Het linkse populisme van Syriza en Podemos

Interview

Het linkse populisme van Syriza en Podemos

Het linkse populisme van Syriza en Podemos
Het linkse populisme van Syriza en Podemos

‘De enige efficiënte manier om rechts populisme te bestrijden,’ zegt politicologe Chantal Mouffe, ‘is door een succesvol links populisme aan te bieden.’ Twee jaar geleden leek dat nog onmogelijk, sinds de verkiezingsoverwinning van Syriza in Griekenland en de steile opkomst van Podemos in Spanje, is een alternatief weer denkbaar.

In september 2013 publiceerde MO* een interview met Chantal Mouffe, geboren in Charleroi, hoogleraar in Londen en wereldwijd een van de belangrijkste academische stemmen in de discussie over democratie. Ze pleitte daarin voor de terugkeer van passie en confrontatie in de politiek. Het is een gesprek dat de moeite loont om te herlezen nu Syriza de regering leidt in Athene en Podemos klaar staat om de grootste partij van Spanje te worden.

Volgens Chantal  Mouffe hebben de traditionele partijen zich allemaal achter hetzelfde economische model geschaard – de neoliberale consensus – waardoor het voor burgers allengs moeilijker is om te geloven dat hun stem nog een verschil kan maken. Vooral de lagere klassen verloren hun politieke stem door de verschuiving van socialistische en sociaal-democratische partijen naar het centrum. Zij migreerden naar het nieuwe extreem-rechts, dat de rol van anti-establishmentpartij en verdediger van het volk overnam.

‘De enige efficiënte manier om rechts populisme te bestrijden,’ zegt Mouffe, ‘is door een succesvol links populisme aan te bieden.’ Enkele uittreksels:

Hoe zou u populisme dan definiëren?

Chantal Mouffe: Populisme draait om het creëren van een volk rond een politiek idee. Dat proces van wij-vorming houdt noodzakelijk ook de creatie van een “zij” in. Daarin verschillen rechts en links niet, wel in de manier waarop beide strekkingen het volk en zijn tegenstander creëren. Rechts baseert zijn “volk” heel sterk op de uitsluiting van immigranten, en meer bepaald islamitische migranten, terwijl links uitgaat van de tegenstelling tussen het volk en de banken, de financiële sector, kortom: alle instellingen van de neoliberale mondialisering.

De grote uitdaging is om de juiste synergieën te creëren tussen sociale bewegingen en politieke partijen, want elk op zichzelf is niet in staat de noodzakelijke, fundamentele hervorming van de politiek door te voeren. De doelstelling moet zijn het herstellen van de vertegenwoordigende waarde van de democratie, met meer transparantie en rekenschap.

De neoliberale greep op de politieke en publieke verbeelding overleefde zelfs de crash van het financiële kapitaal in 2008.

Chantal Mouffe: Het is duidelijk dat er in 2008 een enorme kans verkeken is. De verklaring daarvoor is dat er geen georganiseerde linkerzijde meer was. Links was in veel gevallen deel geworden van het systeem dat plots in elkaar klapte. In Groot-Brittannië was het Labour en met name Gordon Brown die ervoor gezorgd had dat het financiële kapitalisme van de City zo’n omvang had gekregen. In Frankrijk werden de privatiseringen aangevat onder Lionel Jospin.

‘Rechts mobiliseert bijna altijd op basis van angst. Links moet mobiliseren op basis van hoop, een alternatief voor de huidige orde.’

Je kon dus ook nauwelijks verwachten dat die zogenoemde linkerzijde plots met een alternatief zou klaarstaan voor een beleid dat ze zelf opgezet en gerealiseerd had. Vandaag zie je dat de ruimte die in 2008 niet ingenomen werd door links, volop uitgebuit wordt door rechts om de laatste restanten van de welvaartsstaat op te ruimen.

U stelt dat een democratie behoefte heeft aan passie en confrontatie in plaats van pure rationaliteit en consensus. Er zijn nochtans heel wat voorbeelden waar gepassioneerde populistische politiek uitmondt in pogingen om de politieke tegenstanders uit te schakelen en zelfs te vernietigen.

Chantal Mouffe: Volgens Spinoza zijn er twee grote passies: angst en hoop. Rechts mobiliseert bijna altijd op basis van angst. Links zou volgens mij moeten mobiliseren op basis van hoop, een goed toekomstproject, een alternatief voor de huidige orde. Hoop is gelegen in rechtvaardigheid, in gelijkheid. Dat mensen zich gepassioneerd inzetten voor meer rechtvaardigheid, dat lijkt me toch niet problematisch?

Ik pleit niet voor een politiek op grond van vijandschap of antagonisme, maar wel op basis van een eigen project, mét de erkenning dat andere strekkingen legitieme tegenstrevers zijn. Ik noem dat agonisme. In Noord-Ierland is men er na lange jaren in geslaagd de onoverbrugbare tegenstelling van een vijandig, antagonistisch conflict te transformeren in een beheersbaar, agonistisch conflict.

Het conflict is niet weg, maar de verschillende partijen erkennen de instellingen, regels en procedures die in het leven werden geroepen om het conflict te beheren. Wellicht is dat ook de best denkbare aanpak van het Israëlisch-Palestijns conflict.

Lees het volledige interview hier.

Chantal Mouffe neemt op 13 februari deel aan het debat Mind the Gap  (over ongelijkheid en democratie) , samen met Philippe Van Parijs en Jan Vranken. Organisatie Kaaitheater, Louis Paul Boonkring en MO*. Moderator: Gie Goris. 19 u, Kaaitheater, Sainctelettesquare 20, 1000 Brussel. Debat in het Engels.