Opvangkamp op Haïti groeit uit tot nieuwe sloppenwijk

Nieuws

Opvangkamp op Haïti groeit uit tot nieuwe sloppenwijk

Opvangkamp op Haïti groeit uit tot nieuwe sloppenwijk
Opvangkamp op Haïti groeit uit tot nieuwe sloppenwijk

20 juni 2013

Drie jaar na de lancering door de Haïtiaanse president René Préval, acteur Sean Penn en andere bekendheden, lijkt het modelkamp Corail-Cesselesse voor slachtoffers van de aardbeving in 2010 uit te groeien tot de meest omvangrijke - en duurste – sloppenwijk van Haïti.

Ook wel bekend als “Kanaän, Jeruzalem en ONAville”, lijkt de nieuwe sloppenwijk, die zo’n 1,100 hectare beslaat, een blijvertje. Belastingbetalers en buitenlandse donoren zullen waarschijnlijk honderden miljoenen dollars betalen om het gebied te verstedelijken. Ook zal er zo’n 64 miljoen dollar opgehoest moeten worden om de landeigenaren schadeloos te stellen. Zij dreigen de regering en hulporganisaties voor de rechter te slepen.

Drie jaar na de lancering is het kamp, dat 18 kilometer ten noordoosten van de hoofdstad Port-au-Prince ligt, omringd door tienduizenden geïmproviseerde onderkomens. Voor de aardbeving was het droge, rotsachtige gebied grotendeels leeg. Een aanzienlijk deel van de grond is eigendom van het Haïtiaanse bedrijf Nabatec S.A, dat er sinds 1999 onder de naam ‘Habitat Haïti 2020’ probeert een ‘geïntegreerde economische zone’ (IEZ) van te maken.

Het plan Habitat Haïti 2020 omvat industrieparken, huizen voor verschillende inkomensniveaus en gezinssamenstellingen, scholen, groene ruimtes en een winkelcentrum. Een Koreaans bedrijf en een Amerikaanse humanitaire groep hadden er al land gekocht. Vlak voor de aardbeving was Nabatec in gesprek met een aantal buitenlandse bedrijven de fabrieken zouden opzetten. “Iedereen had zijn goedkeuring al gegeven, inclusief de Haïtiaanse regering en de Wereldbank”, zegt Gérald Emile Brun, architect en directeur van Nabatec.

Controverse

De plannen liggen echter nog steeds op de plank. Het ooit kale landschap is het thuis geworden voor misschien wel 100.000 mensen. Tienduizend van hen wonen in het kamp, de rest verzamelde zich eromheen. En ze gaan niet meer weg.

“We kunnen de bewoners er niet uit zetten”, zegt Odnell David, directeur Huisvesting bij het Bureau voor de Bouw van Huizen en Publieke Gebouwen, een overheidsorganisatie. “Het idee is nu om het kamp te reorganiseren, zodat er blijvend mensen kunnen wonen.” De helft van het gebied ombouwen tot stad, kost honderden miljoenen dollars, zegt hij. Alleen al aan de initiële infrastructuur hangt een prijskaartje van meer dan 50 miljoen dollar.

Het land waarop het kamp werd gevestigd, is particulier eigendom. In 2010 werd het door de overheid, vanwege de noodsituatie na de aardbeving, tot “land voor publiek gebruik” verklaard. Vanaf het begin was dat besluit controversieel. Critici beweerden dat Brun en Nabatec geld wilden slaan uit de aardbeving. Anderen stelden dat het gebied vanwege economische en milieuredenen niet geschikt was voor bewoning.

Ondanks de controverse, staken hulporganisaties zoals de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM), World Vision en het American Refugee Committee (ARC) samen meer dan 10 miljoen dollar in de bouw van kleine huizen, scholen, speeltuinen, latrines en straatverlichting op zonne-energie.

Tienduizenden mensen trokken naar de omgeving van het kamp, en “kochten” daar stukjes land van oplichters. Volgens sommigen werd het land voor 10 dollar per vierkante meter aangeboden aan aanhangers van Inite, de partij van president Duval. De nieuwe “landeigenaren” kregen land in ruil voor geld en hun stem bij de verkiezingen, beweren Brun en andere bronnen.

Schadevergoeding

Aanvankelijk rekenden Nabatec en de overheid erop dat de partijen betrokken bij Habitat Haiti 2020 het kamp en de omringende onderkomens zouden ontruimen, of de tijdelijke onderkomens zouden veranderen in permanente onderkomens. Vanuit die situatie kon dan begonnen worden met Habitat Haïti. Maar na verloop van tijd realiseerden de partners van Nabatec – onder wie enkele leden van families met de meeste economische macht op Haïti – dat hun plan niet meer gerealiseerd zou worden.

“Het land is een geweldige kans misgelopen”, zegt Brun. “Ik heb zestien jaar gewerkt aan dit project.” Nabatec wil nu schadeloos gesteld worden. “We hebben alle benodigde documenten ingediend. Mondeling is erkend dat het land van ons is en dat we geld krijgen, maar er staat nog niets op papier”, zegt hij.

Volgens David van het Bureau voor de Bouw van Huizen en Publieke Gebouwen, ligt er een “perfect plan” voor 500 hectare van het gebied, met wegen, waterleidingen en sanitaire voorzieningen. Hij wil echter geen inzage geven in het document, omdat het volgens hem nog niet is goedgekeurd.

Ondanks mooie plannen, zal de uitvoering nog wel even op zich laten wachten. Een van de uitdagingen is de bewoners die land “kochten”, ervan te overtuigen dat ze ruimte moeten maken voor de nieuwe infrastructuur. Ondertussen trekken er nog steeds nieuwe bewoners, bepakt en bezakt, naar het niemandsland.