Cultureel verzet: ‘Maak van de Palestijnse kunst geen museum, maar toekomst’

Interview

Cultureel verzet: ‘Maak van de Palestijnse kunst geen museum, maar toekomst’

Cultureel verzet: ‘Maak van de Palestijnse kunst geen museum, maar toekomst’
Cultureel verzet: ‘Maak van de Palestijnse kunst geen museum, maar toekomst’

Marlies Van Coillie

28 juni 2017

De Gentse muzikant Thomas Noël bezocht met zijn project “The City’s Song” de Palestijnse politieke hoofdstad Ramallah. Daar ontmoette hij singer-songwriter Shadi Zaqtan, zoon van een dichter en ex-PLO strijder. ‘Praat over de bezetting en je hebt een project. De echte uitdaging voor Palestina is de bezetting te overstijgen. Stap over de muur.’

In het project The City’s song zoeken initiatiefnemer en pianist Thomas Noël, violist Wouter Vandenabeele, fotograaf Sammy Van Cauteren en documentairemaker Jonatan Lyssens in verschillende steden aansluiting bij lokale singer-songwriters en muzikanten. Terwijl Van Cauteren en Lyssens de stad in beeld brengen, componeren de muzikanten een loflied op de stad. Het beoogde eindresultaat is een ‘visueel-muzikaal portret van de stad’.

Na Gent en Mexico City trokken ze in april vorig jaar naar Ramallah waar ze onder andere de singer-songwriter Shadi Zaqtan, zoon van dichter en ex-PLO strijder Ghassan Zaqtan, ontmoetten. Vorige week was hij in België om de laatste hand te leggen aan de opnames. MO* maakte van de gelegenheid gebruik om met Thomas Noël en Shadi Zaqtan in gesprek te gaan.

© Sammy Van Cauteren

Thomas Noël: ‘Door samen te jammen, ontstaat de muziek organisch’

© Sammy Van Cauteren​

Thomas Noël: In het project laten we de naakte realiteit van iemand die beelden maakt contrasteren met de lyrische perceptie van een singer-songwriter, dichter of muzikant. Zo sijpelt de ziel van Ramallah door in de songteksten van Shadi, de man van woorden, en in het ritme van de muziek. We proberen zowel de kleuren als het ritme van de stad te documenteren.

Op welke manier weerspiegelen uw songteksten de stad, Ramallah?

Shadi Zaqtan: Mijn songteksten vertrekken van het dagelijks leven en worden begeesterd door dromen, fantasieën en hoop, waarvan de stad de bron is. Ze gaan over de stad en komen voort uit haar. Ze weerspiegelen Ramallah, tenminste hoe ik de stad zie.

Thomas Noël heeft met andere woorden de juiste persoon gevonden voor zijn project. Hoe zijn jullie in contact gekomen met elkaar?

Thomas Noël: Tijdens het zoeken naar lokale muzikanten, maakte ik kennis met zijn muziek. Ik begrijp geen Arabisch, dus kon ik enkel afgaan op mijn gevoel. Jessica De Vliegher, mede-oprichter van de Palestijnse Circusschool, gaf me zijn nummer en ik belde hem op. En zoals dat gaat bij mensen in het algemeen, maar bij muzikanten specifiek, voel je al snel of er een klik is. Het vertrok van daar en kijk nu zitten we met elkaar opgescheept (lacht).

Shadi Zaqtan: Het werd meer dan een professionele relatie. Het werd een vriendschap.

Thomas Noël: De connectie komt het project ten goede, aangezien de vriendschap ons in staat stelt dieper in te gaan op thema’s en van elkaar te leren. Door onze samenwerking voel ik Shadi’s positie in het conflict beter aan en Shadi op zijn beurt begrijpt meer hoe een Europeaan ernaar kijkt.

© Sammy Van Cauteren

Shadi Zaqtan: ‘Mijn songteksten vertrekken van het dagelijks leven en worden begeesterd door dromen, fantasieën en hoop waarvan de stad de bron is’

© Sammy Van Cauteren​

Van zaak naar mens

Het project heeft uw perspectief veranderd?

Shadi Zaqtan: Door er met hem over te praten, door samen muziek te maken en te werken aan onze nummers, veranderde niet alleen mijn perspectief over hoe Europeanen de Palestijnse kwestie benaderen. Door zijn ogen veranderde ook mijn blik. In dit project ging ik van een politieke achtergrond naar een humanitair perspectief. Muziek is vertellen over menselijk zorgen en lasten en uiteindelijk spelen dezelfde alledaagse dingen in onze gedachten.

‘Gelijkenissen creëer je niet, je merkt ze op’

Oké, we hebben andere namen, spreken andere talen en houden er andere gewoontes op na, maar door met elkaar te praten, vind je gelijkenissen. Het is niet zo dat je ze creëert. Je merkt ze enkel op en leert ze te zien.

De Palestijnse strijd is niet louter een politieke strijd, maar een humanitaire strijd. Mijn strijd is maar vier uur vliegen van Gent. Wat gebeurt in het Midden-Oosten heeft zijn weerslag in deze maatschappij. De druk in de Arabische wereld is ook hier voelbaar. Denk maar aan de aanslag in Brussel-Centraal.

Thomas Noël: Het klinkt ook door in onze muziek. In het kader van vijftig jaar immigratie naar België, reisde ik voor een gelijkaardig project, Yolda (Onderweg, in samenwerking met Handelsbeurs Concertzaal en De Centrale) af naar Istanboel. Samen met Turkse traditionele folkmuzikanten traden we daarna op in Gent. Het was een leerrijke ervaring, maar de muziek bleef traditioneel. Nu creëren we meer een eigen taal. We gaan naar iets universeels.

Muziek als taal spreekt het gevoel aan, en met de teksten en de beelden komen de verhalen. Deze verhalen halen het nieuws niet. In het nieuws krijgen mensen een stereotiep beeld voorgeschoteld, waardoor ze vergeten dat Palestijnen net zoals wij een leven hebben en dromen. In de eerste plaats zijn het mensen.

Shadi Zaqtan: Voor het project zat ik vast tussen twee beelden: de Palestijn als held of slachtoffer. Tijdens het project vond ik een pad daartussen. Ik leerde mezelf kennen als persoon, als muzikant. Onderweg ben ik normaal geworden, net zoals iedereen. Ik ben niet enkel gereduceerd tot een zaak.

© Sammy Van Cauteren

Thomas Noël: ‘Vertrouwen hebben in een persoon is nodig. Shadi weet dat hij op ons kan rekenen, wat hij ook doet. Dat is manier om iemand artistieke vrijheid te geven’

© Sammy Van Cauteren​

Cultureel verzet

Aan kunst wordt traditioneel een vorm van verzet toegeschreven. Is de uitdaging groter voor een Palestijnse artiest om zich te bevrijden van revolutionaire functionaliteit?

Shadi Zaqtan: Jazeker, we zijn aan het proberen los te komen van dat stigma. Het cultureel verzet focust zich niet meer uitsluitend op de bezetting. Palestijnen zijn meer dan vijanden van Israël. Vandaag betekent verzet zeggen dat je er bent.

‘Mijn zorg is niet meer “het verzet tegen de bezetting”. Mijn zorg is muziek’

Als je zegt: ‘Ik vecht de bezetting aan’, dan beknot je de ambitie: jezelf bevrijden van de bezetting. Zo maakt dit project mij op een bepaalde manier vrij, want mijn zorg is niet meer ‘het verzet tegen de bezetting’. Mijn zorg is muziek, mijn zorg is te zijn. Het is nog steeds verzet, maar dan in bredere zin van het woord.

Cultureel verzet is zorgen dat onze cultuur niet wegsterft, bewaard blijft en we er nieuw leven inblazen. Je zet de feiten neer voor de mensen op een toegankelijke manier. Het is niet zo dat we iemand de les spellen, maar door onder andere muziek laten we hun harten en geesten de rekensom maken.

Wat heeft de betekenisverandering getriggerd?

Shadi Zaqtan: Projecten zoals The City’s Song. Door in contact te staan met de wereld, leren we los te komen van de Palestijnse grenzen en ons zelfbeeld niet te beperken tot een Palestijn, die werkt in Palestina rond de Palestijnse kwestie omgeven door Palestijnen.

Het project vertrekt van een humanitair in plaats van een Palestijns standpunt. Ik sta in de wereld en met mijn muziek draag ik aan haar bij. We mogen niet in de val trappen ons te verliezen in de fysieke beperking die de bezetting ons oplegt, maar moeten proberen haar mentaal te overwinnen. Alleen dan ben je vrij, niet op de grond, maar in je hart en in je geest.

We zaten een lange tijd vast. Na zeventig jaar spitst Palestijnse kunst zich toe op kunst onder bezetting. Het devies: ‘Praat over de bezetting en je hebt een project’, maar de echte uitdaging ligt in het vertellen over de stad bijvoorbeeld. Maak van de Palestijnse kunst geen museum, maar toekomst. Stap over de muur.

Dit idee trok me aan van bij het begin in The City’s Song. Niemand bouwde aan het heden of toekomst. De laatste tien jaar zien we projecten zoals deze, die de stad beschrijven en vertellen over de dingen des levens. Zij zijn de hedendaagse kunst. Het gebeurt nu en het is niet het zoveelste museum.

© Sammy Van Cauteren

Shadi Zaqtan: ‘Mijn vader zijn generatie heeft gevochten tegen de bezetting om hun kinderen de ruimte te geven te leven’

© Sammy Van Cauteren​

De schaduw van het ministerie van Cultuur

Welke rol speelt de Palestijnse Autoriteit (PA)? Hoe ondersteunt het ministerie van Cultuur projecten zoals The City’s Song?

Thomas Noël: Ze bieden geen echte ondersteuning aan de Palestijnse cultuur. Als je als Palestijn geen internationale bekendheid geniet, sta je er alleen voor.

Shadi Zaqtan: Een paar jaar na de Oslo-akkoorden schreef mijn vader (en dichter) Ghassan Zaqtan een brief naar het ministerie met de vraag hem over te plaatsen naar het ministerie van Agricultuur. Hij was ervan overtuigd dat het meer afwist van cultuur dan het ministerie van Cultuur. Ik sta hier niet te liegen, dat is echt gebeurd.

Buiten koffie is er in het gebouw voor de Palestijnse kunstenaar niet veel te vinden. Maar koffie is ook cultuur.

© Sammy Van Cauteren

Shadi Zaqtan: ‘Het project beschrijft de stad en het vertelt haar verhaal los van de bezetting’

© Sammy Van Cauteren​

De A.M. Qattan Foundation in Ramallah wordt weleens “de schaduw van het ministerie van Cultuur” genoemd. Klopt dit?

Shadi Zaqtan: Ze zijn al lang geen schaduw meer. Ze verzetten zeer veel werk, meer dan het ministerie van Cultuur ooit heeft gedaan. Niet zij, maar het ministerie van Cultuur is de schaduw.

Zo zet de A.M. Qattan Foundation de Palestijnse cultuur voorop. Ze verwachten geen resultaten van de artiesten, maar bieden de ruimte te experimenteren. Het draait rond de ervaring die de muzikanten, schrijvers, schilders en dansers tijdens projecten opdoen, niet om het eindresultaat. Ze voeden de cultuur.

‘De A.M. Qattan Foundation is ons een ticket naar de internationale kunstwereld’

Daarnaast genieten ze het vertrouwen van ons, de vakbond en vele organisaties verspreid over de wereld. Terwijl de Israëlische staat onze bewegingsvrijheid beperkt en het verkrijgen van een visum een slopende procedure is voor Palestijnen, geeft de A.M. Qattan Foundation ons een ticket naar de internationale kunstwereld.

Trouwens, ze hebben er ook koffie. Je moet hem wel zelf zetten.

Het heft in eigen handen nemen. Zo klinkt het.

Shadi Zaqtan: Als we gaan wachten op de staat, vooraleer we beginnen te werken aan onze samenleving, gaan we lang mogen wachten.

Pas op: we mogen niet vergeten dat ook de PA een regering is onder bezetting. Ook zij moet een weg vinden zich te bevrijden. Eerder dan politieke overwinningen, verwacht de samenleving van haar dat ze voorziet in betere gezondheidszorg, educatie, etc. Het wordt tijd dat de PA de bezetting opzij schuift en zich toelegt op de burgerrechten.

Ondertussen moet de samenleving niet blijven stilzitten, we kunnen ze helpen. Ik bedoel, wat bepaalt een staat? Wat maakt een land tot een land? Het volk. Wij zijn de bouwstenen van de samenleving. Onze cultuur en kunst bepalen de dynamiek.

© Sammy Van Cauteren

Thomas Noël: ‘De muziek en de beelden willen we delen, zodat ook de mensen die Ramallah nooit gaan bezoeken het alledaagse leven van Palestijnen ontdekken’

© Sammy Van Cauteren​

Het gaat niet zozeer meer over politieke entiteiten, maar over de mensen die erin wonen?

Shadi Zaqtan: Achter de politieke verhaallijn schuilt het grotere verhaal en projecten als The City’s Song verschuiven het accent van het politieke naar het intermenselijke.

Thomas Noël: Ik denk dat we vandaag overladen worden met informatie en daarom geloof ik dat wat blijft hangen het persoonlijke verhaal is, want dat valt te controleren.

Als we zouden lullen, dan vallen we door de mand. Dat is wat The City’s Song authentiek maakt en wat mensen aanspreekt.

The City’s Song toert vanaf oktober 2017. De film, fototentoonstelling en het concert zullen te zien zijn in Dilbeek, Tournai, Gent en Oostende.