Waar is onze cultuur nu?

Column

Een unieke kans om ook onze Vlaamse cultuur opnieuw van adem en verhaal te voorzien

Waar is onze cultuur nu?

Waar is onze cultuur nu?
Waar is onze cultuur nu?

De handdruk als begroeting werd op 18 maart geschrapt uit onze cultuur, schrijft Bert Gabriëls. Duizend jaar cultuur weg, op één dag tijd. Wie komt er met een nieuw verhaal, dat onze volksgeest de kans geeft om zijn diepe karakter erin te spiegelen? Wie voorziet onze Vlaamse cultuur opnieuw van adem en verhaal?

© Charis Bastin

Bert Gabriëls

© Charis Bastin

De handdruk als begroeting werd op 18 maart geschrapt uit onze cultuur, schrijft Bert Gabriëls. Duizend jaar cultuur weg, op één dag tijd. ‘Deze crisis is een unieke kans om ook onze Vlaamse cultuur opnieuw van adem en verhaal te voorzien. Eén goed verhaal in deze crisis kan het karakter van ons volk nog honderd jaar bepalen.’

We hebben dit jaar geleerd dat al die mensen in Vlaanderen die beweren onze Vlaamse cultuur te verdedigen (van links of van rechts, dat maakt voor mijn punt niet zo veel uit) daar in de verste verte niet mee bezig zijn.

Tot 18 maart 2020 had elke regio, klasse en sector zijn eigen groet. De groet was gebaseerd op het geven van een hand, en werd aangevuld met de netjes afgesproken één, twee of drie kussen. Al dan niet met knuffel, of het vuistje of handklopje, afhankelijk van de mode of etnische groep. Sinds 18 maart 2020 is dat volledig verdwenen.

Is er iemand die de teloorgang van cultuur eigenlijk ernstig neemt, tenzij als excuus om op een ander te kunnen vitten?

Volgens Peter Piot (arts en professor, red.) is de handdruk weg voor altijd. Duizend jaar cultuur. Weg. Op één dag. De spreekwoordelijke uitgestoken hand zal voor onze kinderen en kleinkinderen de betekenis hebben van een bedreiging of pesterij.

De volledige samenleving, ook de Vlaamse Beweging, staat erbij en kijkt ernaar. Niemand komt met een degelijk alternatief, tenzij het de bedoeling zou zijn dat we vanaf nu mekaar bij de bakker gaan groeten door middel van het wapperen met een vlag. Is er iemand die de teloorgang van cultuur eigenlijk ernstig neemt, tenzij als excuus om op een ander te kunnen vitten?

Gedisciplineerde Duitsers, volgzame Zweden

Ik zal zometeen een aanzet geven tot een bevredigend alternatief, maar laat me eerst even uitleggen waarom ik denk dat het ook echt van waarde is.

Het woord ‘cultuur’ is de laatste maanden in de krant vaak gebruikt als verklaring voor de ernst van de besmettingen in een land. Als je leest dat België voorlopig aan de leiding staat in de landenvergelijking van de besmettingsgraad met het nieuwe coronavirus, dan wil je weten wat de oorzaak is.

Nationaal kan je nog oprecht de versoepelingen van september met de vinger wijzen, met de opening van de scholen zonder aanpassing van het vervoer, de gewone heropstart van het bedrijfsleven en de ongecontroleerde vakantieterugkeerders. Maar in de internationale vergelijking blijft het toch wel knagen. Waarom hadden ze in Nederland zo lang goede cijfers? Of in Duitsland? Zijn die Duitsers dan echt niet op reis geweest? België was duidelijk een zwakke prooi voor het virus, en niemand zegt ons precies waarom.

De enige factor die dan komt bovendrijven, is de cultuur. Hoe we ons gedragen, hoe we zijn. De Vlaamse kranten wezen aanvankelijk naar de meer gedisciplineerde Nederlandse mentaliteit, maar die tendens stokt wat sinds de kaartjes ook daar donkerder kleuren dan oranje.

De Nederlandse kranten wezen trouwens al langer naar de meer gedisciplineerde Duitse mentaliteit, en iedereen verwijst met enige verbijstering naar de voorbeeldig volgzame Zweden.

De verhalen van de toekomst worden nú geschreven

Verhalen over cultuur hebben de magische kracht om mensen het heerlijke idee in te prenten dat ze ergens van houden.

De moeilijkheid is daarbij dat ‘cultuur’ een woord is dat je ook zou kunnen vervangen door ‘alles’. Het kan gaan om alle gewoontes in alle structuren die er zijn, zowel privé of sociaal als economisch of politiek. Elke traditie komt in aanmerking, met in Vlaanderen misschien enige voorkeur voor lintbebouwing. Of het gebruik van de zakdoek. Of de populariteit van het spel zakdoek leggen.

Het is een oud gebruik in onze cultuur om alles wat niet meteen verklaarbaar is onder het bordje ‘cultuur’ te zetten. En de verklaringen voor die ‘cultuur’ vindt men dan in de geschiedenis, de geologie, het klimaat, en de verhalen van een volk. Het is een bijzonder verrijkende bezigheid, maar echt verklaren doet het niet.

Wel maken deze verklaringen zelf weer deel uit van het verhaal dat een volk zichzelf vertelt. Dat een Belg graag bouwt, is waarschijnlijk ooit verzonnen als excuus tegen het begrip ruimtelijke ordening. Maar het heeft er wel voor gezorgd dat ik als Belg ook echt zin heb om eens ergens wat te gaan bouwen. Verhalen over cultuur hebben de magische kracht om mensen het heerlijke idee in te prenten dat ze ergens van houden.

Gezien de liefde van de Vlaming voor zijn volk op dit moment in een knorrige fase zit, mogen we een kans om over onze cultuur te praten niet te makkelijk laten voorbij gaan. Die kans is er nu. Het is onze cultuur die ons hier heeft gebracht. Het is het verhaal dat we daarover vertellen dat ons weer verder zal brengen.

De verhalen die onze toekomstige cultuur gaan stutten, worden nu geschreven.

Misschien denken ze in China ondertussen dat een gedisciplineerde zin voor hygiëne plots een duurzame karaktertrek is van de Chinees, louter omdat het hen gelukt is het virus te bedwingen.

Misschien zien de Zweden in hun cultuur nog meer een superieure solidariteit of overheidsvertrouwen, of meten de Duitsers zich nog meer een aangeboren wetenschapsgeest aan.

Doordat het virus in alle landen op een andere manier rondhuppelt, krijgt elke volksgeest de kans om zijn diepe karakter er in te spiegelen. Een unieke kans dus om ook onze Vlaamse cultuur opnieuw van adem en verhaal te voorzien.

Eén goed verhaal in deze crisis kan het karakter van ons volk nog honderd jaar bepalen.

Misschien halen we nog trots uit onze eigengereidheid, als blijkt dat ieder dorp een eigen manier vindt om de nodige afstand te bewaren. Als straks alle café’s de deur open zetten om er online werkplekken van te maken voor kleine groepen scholieren, die niet meer op school terecht kunnen. En dat de overheid daar dan laptops zet, zomaar. Als blijkt dat Vlaanderen de enige plek is waar echt IEDEREEN die Ccrona-app heeft geïnstalleerd, gewoon voor de lol. Stel je voor.

Of als we als enige land daklozen met een hond betalen om de hond op te leiden tot corona-testhond, en dat die je dan in het station gewoon even kan testen in ruil voor een vrijwillige gift. Maakt niet uit wat het is, maar één goed verhaal in deze crisis kan het karakter van ons volk nog honderd jaar bepalen.

Geuzenmentaliteit, of niet

Maar goed, ik ging nog iets zeggen over het verdwijnen van de handdruk. Dat is voor de hele westerse wereld problematisch. Als we echt niks anders kunnen, dan ligt hierin onze redding.

Stel dat wij op korte tijd collectief een manier vinden om mekaar te groeten, door bijvoorbeeld even met de rug tegen mekaar te wrijven, en dat dat ook effectief het ritueel van groeten zoals het bestond opnieuw kan doen herleven: ik geef een 100-procent-garantie dat de hele wereld jaloers zou zijn.

Laat ons dat afspreken. We hebben tijd, we zitten toch thuis. Als we de enigen zijn die cultuur serieus nemen, dan zullen we tenminste op dat punt een voorbeeld zijn.

Zonder een verhaal om trots op te zijn, zal onze Geuzenmentaliteit niet meer zijn dan een dood fantasme van een groepje verongelijkte mislukkelingen. Dat zijn wij niet. Wij zijn Vlaanderen. Die rare gasten met die nieuwe groet.