Aanhoudend geweld houdt Zuid-Soedan in de greep

Nieuws

Aanhoudend geweld houdt Zuid-Soedan in de greep

Yong Lee Van de Casteele

21 april 2011

Bij een vuurgevecht tussen het Zuid-Soedanese leger (SPLA) en rebellenmilities sneuvelden deze week twintig militairen. Dit is de laatste confrontatie in een lange serie in de aanloop naar de onafhankelijkheidsverklaring. In totaal eiste het conflict dit jaar al achthonderd mensenlevens.

Volgens Phillip Aguer, woordvoerder van de SPLA, liepen rebellen afgelopen dinsdag een dorp in de Opper Nijlprovincie onder de voet. ‘Vooraleer het leger tussenbeide kon komen, brandden ze de huizen plat. Bij het vuurgevecht dat ontstond toen wij de rebellen van Peter Gadet probeerden weg te jagen, kwamen twintig militairen om het leven.’ Gadet is een afvallige SPLA-officier die eerder deze maand het leger in de steek liet.

Broeihaard van verzet

In Zuid-Soedan is een strijd aan de gang tussen rebellenbewegingen en het leger, maar ook tussen rivaliserende etnische groeperingen onderling. Inzet van die strijd is land en vee. Daar komt bij dat er sinds kort ook schermutselingen met het Verzetsleger van de Heer (LRA) plaatsvinden. Deze -van oorsprong- Oegandese organisatie verplaatste een groot deel van zijn activiteiten naar het nieuwe land.

De LRA wordt geleid door de Oegandese rebellenleider Joseph Kony. Sinds de jaren ’80 vecht zijn leger tegen het bewind in Kampala. Hiermee is het één van de langstlopende conflicten op het continent. Sinds 2005 loopt bij het Internationaal Strafhof in Den Haag een aanhoudingsbevel tegen Kony en zijn commandanten. De LRA-top wordt onder andere moord, ontvoering en het recruteren van kindsoldaten ten laste gelegd.

Er zijn zeven milities in de streek actief en nu komt daar nog eens het Verzetsleger van de Heer bij.

De situatie in Zuid-Soedan baart de humanitaire coördinatrice van de VN zorgen. ‘Er zijn zeven milities in de streek actief en nu komt daar nog eens de LRA bij. Als de veiligheid achteruit blijft gaan, mogen we ons verwachten aan een groeiende groep mensen die noodhulp behoeven.’ Volgens Lise Grande sloegen in de eerste vier maanden van 2011 honderdduizend Zuid-Soedanezen op de vlucht voor het opflakkerende geweld. In vergelijking met 2010 zijn de cijfers hard: toen stierven 980 mensen en telde de VN 215 000 ontheemden.

Regionale destabilisering

Zuidelijke leiders beschuldigen Noord-Soedan ervan de opstandelingen te bewapenen. Die zouden van de chaos profiteren om de controle over de Zuid-Soedanese olievoorraden te behouden. Maar Khartoum doet die beschuldigingen af als nonsens. Zuid-Soedan wordt op zijn beurt door de rebellen beschuldigd van corruptie en het intimideren van de oppositie.

Zowel de SPLA als de rebellen worden door Human Rights Watch beschuldigd van het overtreden van de mensenrechten tijdens gevechten in het grensgebied tussen noord en zuid. Volgens het persbericht maakten het zuidelijke leger en de rebellen van Johnson Ollony zich schuldig aan moordpartijen en plunderingen in de regio. Legerwoordvoerder Aguer weerlegt tegen Reuters de aantijgingen en beschuldigt de rebellen.

Analisten waarschuwen dat een verdere uitbreiding van de conflicten in Zuid-Soedan de hele regio kan destabiliseren. Het nieuwe land grenst onder andere aan de Democratische Republiek Congo, Kenia en Ethiopië. Desondanks blijft Grande optimistisch naar de toekomst toe. ‘Het hebben van een eigen republiek zal voor een enorme eendracht zorgen binnen de Zuid-Soedanese gemeenschap.’