Geschiedenis is theater

Sidi Larbi Cherkaoui zit in Londen te worstelen met enkele zwarte bladzijden uit de Belgische geschiedenis, meerbepaald de koloniale uitbuiting van Congo en de moord op Patrice Lumumba, en hij komt tot de vaststelling dat geschiedenis en theater belangrijke gelijkenissen vertonen.

Terwijl ik dit schrijf, juni anno 2013, werk ik met de Britse regisseur Joe Wright in de Young Vic in London aan “A Season in the Congo” van schrijver Aimé Césaire. Het onderwerp van het stuk is de opkomst en val van Patrice Lumumba; de beroemde Congolese onafhankelijkheidsleider, de eerste democratisch verkozen premier van de Republiek Congo. In het stuk komt hij over als een gepassioneerde idealist die al snel onbewust z’n eigen ondergang ensceneert: nadat hij mee geholpen had Congo onafhankelijk te maken van België in juni 1960, werd hij uit de regering gezet tijdens de Congocrisis, gevangen genomen, gefolterd en geëxecuteerd onder het bevel van separatistische Katangese autoriteiten - en dit alles met de hulp van buitenlandse regeringen, onder andere, of misschien vooral, de Belgische. Was hij té onafhankelijk, té ambitieus, had hij té veel socialistische neigingen…? Lumumba zat in een web groter dan hij zich kon inbeelden. Het werd z’n ondergang.

Sterfdag wordt feestdag

De westerse wereld is en blijft zichzelf als een computervirus overschrijven op de complexe realiteiten van andere ideologieën of culturen, maar de koloniale en “postkoloniale” periode zijn waarschijnlijk wel het toppunt geweest in dat gedrag. Mind you, Lumumba heeft in’t echt of toch zeker in dit theaterstuk, met z’n politiek schaakspel erg veel inschattingsfouten gemaakt; z’n hele handelen leek berekend, doch was evenzeer impulsief, op bepaalde momenten haast onervaren. Hij had al de kenmerken van iemand die de systemen van het Westen begreep, vermengd met een diepe nood aan Pan-Afrikaanse solidariteit en onafhankelijkheid. En macht?  Zoals een Malcolm X, was hij bevlogen; hij kwam op met grote uitspraken, grote daden. Geliefd door het volk maar gewantrouwd,  zelfs gehaat door sommigen van de politieke “intelligentsia” en tot slot verraden door z’n entourage, onder andere de controversiële journalist/soldaat Mobutu -die jaren aan de macht zal blijven, zelfs gebruik makend van Lumumba’s populariteit na z’n dood. Lumumba’s sterfdag is meteen een “feestdag” geworden in Congo onder Mobutu’s bewind, zo zie je maar.

Relevante geschiedenis

Césaire schreef dit stuk in 1966. Amper 5 jaar na de feiten verduidelijkt hij in dit heldere theaterstuk al de manipulaties en het opportunisme van de grote westerse machten, de VS, de VN, en de reactionaire standpunten van Rusland. De weerslag van het kolonialisme, de honger naar macht en rijkdom, alsook hoe kleine acties of vergissingen, enorme gevolgen kunnen hebben, hoe je door idealisme en persoonlijke ambitie je eigen doodvonnis kunt schrijven, je voelt het allemaal onderliggend in de tekst. Welnu, 45 jaar later, heeft het theaterstuk nog niets aan kracht en waarde ingeboet. Kunstbeleving -hier specifiek een toneeltekst-is de beste geschiedenisles, lijkt me. Wat een stuk, wat een geschiedenis…

Bepaalde waarheden, hoe pijnlijk ook, komen blijkbaar altijd weer boven water drijven.

Joe, gewoonlijk een filmregisseur, maar die ditmaal voor live theater, muziek en beweging koos, trok enkele maanden geleden naar Kinshasa en kwam terug naar Londen met twee ongelofelijke Congolese muzikanten die hij daar toevallig ontmoet had. Terwijl het stuk ons inzicht geeft in het Kinshasa van weleer, terwijl we boeken verslinden en webpagina’s delen en verteren over het verleden, vertellen de muzikanten Kasby en Kabongo in geuren en kleuren over het hedendaagse Congo. Plus ça change, plus ça reste la même chose. Congo heeft veel identiteiten en namen gehad in de loop van de tijd, vertellen ze ons, maar zelfs het huidige politiek bewind creëert geen werkelijk gevoel van verandering, alles en iedereen leek het Congolees volk te beroven van hun bezittingen. Terwijl Joe aan hen uitlegt hoe hij ook wel het stuk naar het hedendaagse Kinshasa wil laten refereren, spreken zij over een verlangen enkel over het verleden te praten om zo geen “problemen” te krijgen als ze terug gaan naar Congo. Twee maten, twee gewichten. Surreëel voor een blanke Brit om angst te hebben voor de politiek die aan de macht is, terwijl in Centraal-Afrika voor een zwarte straatzanger een politieke opinie een zaak van leven of dood kan betekenen. Joe zelf gaf toe dat z’n bezoek aan Kinshasa een fantastische ervaring was. Hij was niet bang van zwervers of bedelaars op straat, maar eerder van de politieagenten die als wolven de straten afschuimen. Hij vertelde met passie over al z’n ontdekkingen daar. Zo ontmoette hij ook de vrouw van Lumumba. Veel zei ze niet, veel wou ze niet meer vertellen, maar toen Joe haar vroeg wat de mooiste herinnering was die ze had, was dat haar trouwdag met Patrice…

Eigen herinneringen

De verhalen lopen als rivieren naar de zee. Feiten, mythes, roddels en politieke intriges, alles vermengt zich in m’n hoofd. Maar belangrijke zaken blijven bovendrijven, hoe de keerzijde van de medaille eruitziet wordt steeds duidelijker. Zo herinner ik me uit m’n eigen Vlaamse jeugd het beeld van koning Boudewijn als liefdevolle vaderfiguur van de Belgische Natie. M’n moeder was dol op hem, we hadden zelfs foto’s van hem en koningin Fabiola. Als kind herinner ik me ook het verdriet van het volk, van m’n ma ook toen ie stierf. Maar hier, in deze context, in dit theaterstuk, ontmoet ik een hele andere Boudewijn; zijn speech is het toppunt van westerse arrogantie. Enkel onderstrepend alles dat “gegeven” is aan Congo, zonder ook maar even stil te staan bij wat het land al die jaren was ontnomen. Césaire toont in het theaterstuk zwakke politici, op zoek naar hun eigen voordeel, zich sussend met zelfverzonnen belangen voor het grotere goed, voor de westerse Beschaving, voor “het volk”.

Als enige Belg voelde ik me menigmaal ongemakkelijk bij het lezen van deze bloederige geschiedenis. Als Antwerpenaren zijn we zo fier op “onze” diamanten, op “onze” chocolade… De tekst maakt me plots bewust van de gruwelijke geschiedenis rond afgehakte handen, onbezonnen ivoor- en rubberhandel, de horror van het bewind van koning Leopold II, Boudewijn die in z’n speech heel het verleden verzwijgt…. Glorie aan de voorouders. Laten we vooral hun vergissingen, hun gierigheid, hun agressie en ijdelheid nooit meer herhalen.

Vandaag

We zijn halfweg in het repetitieproces. De première is 18 juli. Natuurlijk is alles al gebeurd, de opkomst, de politieke verwarring, de moord… Natuurlijk is het allemaal “lang” geleden. Maar alles is ook weeral uit te vinden. Geschiedenis is zoals het theater, geschiedenis ís theater, alles hangt af van wie het leest en hoe en wanneer. Terloops ontdek ik dat de drie zonen van Lumumba, op aanraden van Belgische advocaten, de vermeende Belgische moordenaars van hun vader voor de rechter kunnen slepen volgens de genocidewet. Lumumba was immers onwettig vermoord, het was een complot. Onwaarschijnlijk dat zulke feiten 50 jaar na datum nog aangevochten kunnen worden. Bepaalde waarheden, hoe pijnlijk ook, komen blijkbaar altijd weer boven water drijven.