Links zal divers en inclusief zijn, of niet zijn

Column

Als er één sociale beweging het kapitalisme in vraag stelt, dan wel de feministische

Links zal divers en inclusief zijn, of niet zijn

Links zal divers en inclusief zijn, of niet zijn
Links zal divers en inclusief zijn, of niet zijn

Bieke Purnelle las met veel interesse de column over de ondergang van links die Ewald Engelen vorige week publiceerde op MO.be. Ze is het ook grotendeels eens met zijn stelling dat ‘linkse partijen zich overal als gedweëe dienstmaagden van het neoliberalisme gedragen’. ‘Maar ergens halverwege,’ schrijft ze, ‘maakt u een zwieper van een bocht en raakt u me helemaal kwijt.’

© Brecht Goris

Bieke Purnelle

© Brecht Goris

Beste Ewald Engelen,

Een paar dagen geleden las ik met veel interesse uw column ‘Tijd voor een nieuw sociaal contract’, waarin u met het scherpste scalpel de ondergang van links fileert.

Linkse partijen hebben zich overal als gedweeë dienstmaagden van het neoliberalisme gedragen, zo stelt u. ‘Partijen die ooit waren opgericht voor het inperken van de macht van markt en kapitaal, om burger en ingezetene te beschermen, ontpopten zich in woord en gebaar tot slaafjes van kapitaalmarkten en grootbedrijven’, schrijft u, een stelling waar ik het volmondig eens mee ben.

Maar na deze accurate analyse, ergens ter hoogte van de vijftiende paragraaf, maakt u een zwieper van een bocht en raakt u me kwijt. Het is niet voor het eerst dat u van leer trekt tegen de “identitaire hysterie” die volgens u als een besmettelijk virus rondwaart en het linkse denken belemmert. Het is ook niet voor het eerst dat iemand u daaromtrent tegenspreekt.

‘Er is geen radicale, anti-neoliberale macro-economische agenda die de achterban echt bescherming biedt tegen de ondermijnende krachten van het grootkapitaal. En bij gebrek daaraan rest links nog slechts een desastreus narcisme van de kleine verschillen, dat veel laag opgeleiden diep van zich heeft vervreemd en in de armen van xenofoob rechts heeft gedreven.’

‘Iedere keer dat links het heeft over een vrouwenquotum, om maar een dwarsstraat te noemen, kan zij het niet hebben over belastingontwijking, om maar een andere dwarsstraat te noemen.’

Is dat zo? Klopt het dat een partij, een beweging zich moet profileren op een enkel thema en de rest, met name tastbare noden van heel uiteenlopende mensen, moet negeren?

Ik geloof daar niets van. Ik ben er helemaal niet van overtuigd dat een partij of een beweging harten kan veroveren door enkel te focussen op het onderuit halen van het neoliberalisme en de macht van het grootkapitaal, hoe leuk ik dat ook zou vinden.

Faire belastingen helpen

niet meer vrouwen en mensen van kleur aan een zitje in een besluitvormend orgaan.

Misschien vindt u het onbelangrijk wie er spreekt, en vanuit welk perspectief, wie er gerepresenteerd wordt. Een zwarte poetsvrouw met drie kinderen in Brussel heeft nochtans andere noden dan een witte werkloze arbeider in Izegem. De kans dat die laatste het perspectief van de eerste aanreikt, is gering. En vice versa.

De nieuwe mondigheid

Voorts ben ik van mening dat mensen, zelfs verkozenen des volks, tot meer en beter in staat zijn dan hyperfocussen op een thema en de rest stoïcijns negeren. De bewering dat het onmogelijk is om het over quota én belastingontwijking te hebben, slaat mij met verstomming. Natuurlijk kunnen en moeten we het over beide hebben. Faire belastingen helpen namelijk niet meer vrouwen en mensen van kleur aan een zitje in een besluitvormend orgaan. Diverse besturen doen dan weer weinig voor rechtvaardige belastingen.

Wat u “narcisme van kleine verschillen” noem ik de nieuwe mondigheid van groepen die niet vertegenwoordigd worden in de regionen waar de beslissingen worden genomen. U mag dat details en luxegezeur vinden, maar dat vinden zij niet, om diverse en gegronde redenen.

U gaat voorbij aan de destructie van duizend speldenprikken, de opeenstapeling van zogenaamde faits divers die mensen in een hoek duwen waar ze niet willen staan omdat het er beklemmend is. U hebt overduidelijk geen idee hoe het voelt om elke dag een heel klein beetje vernederd en kleingehouden te worden.

Dat is fijn voor u en het is u oprecht gegund. Maar wel een tikje jammer als blijkt dat dit gebrek aan ervaring u ervan weerhoudt te begrijpen wat het betekent voor de dagelijkse levens van heel veel mensen; als het u doet beweren dat het details zijn.

Voorts toont onderzoek aan dat diverse teams beter besturen, omdat er verschillende perspectieven aan bod komen bij de besluitvorming. Zie hier een louter feitelijk en nuchter argument om het wél over quota te blijven hebben.

Divers én systeemkritisch

Blijkbaar is er u wel meer ontgaan. Zoals het feit dat heel wat bewegingen die u narcistisch identitair noemt, bij uitstek systeemkritisch zijn. De vrouwenbeweging is een uitstekend voorbeeld, omdat ze gelijkheid en emancipatie duidelijk koppelt aan de noodzaak van structurele maatschappelijke verandering.

Het kapitalisme vond ooit een vruchtbare bodem in een aloud patriarchaal systeem. De kapitalistische productieprocessen, steunend op loonarbeid en op de scheiding tussen wonen en werken, bleken het prima te kunnen vinden met het patriarchale denken dat de ondergeschiktheid van de vrouw moest garanderen.

Uit dat verstandshuwelijk werd het kostwinnersmodel geboren, met betaalde mannenarbeid en onbetaalde zorgarbeid door vrouwen als pijlers. Zo kregen mannen en vrouwen andere belangen, naast hun collectieve belangen als sociaal-economische groep.

Het zijn net de hiërarchische verhoudingen tussen mannen en vrouwen, en culturele ideeën en normen over mannelijkheid en vrouwelijkheid, die een echt gemeenschappelijke strijd tegen het kapitalisme hebben belemmerd.

De overgrote meerderheid van de mensen die onderbetaald of onbetaald werk uitvoeren, zijn vrouwen.

Feminisme is in geen geval de vijand of de antithese van klassenstrijd. Het is er bij uitstek een uiting van. In heel wat landen is de feministische strijd amper te onderscheiden van de antikapitalistische. Tal van feministische denkers en auteurs benadrukken het belang van sociale relaties en de nood aan structurele verandering. Ze beschreven en documenteerden de link tussen genderongelijkheid en kapitalisme. Als er één sociale beweging consistent het kapitalisme in vraag stelt, dan wel de feministische.

Dat hoeft niet te verbazen. De overgrote meerderheid van de mensen die onderbetaald of onbetaald werk uitvoeren, zijn vrouwen. Sociale reproductie is ondergeschikt aan productie in functie van groei en winst, en zolang dat het geval blijft, trekken vrouwen, en vooral vrouwen van kleur, aan het kortste eind. U mag dat identiteitspolitiek noemen; ik noem het feiten.

Onnoemelijk veel productief werk dat ooit gratis werd uitgevoerd door huisvrouwen of slaven wordt vandaag gedaan door onderbetaalde arbeidskrachten, in hoofdzaak vrouwen, en opvallend veel vrouwen met migratieroots. Meer dan de helft van de totale groei aan jobs in de dienstensector zijn reproductieve jobs: verpleging, kinderverzorging, sekswerk, poetsen…

Het kapitalisme heeft dit soort diensten nodig om zichzelf in stand te houden, maar wil er uiteraard niet te veel voor betalen omdat ze geen of amper winst opleveren. Bovendien zijn het arbeidsintensieve en dus “dure” jobs. U raadt het plaatje verder wel.

In functie van menselijke noden

Kapitalisme produceert niet alleen goederen en diensten, maar reproduceert ook leven en arbeidskracht. Het begrip klassenstrijd dat u zo graag terug centraal wilt stellen heeft geen nood aan meer focus, maar aan uitbreiding naar de sociale reproductieve sfeer. Een van de voornaamste obstakels voor vrouwen is net de krampachtige scheiding tussen productie en reproductie. Wat vrouwen en bij uitbreiding alle mensen vooruit helpt, is een drastische reorganisatie van productie en arbeid in functie van menselijke noden.

Kapitalisme is veel meer dan een economisch systeem. Het is een complex geheel van sociale verhoudingen. Het stopt niet bij de fabriekspoort of aan de deur van het bedrijf of kantoor. Het bemoeit zich niet enkel met winst en lonen, maar beïnvloedt de manier waarop we leven, zorgen, baren, liefhebben, oud worden en sterven.

Dat journalisten liever over genderneutrale babykleertjes schrijven dan over de motherhood penalty, of de pensioenkloof, heeft weinig te maken met waar de vrouwenbeweging haar tijd en energie aan besteedt.

Over welk 'klein verschil' heeft u het trouwens wanneer u het benoemen van andere perspectieven narcistisch noemt? 'Bij gebrek aan een radicale, anti-neoliberale macro-economische agenda (…) rest links nog slechts een desastreus narcisme van de kleine verschillen (…).'

Dat vrouwen kinderen baren, is dat wat u bedoelt met “een klein verschil”?

Het moederschap heeft nochtans een directe, tastbare negatieve impact op de inkomens, maatschappelijke posities, gezondheid en kansen van vrouwen. Die impact is onderzocht en gedocumenteerd en blijkt volstrekt geen klein, maar een levensgroot verschil te betekenen.

Terwijl u volhardend beweert dat 'identity politics' ons zicht belemmeren, buigen feministische denkers zich over de onderdrukking door dit systeem, en over het onderwaarderen van alle zorgende, affectieve, en reproductieve arbeid die nodig is om de samenleving overeind te houden.

Het probleem is niet dat feminisme hol en symbolisch is geworden, zoals u lijkt te suggereren, maar dat de belangrijke debatten vanuit een intersectioneel perspectief zelden de academische lokalen verlaten. Dat journalisten liever over genderneutrale babykleertjes schrijven dan over de motherhood penalty of de pensioenkloof heeft weinig te maken met waar de vrouwenbeweging haar tijd en energie aan besteedt.

De vrouwenbeweging heeft helemaal geen tijd om zich bezig te houden met “genderneutrale babyrompertjes en zebrapaden voor transgenders”. Wij hebben andere zorgen.

Die zorgen futiel noemen of oproepen om ze met de mantel der strategische liefde te bedekken, zal zieltogend links niet op miraculeuze wijze weer tot leven wekken.

We moeten helemaal niet hyperfocussen, maar met alles tegelijk bezig zijn en verbanden leggen, tussen feminisme, antiracisme, klimaat en antikapitalisme.

Ik geloof niet dat er ontheemde zieltjes te winnen vallen door mensen te reduceren tot een job, een inkomen of een statuut, noch door blind voorbij te gaan aan de tastbare levensbehoeften van groepen mensen die gewoon niet dezelfde kansen krijgen. Die gelijke kansen moeten een doel op zich zijn, moeten benoemd worden.

Links gaat niet als een feniks uit de smeulende as herrijzen door begrippen en bewegingen als feminisme, antiracisme en LGBTQ-rechten te negeren, wel door ze helder en rechtlijnig te verbinden met de noodzakelijke en collectieve strijd tegen een dolgedraaid kapitalisme.

We gaan de macht van het grootkapitaal niet verpletteren door te doen alsof we allemaal al lang gelijk zijn. Links zal divers en inclusief zijn, of niet zijn.