Nog meer slachtoffers Franco stappen naar Argentijnse rechter

Nieuws

Nog meer slachtoffers Franco stappen naar Argentijnse rechter

Rudy Pieters

26 april 2010

Er stappen nog meer Spanjaarden naar de Argentijnse rechter om de misdaden van de Franco-dictatuur veroordeeld te krijgen. Dat is een gevolg van het proces tegen de Spaanse rechter Baltasar Garzón. Die was een onderzoek gestart naar de duizenden vermisten uit de Spaanse burgeroorlog en de dictatuur.

Eerder deze maand hadden al twee nabestaanden van slachtoffers van de Spaanse dictator Francisco Franco een zaak aangespannen in Argentinië: de zoon van Severino Rivas en de achternicht van Elías García Holgado. Beide burgemeesters waren in 1936, bij het begin van de burgeroorlog, opgepakt en nadien geëxecuteerd.
Twee andere Spanjaarden gaan zich deze week bij de Argentijnse zaak aansluiten, beiden nabestaanden van leden van het FRAP die op 27 september 1975, op het einde van de dictatuur, zijn geëxecuteerd: de zus van Humberto Baena en de weduwe van José Luis Sánchez Bravo. Het FRAP, het Revolutionair Antifascistisch en Patriottisch Front, was een linkse organisatie die zich van de Communistische Partij had afgescheurd en terreuraanslagen pleegde. Baena en Sánchez Bravo behoorden tot de laatste groep van vijf die gefusilleerd werden onder de Franco-dictatuur.
Rechter Baltasar Garzón maakt al sinds de jaren negentig naam met zijn onderzoeken naar Latijns-Amerikaanse dictaturen. Hij baseert zich daarbij op het principe van de universele jurisdictie, waarbij misdaden tegen de menselijkheid ook in andere landen behandeld kunnen worden. Maar nu hij in een eigen land een onderzoek begonnen is, krijgt hij felle tegenkanting. Het Spaanse Hooggerechtshof aanvaardde de klacht van twee extreemrechtse organisaties dat Garzón zijn boekje te buiten is gegaan door de Spaanse amnestiewet van 1977 naast zich neer te leggen.
Het voorbije weekend manifesteerden duizenden mensen in verschillende Spaanse steden om hun steun uit te spreken voor Garzón. Ook aan de Spaanse ambassade in Buenos Aires werd betoogd.