Afghanen trekken naar Pakistaanse ziekenhuizen

Nieuws

Afghanen trekken naar Pakistaanse ziekenhuizen

Ashfaq Yusufzai

17 maart 2005

Mijn baby heeft geelzucht en ik wil niet dat hij sterft. De verpleegsters in het ziekenhuis van Kaboel zeiden dat ze niks konden doen, zegt de Afghaanse Raees Maroof. Net als vele landgenoten reisde hij dan maar naar een ziekenhuis in de Pakistaanse grensstad Peshawar. Drie jaar na de val van de Taliban hebben zelfs de grootste Afghaanse ziekenhuizen gebrek aan medicijnen en ander basismateriaal.

Ondanks de beloften van de internationale gemeenschap om het door oorlog verscheurde Afghanistan weer op de been te helpen, blijft het pover gesteld met de gezondheidszorg in het land. De ziekenhuizen zijn veelal vuil en hebben niet genoeg materiaal.

Een van de gevolgen is dat de drie ziekenhuizen in het Pakistaanse Peshawar worden overspoeld door Afghaanse zieken. Ze bezetten er drie op de tien bedden. De stad ligt aan de Afghaanse grens, op amper 120 kilometer van de Afghaanse hoofdstad Kaboel.

De ziekenhuizen in Afghanistan zijn rudimentair. Ze zijn onderbemand, er zijn onvoldoende medicijnen en geen mogelijkheden om specialistenonderzoek uit te voeren, zegt Mamoon Mahmood, een arts in Peshawar. Kan je de Afghanen dan verwijten dat ze naar hier komen?

De naar het ziekenhuis afgezakte Raees Maroof zegt dat twee van zijn kinderen recent in een Afghaans ziekenhuis overleden. Zijn vrouw staat te snikken terwijl hij het vertelt. Het echtpaar hoopt dat de komst naar Pakistan nu minstens hun vijf maanden oude zoontje met geelzucht zal redden. Er zijn genoeg doden in mijn familie geweest, zegt Maroof.

Naast kinderen zijn ook zwangere vrouwen het slachtoffer bij uitstek van de slechte toestand van de Afghaanse gezondheidszorg. Gul Wali is een winkelier uit Kaboel die zijn zwangere vrouw naar Peshawar bracht omdat er complicaties optraden. Ook hij ging eerst naar een ziekenhuis in zijn eigen stad. Er was geen apparatuur om een echo te maken, niets, zegt hij. Ze had erge pijn en ik was bezorgd over de baby. Toen haar toestand nog verslechterde, heb ik beslist haar hierheen te brengen.

De Pakistaanse artsen en verplegers noemen ons parasieten omdat we van het Pakistaanse gezondheidssysteem profiteren, zegt Wali. Maar welke andere keuze hebben we?

Een recent rapport van de hulpmissie van de Verenigde Naties in Afghanistan noemt de moedersterfte in Afghanistan een van de ergste ter wereld. Volgens de VN sterven elk uur twee of drie Afghaanse vrouwen. De Wereldgezondheidsorganisatie zegt dat 14 van elke 100 Afghaanse borelingen hun vijfde verjaardag niet halen. Zelfs de meest fortuinlijken hebben nog altijd maar een gemiddelde levensverwachting van 46 jaar.

De organisatie meldt dat Afghanistan slecht twee dokters per tienduizend mensen telt. Ter vergelijking: België heeft 3,9 dokters per duizend inwoners; met andere woorden bijna twintig keer meer, en Nederland 3,1. De cijfers komen uit het rapport dat de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling vorig jaar publiceerde.

Toch boekt Afghanistan langzaam vooruitgang. De grootste materniteitsafdeling in Kaboel, in het Malalai-ziekenhuis, werd opnieuw ingericht en het personeel kreeg een opleiding in noodbevallingen. Sinds kort is er ook een lichte verbetering in het aantal verpleegsters, hoewel we nog altijd ernstige tekorten hebben, zegt Mohammed Nabi, een Afghaanse arts.

Het Afghaanse Talibanregime werd eind 2001 door Amerikaanse troepen en Afghaanse verzetsstrijders van de macht verdreven, in de nasleep van de aanslagen van 11 september op New York en Washington. Het land hield vorig jaar voor het eerst presidentsverkiezingen. Onder de Taliban werden mannen en vrouwen in aparte ziekenhuizen behandeld en hingen er immense taboes over zwangerschap en gynaecologische problemen, waardoor zelfs binnen het gezin mannen en vrouwen daarover niet met elkaar spraken. Intussen zijn 70 procent van de medische programma’s die het land momenteel kent, ingesteld door internationale hulporganisaties. Zonder hun inspanningen zou de staatsgezondheidszorg helemaal nergens staan. (ADR/PD)