Wat je allemaal kan leren uit een openhartig gesprek onder moslims

Opinie

Wat je allemaal kan leren uit een openhartig gesprek onder moslims

Hoe het is om moslim te zijn, en als moslim op te groeien, in een seculiere samenleving? Die vraag bracht onlangs een aantal jonge en meer ervaren moeders, studentes en vrouwen die werken in de financiële sector, het onderwijs, het middenveld of de hulpverlening samen. Maryam H'Madoun, mede-initiatiefneemster van Karamah EU, deelt de inzichten via onderstaand, empathische verslag. 'Elk moslimkind moet steeds op de hoogte zijn en een verklaring hebben voor de laatste gebeurtenissen overal in de wereld waar iemand Allahu Akbar roept.'

Over de titel van de samenkomst maakten een aantal aanwezigen al snel een terechte opmerking, die meteen raakte aan de kern van het gesprek. Het zou niet zozeer gaan over ‘moslim zijn in een seculiere samenleving’ dan wel over ‘moslim zijn in een “seculiere” samenleving’; of zelfs over hoe het is om te leven in een samenleving die steeds meer vijandig staat tegenover moslims, om welke reden dan ook.

Een seculiere samenleving kan namelijk een open, pluralistisch en solidair project voorstaan waar etnische en religieuze verschillen als een verrijking worden beschouwd en als dusdanig worden ingezet. Helaas is dat niet de ervaring van de aanwezigen in onze huidige samenleving. Bovendien wordt wel beweerd dat onze samenleving seculier is, maar niemand kan omheen het diep ingebedde katholicisme in de structuren en het karakter van onze samenleving.

Hier is op zich niets mis mee want elk land kent een eigen historische ontwikkeling en culturele eigenheid. Maar, als een zogenaamd secularisme wordt gebruikt om “religie” te weren, en in wezen vooral moslims uit te sluiten en hen het recht op een menswaardig bestaan te ontzeggen, dan is het belangrijk om even de puntjes op de i te zetten vooraleer het gesprek van start kan gaan.

De eenzame eerste

Een andere ervaring die de deelnemers aan het gesprek gemeenschappelijk hebben is dat ze behoren tot een generatie van personen die de eerste of zelfs de enige zijn met een moslimachtergrond in hun werkveld. Die ervaring is behoorlijk eenzaam en in de huidige nationale en internationale context soms zelfs ondragelijk. Niet alleen lijk je al bij voorbaat iets te moeten compenseren of goedmaken, je wordt ook te pas en te onpas ter verantwoording geroepen omwille van je geloof.

En zelfs al ben je van goede wil en wil je dingen uitleggen en “bruggenbouwer” zijn, dan nog stel je vast dat je na ontelbare pogingen steeds dezelfde vragen en opmerkingen krijgt in het beste geval, en stuit op ontkenning in het slechtste. En dit komt hard aan, omdat je beseft dat je er in je werkomgeving wel bent, maar dan ook weer niet, want niemand luistert. En als je na de zoveelste beledigende opmerking scherp of kort reageert, dan ben je agressief.

Een moslimvrouw moet kiezen: ze is ofwel achterlijk en onderdrukt, ofwel agressief

Want dat zijn de types die ter beschikking staan van een moslimvrouw vandaag de dag, je bent ofwel achterlijk en onderdrukt ofwel agressief. Je kan met andere woorden nooit goed doen. Sommigen getuigen dat ze er uiteindelijk voor gekozen hebben om niets meer uit te leggen, vanuit het besef dat je als individu met je toelichting en omkadering niet op kan tegen een systeem waar men steeds opteert voor simplistische en geculturaliseerde verklaringen.

Bovendien is het ook uitputtend. Wat opvalt is dat de ervaring van maatschappelijke onderdrukking maakt dat iedereen regelmatig pogingen onderneemt om in een contact de “ander” op zijn gemak te stellen. Ofwel door extra hard zijn best te doen om te helpen, of door zichzelf weg te cijferen als het even kan. Soms omdat je onbewust nog steeds wil “bewijzen” dat moslims nog niet zo erg zijn.

Soms omdat je beseft dat in dit systeem de macht nooit aan je kant staat en één enkele misstap – terecht of niet – je niet alleen de kop kan kosten maar ineens kan leiden tot de veroordeling van een hele gemeenschap. En soms omdat er geen andere weg lijkt dan toegevingen te doen om te komen tot een herstel van vertrouwen en menselijk contact, in een maatschappij waar mensen doorgaans tegen elkaar worden opgezet..

Jongeren die geen jongeren mogen zijn

Wat iedereen in de groep nog meer zorgen baart is het besef dat niet alleen wij, als volwassenen en ervaringsdeskundigen, maar ook onze kinderen, met dezelfde vragen en vijandigheid geconfronteerd worden. “Net als van ons, wordt van hen verwacht dat zij op alles een antwoord hebben”, luidt het bezorgd. Dat zij bij wijze van spreken optreden als expert in de meest uiteenlopende thema’s (of het nu gaat over de multiculturele samenleving, de islam, vrouwenrechten, de geopolitieke situatie eender waar,…) en het opnemen voor “hun” gemeenschap.

Ze worden niet beschouwd noch behandeld als individuen, met een eigen identiteit, met dromen en interesses waar ze ook graag over praten; als personen die deel uitmaken van verschillende groepen, los van de etnische of religieuze achtergrond. Men vergeet dat het gaat om jongeren die nog aan het leren zijn en zelf vaak verward zijn over wat er gebeurt, en daarom onze bescherming en begeleiding verdienen eerder dan een terechtwijzende vinger.

Elk moslimkind moet steeds op de hoogte zijn en een verklaring hebben voor de laatste gebeurtenissen overal in de wereld waar iemand Allahu Akbar roept.

Het feit dat ze steeds beschouwd worden als dé moslim die het mag komen uitleggen, beknot de ruimte en vrijheid om een eigen unieke persoonlijkheid te ontwikkelen, en geeft ze het gevoel geen deel te zijn van deze samenleving. De aanwezigen maakten dit als kind ook mee, maar iedereen was het erover eens dat de situatie is verergerd voor de jongeren die na 11 september, en vandaag met de gebeurtenissen in Syrië en Irak, naar school moe(s)ten.

Terwijl je vroeger vooral uitleg moest geven over je Marokkaans-zijn en je thuissituatie, wordt vandaag verwacht dat je alles kan uitleggen over een wereldreligie die niet alleen in verschillende ruimten maar ook bij verschillende individuen anders tot uiting komt. En, dat je steeds op de hoogte bent en een verklaring hebt voor de laatste gebeurtenissen overal in de wereld waar iemand Allahu Akbar roept.

Van pluralisme en openheid naar verstarring

De aanwezige moeders stellen vast dat jongeren al vroeg een sterke interesse tonen in religie en zich erin willen verdiepen omdat ze met vele vragen zitten. Alleen baart het sommigen zorgen dat die interesse er niet alleen is omwille van de oprechte zoektocht naar zingeving en spiritualiteit, maar ook omwille van de ervaringen van verplichte verantwoording en maatschappelijke uitsluiting. En deze laatste elementen hebben een invloed op de manier waarop iemand op zoek gaat naar antwoorden.

De publieke opinie met haar simplificaties en stereotypering, heeft immers geen oog voor de bestaande verscheidenheid aan theologische opinies, noch voor de vanzelfsprekende diversiteit in een religie die zich over honderden jaren wereldwijd met talloze culturen vermengd heeft, en de dynamische aard van de individuele religiebeleving. Men wil bijvoorbeeld enkel weten of de hoofddoek verplicht is in de islam of niet, of de sharia nu boven de Belgische grondwet staat of niet, het is zwart of wit en je verliest wat je ook kiest.

De dwang om te kiezen voor een duidelijke en vooral simpele islam leidt wel eens tot de ontwikkeling van een enge en dogmatische kijk die maar één waarheid duldt

Deze dwang om te kiezen voor een duidelijke en vooral simpele islam leidt wel eens tot de ontwikkeling van een enge en dogmatische kijk die maar één waarheid duldt. De ironie wil dat men vaak precies dat vijandbeeld gaat belichamen dat men eigenlijk wilde ontkrachten. Het is al zo voor volwassenen, maar het is eens zo belangrijk dat gehoor gegeven wordt aan de bekommernissen en frustraties van jonge moslims, en dat hun gevoel van onbehagen en ervaring van onrechtvaardigheid serieus wordt genomen.

Daarnaast hebben ze nood aan veilige ruimtes en vrijetijdsbestedingen waar ze jong, en kind, en vooral zichzelf kunnen zijn. De school zou zo’n plek moeten zijn, maar helaas blijkt dat zelden het geval. De situatie lijkt ook niet te beteren als schooldirecties van de Staatsveiligheid aangeleerd krijgen om pubers die graag wat uitdagen extra in het oog te houden, omdat ze de pech hebben ook moslim te zijn.

Moslims als volwaardige burgers

De verwachting leefde bij een aantal aanwezigen dat Belgische moslims ooit wel een volwaardige plek zouden krijgen in onze samenleving. Die droom lijkt in de huidige omstandigheden vervlogen. Beleidsinitiatieven die interesse tonen voor wat er leeft onder moslims blijken steeds georiënteerd vanuit een veiligheidsperspectief en eerder gericht op controle en bestraffing.

Het is moeilijk om op te groeien met het gevoel te behoren tot een samenleving als je steeds bij voorbaat schuldig bent tot het tegendeel bewezen is. Ondanks alles hebben de aanwezigen hoop dat het tij kan keren. Het is belangrijk, vinden ze, dat moslims en de organisaties die hen vertegenwoordigen niet alleen onderling meer samenwerken maar ook met iedereen die de onrechtvaardigheid erkent en zich ertegen wil verzetten.

De aanwezigen vinden het ook belangrijk dat moslimorganisaties zich niet voor elke misstap van een moslim verontschuldigen, maar wel de nodige duiding geven wanneer de islam misbruikt wordt om de meest gruwelijke wandaden te legitimeren. De hoop is er ook dat moslimorganisaties en moslimvertegenwoordigers reageren wanneer groepen dreigen te worden verdeeld en tegen elkaar te worden opgezet.

Als er iemand benadeeld wordt door wie dan ook, of het nu door de staat is of door een medemoslim, dan is dat een probleem van ons allen

Dat ze meteen standpunt innemen en duidelijk stellen dat dat niet kan, dat onze verschillen geen bron zijn van conflict en dat ook nooit mogen worden. Of het nu gaat om vrouwen met en zonder hoofddoek, mannen met en zonder baard, Sunnis en Shias, enzovoort. Als er iemand benadeeld wordt door wie dan ook, of het nu door de Staat is of door een medemoslim, dan is dat een probleem van ons allen omdat wij ons, niet alleen als moslim, maar als mensen horen te verzetten tegen onrecht.

Hoewel het nu onmogelijk lijkt, willen de aanwezigen nog steeds de denkoefening maken om te bepalen wat moslims nodig hebben om zich deel te kunnen voelen van deze samenleving. Er zijn verschillende ideeën geponeerd die nu nog utopisch lijken, maar hoop doet leven, althans dat zeggen ze.

Maryam H’madoun en Kim Lecoyer

KARAMAH EU, een vrouwen- en mensenrechten organisatie opgericht en geleid door jonge Belgische moslimvrouwen, organiseert geregeld vormingen, lezingen en discussiemomente