Venezuela: nieuw parlement, nieuwe spelregels?

Column

Venezuela: nieuw parlement, nieuwe spelregels?

Venezuela: nieuw parlement, nieuwe spelregels?
Venezuela: nieuw parlement, nieuwe spelregels?

Op 6 december boekte de Venezolaanse oppositie de eerste electorale overwinning sinds 2007, meteen goed voor 112 zetels in het parlement, terwijl de Verenigde Socialistische Partij van Venezuela 55 zetels haalde. Dat kan veel betekenen voor het socialistisch project van de overheid, zegt Orlando Verde.

In 2005 maakten de Venezolaanse oppositiepartijen een inschattingsfout met epische proporties. Uit protest tegen de mogelijkheid dat het stemgeheim niet gegarandeerd zou worden, trokken de oppositiekandidaten zich terug van de parlementaire verkiezingen, met als gevolg een abstentionisme van 75 procent.

De oppositie had er op gerekend het verkiezingsproces op die manier illegitiem te maken. Ze hadden niet verwacht dat el chavismo zou durven besturen met een volledig regeringsgezind parlement, verkozen door 25 procent van de kiezers.

Pas in 2010 zouden de verenigde oppositiepartijen weer een betekenisvolle vertegenwoordiging bereiken in het parlement, maar Chávez – en na zijn dood ook Maduro – kon nog altijd rekenen op genoeg parlementaire steun om ongehinderd te blijven regeren. De voorbije jaren verliest el oficialismo toch stilaan populaire steun. Met een verlamd productieapparaat en lage olieprijzen verkeert het land in moeilijke omstandigheden. Tijdens de jongste verkiezingen verloor el chavismo controle over het parlement, waarin de oppositie vanaf 5 januari in theorie met absolute meerderheid zetelt.

Finale maatregelen

In de laatste maand met de aftredende samenstelling investeerde het parlement zijn energie in de overgang naar deze nieuwe realiteit. In eerste instantie probeerden ze het parlement aan te vullen met de oprichting van een Gemeentenparlement. Zulke parallelle constructies werden eerder al geïmplementeerd naast vakbonden, naast het gouverneurschap van de belangrijke deelstaat Miranda (die nu op middelen en autoriteit moet concurreren met “staatsbedrijf” CorpoMiranda) en naast het burgemeesterschap van hoofdstad Caracas (nu in strijd met het recent geactiveerde “hoofddistrict”) toen ze in handen vielen van oppositieleiders.

Tijdens haar laatste actieve dag heeft het aftredend parlement onverwacht interne kredieten goedgekeurd voor bijna 200 miljard bolívares.

Ook benoemde het parlement onlangs de autoriteiten van het hooggerechtshof, dat vervolgens net genoeg gedeputeerden van de oppositie kon opschorten om hun tweederdemeerderheid tijdelijk onwettig te maken. De opgeschorte gedeputeerden legden hun eed toch af, wat de overheid deed suggereren dat er geen middelen meer zouden moeten gaan naar het (volgens hen onwettig) parlement. Hoe regering en oppositie zullen omgaan met deze impasse zal in de komende dagen bepalend worden voor de onmiddellijke toekomst van het land.

Tijdens haar laatste actieve dag heeft het aftredend parlement onverwacht interne kredieten goedgekeurd voor bijna 200 miljard bolívares. Dat is ongeveer een derde van het hele ministeriële budget van 2015, als we geen rekening houden met het dramatische waardeverlies van de munteenheid. Er werd zonder veel detail over gecommuniceerd via Twitter, want journalisten worden al vijf jaar niet meer toegelaten in het parlement.

Ook het recht om de functionarissen van de Centrale Bank te benoemen en om statistieken op te vragen werd op de valreep ontnomen door de president. Tenslotte heeft de overheid een oproep gelanceerd om op 5 januari te betogen tegen de nieuwe samenstelling van het parlement en bussen beschikbaar gemaakt om chavistas uit het hele land naar Caracas te halen.

Een ongehoorzaam parlement

Wat vrezen ze? Natuurlijk vrezen ze in hun eigen woorden dat deze nederlaag de terugkeer naar een neoliberaal model zou betekenen, dat Venezuela in handen zou vallen van landverraders en pro-imperialisten en dat de vooruitgang die ze geboekt hebben op het vlak van sociale bescherming ineens zou verdwijnen.

De chavistas regeren al jaren ongehinderd en met gebrekkige transparantie.

Maar de chavistas regeren ook al jaren ongehinderd en met gebrekkige transparantie. Cijfers over criminaliteit of de juiste waarde van de munteenheid worden niet gepubliceerd. Er is geen sprake van scheiding der machten. Er is amper debat en er wordt geregeerd met speciale bevoegdheden voor president Maduro, probleemloos goedgekeurd door het aftredende parlement.

Regeren met een ongehoorzaam legislatief orgaan zal op zich niet makkelijk zijn. Maar ze vrezen ook eisen voor controle en transparantie. Ze vrezen specifieke voorstellen zoals een referendum om Maduro van de macht te verdrijven, amnestie voor politieke gevangenen (waaronder Leopoldo López, veroordeeld omdat hij tot een betoging opriep die gewelddadig afliep), maar ook voorstellen over eigendomsrecht voor wie vandaag een woning van Misión Vivienda “bezit” (de bewoners hangen vandaag af van de overheid, want de huizen zijn niet hun eigendom), over een stijging van de (vandaag onrealistisch lage) benzineprijs, een (al lang onvermijdelijke) devaluatie van de munteenheid, toegang voor journalisten in het parlement en een hervorming van de staatsmedia om er meer dan een propaganda-instrument van te maken.

Ze vrezen ook maatregelen om de interne productie te stimuleren, want de beschikbaarheid van basisproducten hangt vandaag grotendeels af van staatsimport.

Het staat alleszins vast dat 2016 een uitdaging wordt voor het land.

De terugkeer van het meningsverschil

Dat de revolutie verwezenlijkingen heeft geboekt, valt niet te ontkennen. In december werd de één miljoenste woning toegekend aan mensen in moeilijke omstandigheden, bijvoorbeeld. Maar de achteruitgang van het land relativeert hun successen, want krottenwijken blijven groeien op de heuvelflanken langs de as Caracas – Maracay. Constante mobiliteitswerken kunnen de urenlange files in de hoofdstad niet temmen.

Met 28.000 dodelijke slachtoffers in 2015 overstijgt Venezuela nogmaals haar eigen geweldcijfers. Bevriende opiniemakers distantiëren zich – na jaren van trouwe steun – van de beschamende onbekwaamheid van Maduro en de grove autoritaire trekjes van aftredend president van het parlement Diosdado Cabello. In essentie zijn de regeringsleiders niet veranderd sinds ze de macht hebben gegrepen, de omstandigheden wel.

In essentie zijn de regeringsleiders niet veranderd sinds ze de macht hebben gegrepen.

De oppositie koos ondertussen voor een politicus van de oude garde – Henry Ramos Allup, sociaaldemocraat voor sommigen, ultrarechtse fascist voor anderen – om de parlementaire discussies in goede banen te leiden. Een zeer bekritiseerbare keuze, want zijn gebrek aan diplomatisch talent zal de verzoening van het land niet vergemakkelijken en zijn politieke verleden geeft een nefaste boodschap aan wie nog niet overtuigd is van de oppositie als alternatief.

Maar er heerst onenigheid in de oppositie, een coalitie die tot nu toe moeizaam akkoorden heeft bereikt, omdat ze vertegenwoordigers van dissident links tot uiterst rechts verzamelt. Het meningsverschil doet dus opnieuw zijn intrede in het Venezolaanse parlement, het debat tussen mensen die anders denken. En dat is goed.

Er is in ieder geval nog een grote verandering: sinds de komst van het chavismo en aanverwante bewegingen is het politieke spectrum zodanig naar links verschoven dat de meer liberale regimes die aan de macht zouden kunnen komen in Venezuela (en de rest van Latijns-Amerika) minder speelruimte zouden krijgen dan ze ooit hebben gehad. Want de historisch verpletterde linkse beweging staat nog altijd sterk in zijn schoenen. En dat is ook goed.