'Eeuwenoude koranverzen bepalen nog steeds leven miljoenen moslims'

Willy Laes

27 augustus 2018
Opinie

Een antwoord aan Walter Zinzen

'Eeuwenoude koranverzen bepalen nog steeds leven miljoenen moslims'

'Eeuwenoude koranverzen bepalen nog steeds leven miljoenen moslims'
'Eeuwenoude koranverzen bepalen nog steeds leven miljoenen moslims'

Wanneer de gerespecteerd oud-journalist Walter Zinzen in zijn pen klimt ('De vrouw is zedelijk en intellectueel minderwaardig') om mij, 'zelf verklaard mensenrechtenactivist', de les te spellen, is dat een hele eer. Mag ik de heer Zinzen toch wijzen op enkele details.

(CC0 Creative Commons)

(CC0 Creative Commons)​

Detail 1. De aanleiding voor mijn stuk in MO* (‘Woorden als “islamofobie” en “racisme” hebben een betekenis’) was de passage van Bleri Lleshi in ‘Vurig bestrijder van racisme of vurig bestrijder van islamofobie die als volgt leest: ‘islamofobe en dus racistische discours_’_. Zo staat het er, onverkort. In zijn stuk heeft Dirk Van Duppen ondertussen de puntjes op de i gezet: de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM) is hier de referentietekst bij uitstek. Het VN-verdrag over racisme vloeit er uit voort.

Detail 2. Een lesje ‘Citeren_’_ kan ik wel smaken. Maar ik begrijp het verband niet tussen Aristoteles, Thomas van Aquino, Immanuel Kant, wat katholieke pausen, Napoleon enerzijds en anderzijds de koran. De Griekse wijsgeer, de christelijke filosoof, een vader van de Verlichting, de Franse keizer-dictator, zelfs de Roomse pausen: het zijn mensen. De koran is een boek waarvan de auteur de god Allah zelf is. Daarom opent de koran ook met soera 2:2 : ‘Dit is het boek waaraan geen twijfel is, een leidraad voor de godvrezenden’. (Vertaling van Fred Leemhuis.)

Pleegt Zinzen nu geen blasfemie door een goddelijk boek op dezelfde lijn te plaatsen als wat citaten van gewone stervelingen? En zijn verwijzingen naar de bijbel gaan niet op. Het Oude Testament is geschreven door mensen. De koran is die volmaakte en finale tekst van Allah. Ik moet nog de eerste gelovige moslim ontmoeten of lezen die dat in twijfel trekt. Even terzijde dit: mijn grootouders en ouders hebben mij opgevoed als atheïst. Verwijzingen naar het christendom of andere religies raken mijn koude kleren niet. Behalve wanneer diegenen die beweren te spreken namens een of andere god hun manier van geloven en denken willen opleggen aan anderen.

Detail 3. Wanneer Zinzen wat citaten van mensen aandraagt om citaten uit de koran te banaliseren, vergeet hij dan niet dat miljoenen moslims hun leven afstemmen op wat in die koran staat, die eeuwenoude tekst? Het toepassen ervan is nu nog dagelijkse kost. Wat Napoleon zei over de relatie man/vrouw, het heeft geen enkele invloed meer. Wat in de koran aan discriminerende passages te lezen is doet nog steeds terzake. In hun grondwet en wetten verwijzen vele moslimlanden naar de sharia, de Islamitische Wet. Eén voorbeeld. Vandaag is het erfrecht in landen met een moslimmeerderheid gebaseerd op het koranvers 4:11 ‘God draagt jullie met betrekking tot jullie kinderen op: voor een mannelijk [kind] evenveel als het aandeel van twee vrouwelijke [kinderen].’ In Tunesië durven vrouwen nu eisen dat de wetgeving hierover zou worden aangepast. Deze vrouwen strijden om een elementair mensenrecht: de gelijkheid in rechten tussen man en vrouw, zoals beschreven in de UVRM.

Onze solidariteit moet gaan naar mensen die, in gevaarlijke omstandigheden, respect vragen voor de universele mensenrechten en dus voor gelijke rechten voor man én vrouw

Een mens moet dan ook weten aan welke kant hij of zij staat. Islamofobie, blasfemie, cultureel racisme of gewoonweg racisme zijn instrumenten om elke kritiek op de islam in de kiem te smoren. Zo worden de theocratische, dictatoriale en autoritaire regimes die zich op deze religie beroepen uit de wind van de kritiek gezet. Dit versterkt de machthebbers in o.a. Egypte, Iran, Qatar, Saudi-Arabië. De slachtoffers van die regimes worden in de steek gelaten. Onze solidariteit moet gaan naar mensen die, in gevaarlijke omstandigheden, respect vragen voor de universele mensenrechten en dus voor gelijke rechten voor man én vrouw. De ruimte die religies claimen in naam van de vrijheid van godsdienst kan niet ten koste gaan van die fundamentele gelijkheid in rechten tussen man en vrouw.

Detail 4. De aanslagen gepleegd door moslimterroristen worden door de daders systematisch opgeëist met verwijzingen naar de koran. Bin Laden deed dat uitvoerig. De gebroeders Kouachi, die op 7 januari 2015 de redactie van Charlie Hebdo decimeerden, stormden de lokalen van het satirisch weekblad binnen roepend: ‘Allah Akbar! Allah Akbar!’ Ik heb geen weet van een recente aanslag waarbij de daders ‘Aristoteles Akbar!’ of ‘Kant Akbar!’ brulden. De broers Kouachi waren duidelijk over hun motieven: ‘Lees de koran’ drukten ze de directeur van de drukkerij waar ze zich verschuilden op het hart. Best mogelijk natuurlijk dat Zinzen beter weet wat de diepere motieven zijn van deze theoterroristen dan de daders zelf. Ik ben zo naïef deze moordenaars op hun woord te geloven. Zouden ze liegen als ze weten dat ze bij hun actie zullen sterven en als martelaar meteen naar hun Zevende Hemel verhuizen?

Detail 5. ‘Wat juridisch niet bestaat, bestaat ook niet in het echt. Zo spreekt een zelf verklaard mensenrechtenactivist’, schrijft Zinzen. Tevergeefs heb ik in mijn tekst gezocht naar de eerste zin van dit citaat. En als zelf verklaard mensenrechtenactivist zwaai ik voor alles met die UVRM uit 1948. Geen juridische tekst. Wel een ‘te bereiken ideaal’ met een morele draagwijdte. En een wapen in de handen van de velen die niet kunnen genieten van universele mensenrechten, die – ten overvloede - de absolute gelijkheid in rechten tussen man en vrouw voorop stellen.

Detail 6. ‘Natuurlijk kan een mens zijn godsdienst vrijelijk kiezen’, schrijft Zinzen. Zo ‘natuurlijk’ is dat niet. Volgens artikel 18 van de UVRM moet dat kunnen. Volgens de islam niet: eens moslim, altijd moslim. Vraag het maar aan de afvallige moslims. Hier ten lande. En in moslimlanden waar doodstraf, gevangenschap en sociale uitsluiting hen wachten. Vanaf 1948 hebben o.a. Afghanistan, Egypte, Saudi-Arabië zich in de Verenigde Naties verzet tegen die mogelijkheid om van religie te veranderen. Een lijn die ze consequent doortrekken, tot vandaag. Met verwijzing naar hun geloof. Zinzen gooit mij de moordpartijen die IS aanrichtte onder jezidi’s in Irak voor de voeten. Uiteraard heeft dit te maken met discriminatie. Op basis van religie. De godsdienstoorlogen uit onze geschiedenis en de Inquisitie liggen al een tijdje achter ons. Soennieten en sjiieten hakken er vandaag nog steeds lustig op los. Op elkaar, in de eerste plaats.

Detail 7. ‘De waarheid is dat kritiek op de islam niet zozeer op de godsdienst zelf slaat maar op de mensen die deze godsdienst belijden’, orakelt Zinzen. Wie kritiek uitoefent op de islam – een religie, een ideologie - valt als vanzelfsprekend moslims aan, mensen dus. Die gedachtenkronkel is intellectueel oneerlijk. De koran onderwerpen aan kritiek is één ding. Hoe gelovigen met dat boek omgaan, is een andere zaak. In de jaren vijftig van de vorige eeuw was niet elke marxist automatisch een stalinist. Niet elke moslim is als vanzelfsprekend een theoterrorist. Net als binnen alle geloofsgemeenschappen zijn diversiteit en verscheidenheid troef onder moslims. Mensen die op hun manier gestalte geven aan hun geloof en de koran interpreteren. Eenieder is vrij te geloven wat hij of zij maar wil. Liefst zonder er andersgelovigen of ongelovigen mee lastig te vallen.

Ik heb weinig vandoen met zogenaamde superieure ‘Westerse waarden’. Zijn dat de waarden die de VSA toepasten en toepassen in Guantanamo? Zijn dat de waarden die de Belgische regering hanteert in haar gesloten centra voor asielzoekers?

Detail 8. Ik heb weinig vandoen met zogenaamde superieure ‘Westerse waarden’. Zijn dat de waarden die de VSA toepasten en toepassen in Guantanamo? Zijn dat de waarden die de Belgische regering hanteert in haar gesloten centra voor asielzoekers? Zijn dat de waarden die de EU in de praktijk brengt op de Middellandse Zee? Zo ja, dan zijn het niet mijn waarden. Die lees ik in de UVRM, het antidiscriminatiedocument bij uitstek.

Detail 9. Een religie die wel beweert superieur is – u raadt het – de islam. Die superioriteit is te lezen in de koran en in de Verklaring van de Rechten van de Mens in Islam, kortweg de Caïro-Verklaring, in 1990 aangenomen door de Organisatie van de Islamitische Samenwerking, 57 landen met een moslimmeerderheid. De Inleiding stelt dat Allah van de islamitische Oemma ‘de beste gemeenschap_’_ heeft gemaakt. En artikel 1 b) - laatste zin leest zo: ‘Niemand is superieur ten aanzien van een ander tenzij op basis van godvruchtigheid en goede daden.’ De twee afsluitende artikels vermelden dat alle mensenrechten onderworpen zijn aan de sharia. En die Caïro-Verklaring is nu eens niet een eeuwenoude tekst.

Ach. Ik heb nog wat vragen en opmerkingen bij wat Walter Zinzen schrijft. ‘Bloot in het zwembad werd nu verplicht’, beweert hij. Waar zoal? Enfin, ik laat het er bij.

Toch nog dit. Ik ben blij eindelijk een geuzennaam te hebben: ‘de zelf verklaarde mensenrechtenactivist’. Inderdaad. In de jaren zeventig van de vorige eeuw heb ik zelf verklaard dat ik van een amechtig clubje een sterke mensenrechtenbeweging zou maken: onder mijn bezieling (mag ik dat zeggen?) zette ik, samen met enkele vrienden, allen onbetaalde vrijwilligers, zonder overheidssteun en tegen de tijdsgeest in, Amnesty International in Vlaanderen op de kaart. In die tijd gaf ik onderdak aan politieke vluchtelingen uit Latijns-Amerika, maandenlang. Amnesty Vlaanderen – en ik in de eerste plaats – kreeg het geregeld aan de stok met o.a. Zuid-Afrikaanse diplomaten (Zuid-Afrikacampagne 1978), lijfwachten van Mobutu (Zaïrecampagne van 1980) of nog Vlaams Blokkers die er plezier in vonden onze infostands hardhandig aan diggelen te slaan. De BOB (Bewakings- en Opsporingsbrigade) wist mij wonen. Ze belde thuis al eens aan, volgde mij wanneer ik in Zaventem de Amnestyonderzoeker over Zaïre/Congo ging ophalen en was geregeld aanwezig bij de vele voordrachten die ik in Vlaanderen verzorgde. Ik gebruikte niet alleen de pen. Ik stak de handen uit de mouwen en moest daarvoor soms pijnlijk ‘betalen’. Nu, na vijftig jaar militeren voor universele en gelijke rechten voor man en vrouw, weet ik hoe dit alles te duiden: ‘zelf verklaard mensenrechtenactivist’. Met dank aan Walter Zinzen.

Willy Laes, zelf verklaard mensenrechtenactivist