Vrije pers kampt met nieuwe vijanden

Nieuws

Vrije pers kampt met nieuwe vijanden

Marwaan Macan-Markar

04 mei 2004

Thailand, Indonesië en de Filipijnen staan bekend als de landen met de meest vrije pers in Zuidoost-Azië, maar journalistenverenigingen uit de drie landen slaan alarm. “Kritische media worden onder druk gezet via de aankoop van advertentieruimte, door middel van aandelenoperaties of met zwijggeld,” zegt Sheila Coronel, hoofd van het Filipijns Centrum voor Onderzoeksjournalistiek. Onder de autoritaire regimes van vroeger leden we onder censuur van staatswege, nu wordt die geprivatiseerd.

In Thailand slaagden familieleden van politiek zwaargewicht Suriya Juengrungruangkit erin een groot deel van de aandelen te kopen van the Nation Multimedia Group, een krantengroep die bekend stond voor zijn kritische berichtgeving. Volgens Boonrat Apichattrisorn van de Thaise Journalistenvereniging is er sprake van een trend: grote zakengroepen en rijke families interveniëren steeds meer in de media.

Een aantal kranten moet ook twee keer nadenken als ze kritische kanttekeningen of vlakaf negatieve berichten over de overheid willen publiceren. Bedrijven die banden hebben met politici in de regering, bestellen immers veel advertentieruimte, stelt Boonrat. Provinciale kranten zijn het kwetsbaarst voor beïnvloeding door invloedrijke groepen die advertentieruimte kopen in ruil voor gunstige berichtgeving.

Lukas Luwarso, het hoofd van de Indonesische afdeling van de South-East Asia Press Alliance, een regionale mediawaakhond, zegt dat in zijn land een aantal machtige zakenlui journalisten voor de strafrechtbank slepen om hen monddood te maken. Er zijn momenteel 17 zulke zaken aan de gang. Op zich is het in orde dat persmisdrijven voor de rechtbank komen, maar het zou geen vorm van intimidatie mogen zijn. Een studie over het medialandschap in Indonesië wees met beschuldigende vinger naar tycoons Tommy Winata en Sinevasan Manimaren.
Volgens de studie ‘Bedreigingen voor de Persvrijheid in Indonesië’ van de Indonesische advocaat Tedjabayu, zijn vooral de zakenmaatjes van de voormalige president Soeharto te duchten.

Op de Filipijnen werden vorig jaar zeven journalisten door huurmoordenaars gedood. Dat meldt Philippe Latour, de lokale vertegenwoordiger van Reporters Zonder Grenzen. Daarmee zijn nu in de Filipijnen al 44 journalisten vermoord sinds 1986, het jaar waarop het land na het dictatorschap van oud-president Marcos terugkeerde naar de democratie. Straffeloosheid heeft het geweld tegen de pers aangemoedigd, zegt Latour. Het aantal dode Filipijnse journalisten heeft een andere mediawaakhond, het in New York gebaseerde Freedom House, intussen doen beslissen de archipel te schrappen van de lijst met landen waar een hoge mate van persvrijheid heerst. De Filipijnen stonden sinds zes jaar op de lijst.

Het nieuws uit de buurlanden is niet opwekkender. In Cambodja werd de opkomst van een vrijere pers ondermijnd door een moord op een journalist, en uit Birma, Laos en Vietnam komen berichten dat journalisten in de gevangenis worden gestopt. Birma spant de kroon, met 10 opgesloten journalisten. Volgens Reporters Zonder Grenzen worden ze de eerste weken gemarteld, en daarna net als duizenden andere gewetensgevangenen in mensonterende omstandigheden vastgehouden.

Ook voor de democratische landen ziet Sheila Coronel van het Filipijns Centrum voor Onderzoeksjournalistiek de toekomst van de persvrijheid donker in, gezien de opkomende sterke autoritaire stromingen in de Zuidoost-Aziatische democratieën. De wetten die na de val van de autoritaire regimes werden opgesteld, bieden ons weinig bescherming tegen dit soort aanvallen op de persvrijheid. (AD/PD)