Guy Standing: Sociale concurrentie met opkomende landen is dwaas

Nieuws

Guy Standing: Sociale concurrentie met opkomende landen is dwaas

Guy Standing, hoogleraar Economische Zekerheid aan de universiteit van Bath, Groot-Brittannië, en stichtend lid van het Basic Income Earth Network (BIEN) publiceerde vorig jaar The Precariat. The New Dangerous Class. In die bestseller waarschuwt hij voor de toenemende bestaansonzekerheid die steeds meer mensen wereldwijd treft. Op zaterdag 21 januari is hij in Brussel de voornaamste spreker op het nieuwjaarsevent van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging. Inschrijven kan nog.

Veel Europeanen, zelfs in eurominnend België, beschouwen de EU als een basisinstrument voor de precarisering van leven en werk van de burgers. Kan de EU zichzelf nog omsmeden tot een instrument voor sociale bescherming in combinatie met economische innovatie?

Guy Standing: Alle lidstaten van de Europese Unie hebben op de globaliseringsdruk geantwoord door te kiezen voor een of andere vorm van de strategie die arbeidsmarktflexibiliteit genoemd wordt. Men wil de arbeidskosten verlagen opdat arbeidsmarkten en economieën opnieuw concurrentieel zouden worden met China, India en andere opkomende economieën. Maar dat is een dwaas scenario. Lonen en voordelen worden verlaagd, uitkeringen worden nog harder gesnoeid en economische onzekerheid wordt chronisch. Dat leidt tot een groeiend “precariaat”, de groep mensen die het zonder bestaanszekerheid moet stellen.

Ik vrees dat deze trend zich zal doorzetten totdat mensen woedend genoeg worden opdat politici erop zouden reageren door de ongelijkheid aan te pakken en iets te doen tegen het misbruik van de miljoenen werkers die het precariaat vormen.

Het is tijd dat we verder gaan dan betogingen organiseren en pleinen bezetten. In Europa en andere landen moet dringend werk gemaakt worden van een progressieve agenda. De niet-gouvernementele organisaties die opkomen voor minderheden en kwetsbare groepenzullen een cruciaal onderdeel zijn van zo een agenda.

De meeste opkomende landen keken eerder op naar het Europese sociale marktmodel dan naar het Angelsaksische, neoliberale model. Kunnen zij de uitbouw van een herverdelende maatschappij verderzetten als Europa intussen het pad van de precarisering kiest?

Guy Standing: De opkomende landen beseffen dat het sociale marktmodel, dat in Europa uitgebouwd werd na de tweede wereldoorlog, niet geschikt is voor hen. Voltijdse, industriële tewerkstelling is er immers maar voor een kleine minderheid weggelegd en zal er nooit de norm worden. Landen zoals Brazilië hebben wel wijselijk begrepen dat ze de opbrengst van hun economische groei moeten herverdelen over de hele bevolking. Daarom hebben ze stappen gezet in de richting van een basisinkomen voor iedereen. Het is veelbetekenend dat de groei is blijven toenemen terwijl de geldelijke steun voor de armen steeds breder werd. De ongelijkheid is er afgenomen en de werkloosheid staat op een historisch laag peil. Ook Europa zou werk moeten maken van het bestrijden van ongelijkheid.

Arme en opkomende landen hebben groei nodig om hun bevolkingen uit de armoede te tillen, maar hoe zit dat voor Europa en Noord-Amerika? De groei die ons welvarend maakte, veroorzaakte ook de klimaatverandering. Anderzijds lijkt nulgroei ook niet voor waardig werk te zorgen.

Guy Standing: Alle landen moeten beseffen dat de zogenaamde economische groei niet ecologisch is. We moeten het spoor van het maximaliseren van groei verlaten en in de plaats daarvan focussen op reproductieve activiteiten, ecologisch duurzaam werk én op het verminderen van de groteske ongelijkheden. Het precariaat zou nog het meest voordeel halen uit een beleid dat gericht is op het stimuleren en bevoordelen van arbeid die niet simpelweg winst en economische groei nastreeft. Volgens mij is dit een sleutelelement in de progressieve agenda waarover ik daarnet sprak.

zaterdagochtend 21 januari 2012
start om 10 uur (stipt)
in zaal La Tentation, Lakensestraat 28, Brussel
dit moment kan men gratis meemaken, maar wel verplicht inschrijven via www.11.be/nieuwjaar tegen maandag 15 januari ten laatste.