat, liet de burgemeester van Antwerpen — tevens partijvoorzitter en volksvertegenwoordiger — weten, zou niet gebeuren. Nee, de gevolgen van het schrappen van de werken aan de Oosterweelverbinding zijn in zijn berekeningen vele malen groter dan de vervuiling van mens, dier en natuur door PFOS.

Men moest, nog volgens zijn berekeningen, ook niet overdrijven. Ja, er zat PFOS in de grond, maar men wist verdraaid goed hoe men daarmee moest omgaan. De burger kon op beide oren slapen en zou ontwaken met een geweldig leefbaarheidsproject naast zijn deur. Want zo wordt de snelweg rond Antwerpen tegenwoordig genoemd. Een leefbaarheidsproject. Goed voor gezondheid, welzijn en klimaat.

Ik weet niet eens of het orwelliaans of kafkaësk is, grotesk is het in ieder geval. Een snelweg die er vooral voor moet zorgen dat meer auto’s en vrachtwagens vlotter rond Antwerpen rijden en daarbij de lucht extra vervuilen, is geen anachronistisch bouwproject dat inzet op de transportmiddelen waar we net minder van nodig hebben, nee, het is een zegen voor de volksgezondheid. Want onze gezondheid is hun prioriteit.

Het is een mantra die herhaald wordt zoals je een kind dat bang is in het donker in slaap sust. Want niet de gezondheid van het natuurlijk weefsel is prioritair, wel die van de economie die we opgetuigd hebben. Een economie waar tijd geld is geworden en waar goederen asap van punt A naar punt B verplaatst moeten worden.

‘Als gezondheid het belangrijkste was,’ schrijven Walter Breukers en Jaap Godrie in het vermakelijke Verslaafd aan oneindigheid. Geschiedenis van het gevaarlijkste idee ooit, ‘zouden er geen uitlaatgassen zijn, geen structurele stress, geen burn-outs, glyfosaat, microplastics, klimaatcrisis, verlies van biodiversiteit, ongezonde relaties met andere levensvormen, vliegverkeer. Als gezondheid het allerbelangrijkste is, dan is het onverklaarbaar dat we zo’n ziekmakende wereld hebben gecreëerd.’

Als gezondheid werkelijk prioritair is, dan wuifden we vervuiling niet weg als de prijs die nu eenmaal betaald moet worden voor een bepaalde vorm van levensstandaard.

Nou, nou, hoor ik menig mens nu schuifelen, dat is toch wel vergaand en behoorlijk radicaal. Hoe kunnen we nu leven zonder vliegverkeer? Zonder microplastics of glyfosaat? Hoe kunnen we al die mensen voeden als we onze velden niet vol kunstmest spuiten en het ongedierte niet simpelweg doden?

Als gezondheid werkelijk prioritair is, is het misschien wel eens tijd om ons over die vragen te buigen, in plaats van te blijven pleisters kleven op etterende wonden, in plaats van te geloven dat je vervuilde grond in plastic kan verpakken of te beweren dat meer wegen uiteindelijk de oplossing zijn.

‘Gezondheid,’ gaan Breukers en Godrie verder, ‘gaat over het hele weefsel, het hele lichaam en de omstandigheden waarbinnen het leven kan floreren.’

Als gezondheid werkelijk prioritair is, dan stond de zorg centraal voor deze wereld waarin we samen met andere levensvormen leven. Dan wuifden we vervuiling niet weg als de prijs die nu eenmaal betaald moet worden voor een bepaalde vorm van levensstandaard, maar beschouwden we iedere vorm van vernietiging en ziekmakende vervuiling als een aanslag op het leven.

Tot het zo ver is, kan ik niet anders dan bij iedere politicus die met uitgestreken gelaat beweert dat gezondheid voorop staat, denken aan Aleksandr Kupny. Al meer dan veertig jaar daalt hij dagelijks af in de sarcofaag van Tsjernobyl om er opnames te maken. In het begin controleerde hij nauwgezet zijn stralingsdosis. Tot een collega opmerkte: ‘Waarom doe je dat? Wat goeds levert het je op om dat te weten? Hoe minder je weet, hoe beter je slaapt’.

En dat is waarschijnlijk het antwoord op de vraag van de vrouw. Waarom men al die tijd zweeg? Wie weet, ligt daar ’s nachts wakker van. En van onrustige burgers worden politici zenuwachtig. Want wat als blijkt dat gezondheid toch niet zo prioritair is?