De Rohingya's: verdrukt, verjaagd en vergeten

Nieuws

De Rohingya's: verdrukt, verjaagd en vergeten

De Rohingya's: verdrukt, verjaagd en vergeten
De Rohingya's: verdrukt, verjaagd en vergeten

Ann-Sophie Poulain

30 juli 2012

In Myanmar geraakten Rakhine boeddhisten en Rohingya moslims verzeild in een spiraal van sektarisch geweld. De Hoge Commissaris van Mensenrechten van de VN drukte dit weekend haar zorg hierover uit. De VN noemt de Rohingya’s een van de meest onderdrukte en vergeten volkeren ter wereld. De vluchtelingen zijn nu ook niet meer welkom in buurland Bangladesh.

Navi Pillay, Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de VN, drukte vorige week vrijdag haar zorg uit over de mensenrechtenschendingen die de Rohingya’s ondergaan. Het volk dat tegen de grens met Bangladesh in Myanmar woont, is de laatste twee maanden het slachtoffer van etnisch geweld van de door de regering gesteunde meerderheid. Minstens achtenzeventig mensen lieten het leven en 70.000 Rohingya’s vluchtten.

‘We ontvingen een stroom aan berichten inzake de discriminerende en arbitraire reacties van de veiligheidstroepen op het geweld, hun aansporend gedrag en zelfs hun betrokkenheid in het conflict’, zei Pillay.

De verkrachting van en moord op een boeddhistische Rakhine vrouw eind mei veroorzaakte zware vergeldingsacties op tien moslimmannen. Sindsdien zijn beide partijen schuldig aan wederzijdse aanvallen maar sinds 12 juni worden de boeddhisten gesteund door de regeringstroepen. Zij vielen meerdere Rohingyadorpen binnen, verwoestten hun huizen, doodden tientallen moslims en ontvoerden vele mannen.

Myanmar: ‘Niet onze schuld’

‘De Rohingya’s zijn geen Birmese etnische groep. De wortels van het geweld liggen dan ook niet binnen de Birmese grenzen’, zegt een democratische activist Ko Ko Gyi aan The Independent. ‘Dat zelfs democratische leiders zo een uitspraken doen, is heel verontrustend’, zegt Brad Adams, directeur van de Azië divisie van Human Rights Watch (HRW). De waarheid ligt namelijk volledig anders.

De bevolkingsgroep woont reeds eeuwen in Myanmar. In 1982 ontnam de leider van de militaire junta, Ne Win, de Rohingya’s hun de burgerrechten waardoor zij staatloos werden en niet meer erkend worden als een officiële minderheid. Sindsdien worden zij uitgebuit en gediscrimineerd. Zij mogen geen land bezitten, geen bedrijf runnen, hun religie niet praktiseren en slechts na goedkeuring trouwen, rapporteert Amnesty International.

Door de erbarmelijke omstandigheden waarin zij leven, vluchtten reeds meer dan 250.000 Rohingya’s de grens met Bangladesh over via de Bangladesh rivier. Alleen zijn zij ook daar niet welkom.

Bangladesh: ‘Niet ons probleem’

Als zij ongezien over de grens geraken, komen de Rohingya vluchtelingen in kampen terecht zonder elektriciteit of drinkwater. Bovendien wordt het hen verboden te werken, naar school te gaan of een dokter te raadplegen. Honger en kinderprostitutie tieren daarom welig.

Maar ook buiten de kampen is het leven in Bangladesh hard. Daarom veroorzaakt de heel beperkte hulp die de Rohingya’s ontvangen grote spanningen tussen de lokale bevolking en de vluchtelingen.

Die beperkte steun is afkomstig van een klein aantal internationale hulporganisaties. Uit een reportage van Al Jazeera bleek echter dat zij ongenoemd willen blijven uit vrees dat Bangladesh alle hulp en kampen zou opschorten.

Bangladesh wil de Rohingya’s zoveel mogelijk negeren, zegt Brad Adams van HRW. ‘Een ambtenaar vertelde me dat zij hun verplichtingen ten aanzien van de vluchtelingen nakomen door hen een fles water aan te bieden alvorens hun bootje opnieuw van de oever weg te duwen.’

Eerste minister van Bangladesh, Sheikh Hasini: ‘De vluchtelingen zijn niet onze verantwoordelijkheid maar die van Myanmar’. Vorig weekend legde ze uit dat Bangladesh geen extra vluchtelingen aankan maar haar standpunt heeft voornamelijk te maken met politieke onwil, vindt Adams. ‘Zo weigerde Bangladesh vorig jaar bijvoorbeeld drieëndertig miljoen dollar aan internationale hulp voor de Rohingya’s en de Bengali gemeenschappen waar de vluchtelingen wonen.’ Zij willen extra aantrekkingskracht zo veel mogelijk vermijden, is het excuus.

Etnische zuivering

Door druk vanuit de VN vluchtelingenorganisatie, UNHCR, gaf de president van Myanmar uiteindelijk een officiële verklaring. President Thein Sein: ‘Wij zullen onze verantwoordelijkheid opnemen voor etnische nationaliteiten maar het erkennen van de illegale grensoverstekende Rohingya’s is uitgesloten.’

De oplossingen die Thein Sein aanbiedt, zijn mogelijks nog onthutsender. Ofwel neemt UNHCR de volledige zorg voor de Rohingya’s over ofwel worden de meer dan een miljoen Rohingya’s overgeplaatst naar een derde land. Dit staat gelijk aan een etnische zuivering, zegt Justin Wintle, auteur van de biografie van Aung San Suu Kyi, aan Al Jazeera.

De hoop op verandering was groot met de terugkeer naar de Myanmarese politiek van Aung San Suu Kyi. Tot grote teleurstelling van de Rohingya’s heeft zij zich echter nog niet openlijk uitgesproken over de situatie van de onderdrukte minderheid.

Vorige week riep Aung San Suu Kyi wel op tot respect en gelijkheid voor alle etnische minderheden. Haar wetsvoorstel handelt echter vooral over taal en cultuur en te weinig over gelijkheid, autonomie en mensenrechten, was de kritiek van sommige parlementairen.

Taliban

Daarenboven waarschuwde de Pakistaanse Taliban vorige week voor vergeldingsacties tegen Myanmarees eigendom in Pakistan. Ofwel moet Pakistan zijn steun aan de Myanmarese regering opzeggen, ofwel moet het geweld tegen de Rohingya moslims ophouden, eisen ze. Dat staat te lezen in de Birmese krant The Irrawaddy.

Ook binnen Myanmar dreigt het islamfundamentalisme. Door de beperkte toegang tot het onderwijssysteem worden steeds meer jonge moslimjongens naar de Koranscholen gestuurd. De continue onderdrukking van de Rohingya’s zorgt voor een steeds grotere aantrekkingskracht van de extremistische islam.

Rakhine is daarom een mogelijke toekomstige broedplaats van moslimextremisten, waarschuwt auteur Wintle. ‘Het is dus in het eigenbelang van de Myanmarese regering tot een eerlijke overeenkomst te komen.’

Staatloos

De wandaden van de troepen komen net op het moment dat de relaties tussen het Westen en Myanmar versoepelden. Nu kan de vraag gesteld worden of dat wel de juiste beslissing is geweest. Adams van HRW vindt alvast dat de herziening van het westerse beleid te snel heeft plaatsgevonden.

‘Zo gaat Obama nu al in zee met Birmese oliebedrijven, tegen het afraden van Aung San Suu Kyi in. Daardoor knijpt de VS nu veel meer een oogje dicht dan dat het dat een jaar geleden zou hebben gedaan.’

De Rohingya’s blijven ondertussen onderdrukt en ongewild. Een rooskleurigere toekomst waarin hun status als staatlozen wordt opgeheven, zit er alvast niet aan te komen. ‘Het is een kruitvat dat elk moment kan opblazen’, besluit Brad Adams.