‘Als u deze genocide stilzwijgt, dan hoeven wij uw geld niet’

Verschillende auteurs

14 februari 2024
Opinie

Academici uit Libanon en Palestina weigeren Nederlandse financiering wegens 'stilzwijgende medeplichtigheid'

‘Als u deze genocide stilzwijgt, dan hoeven wij uw geld niet’

‘Als u deze genocide stilzwijgt, dan hoeven wij uw geld niet’
‘Als u deze genocide stilzwijgt, dan hoeven wij uw geld niet’

Bijna 600.000 euro kregen een aantal academici en hun instellingen vorig jaar via de Nederlandse universitaire instelling IHE in Delft als financiering voor onderzoek naar duurzaam waterbeheer in Libanon en Palestina. Maar vandaag weigeren ze dat geld.

© Reuters / Ibraheem Abu Mustafa

‘Een meerderheid van de Gazaanse bevolking lijdt onder extreme honger en heeft geen toegang tot proper drinkwater.’

© Reuters / Ibraheem Abu Mustafa

Bijna 600.000 euro kregen een aantal academici en hun instellingen vorig jaar via de Nederlandse universitaire instelling IHE in Delft als financiering voor onderzoek naar duurzaam waterbeheer in Libanon en Palestina. Maar vandaag weigeren ze dat geld. ‘Want de aanvaarding van financiering draagt bij aan het witwassen van racistisch en koloniaal beleid.’

Op 21 januari, de 106de dag van de Israëlische aanval op de Gazastrook, besloten wij ons terug te trekken uit de onderzoeksprogramma’s van het IHE Delft Institute for Water Education en alle samenwerking met de betrokken universiteit stop te zetten.

In 2023 ontvingen wij subsidies voor een totaalbedrag van 580.000 euro via het IHE Delft Water and Development Partnership Program (WDPP). Dat richt zich op duurzaam en gelijkwaardig beheer van water en natuurlijke bronnen door sociaal-inclusieve en ecologisch duurzame initiatieven te stimuleren. IHE Delft stelt zelf te streven naar ‘een wereld vrij van armoede en onrechtvaardigheid, waarin mensen hun water- en natuurlijke bronnen duurzaam en rechtvaardig kunnen beheren’.

We kregen financiering voor twee projecten, één gericht op duurzaam waterbeheer in landbouw en één gericht op collectief waterbeheer. Deze inspanningen van het WDPP stellen we zeer op prijs. Maar we kunnen op dit moment niet anders dan alle samenwerking stop te zetten omdat de financiële middelen voor deze projecten afkomstig zijn van de Nederlandse overheid en het IHE Delft zich in stilzwijgen hult met betrekking tot Gaza.

Totale verwoesting

Het Palestijnse volk wordt onderworpen aan de dramatische intensivering van militaire bezetting, kolonisatie en genocide. Palestijnen in Gaza worden afgeslacht door een technologisch superieure en nucleair bewapende oorlogsmachine.

Op het moment van dit schrijven zijn meer dan 28.000 Gazanen dood, 8000 vermist en 68.000 gewond. Bijna twee miljoen mensen zijn ontheemd en 350.000 mensen lijden aan overdraagbare ziektes door de erbarmelijke hygiënische situatie.

Een meerderheid van de Gazaanse bevolking lijdt onder extreme honger en heeft geen toegang tot proper drinkwater. Levens zijn verwoest, lichamen verminkt, kinderen getraumatiseerd en hele bloedlijnen zijn uitgewist. Experten waarschuwen daarnaast dat de invasie onomkeerbare schade aan het milieu toebrengt.

De aanval blijft niet beperkt tot de Gazastrook alleen. Ook Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever worden onderworpen aan een brute vervolging door het Israëlische leger en fanatieke joodse kolonisten. In de laatste drie maanden werden zeker 5000 mensen gevangen genomen/gegijzeld. 370 mensen werden er vermoord. In 2023 vielen in totaal bijna 600 doden.

In Gaza is de sociale, administratieve en fysieke infrastructuur systematisch vernietigd.

Israëls discriminerende beleid tegen Palestijnen duurt voort. Israëlische kolonisten worden aangemoedigd om Palestijnse families uit hun huizen te jagen, hun bomen te ontwortelen en gronden te onteigenen.

Ook Zuid-Libanon blijft niet gespaard. Israël gebruikte er witte fosfor in de dorpen, velden en bossen, wat blijvende giftige gevolgen heeft. Huizen werden er verwoest en zowel burgers als journalisten waren het doelwit van het Israëlische leger. Drie generaties Libanezen, vooral in het zuiden, zagen de geschiedenis van Israëls aanvallen nieuw leven ingeblazen worden.

In Gaza is de sociale, administratieve en fysieke infrastructuur systematisch vernietigd. Ook onderwijs vormt een systematisch doelwit. Meer dan 350 scholen en de meeste universiteiten werden verwoest of beschadigd. Bijna 70% van alle woningen is verwoest of beschadigd. Gaza’s bestuurlijke capaciteit is weggevaagd.

En als onderdeel van de collectieve bestraffing door Israël is er een tekort aan drinkwater, elektriciteit en voedselvoorzieningen. Waterleveranciers en ingenieurs werden gedood terwijl ze trachten om in de behoeften van de gemeenschap te voorzien of terwijl ze met hun families bescherming zochten tegen de luchtaanvallen.

De bestaande water- en energie-infrastructuur was ook een doelwit en werd verwoest. Het bestuur van de stad Gaza moest hun inwoners op een gegeven moment meedelen dat de inwoners dagelijks minder dan een liter water per persoon kregen en alle werkzaamheden werden stilgelegd door een gebrek aan brandstof.

Academici zoals Sufyan Tayeh, hoofd van de Islamitische Universiteit van Gaza en dokter Said Al Zubda, voorzitter van het Universitair College van Toegepaste Wetenschappen, dichters zoals Hiba Abu Nada, schrijvers zoals Refaat Al Areer, meer dan 100 journalisten en hun families en 11 dokters en gezondheidswerkers, zoals dokter Hammam Alloh van het Al-Shifaziekenhuis werden gedood door het Israëlische leger.

In Jenin en Tulkarem, om maar enkele steden op de Westelijke Jordaanoever te noemen, braken bulldozers van het Israëlische leger straten open en beschadigden de civiele infrastructuur. Het is een poging om de bevolking, dat zich verzette tegen het geweld van Israëlische kolonisten en militairen, te onderwerpen.

Niet-aflatende steun

Dit alles gebeurt met de niet-aflatende steun van vele Europese regeringen, waaronder de Nederlandse. De Nederlandse regering en de eerste minister spraken al herhaaldelijk hun onvoorwaardelijke steun uit voor Israël, zonder enige aandacht voor Israëls verplichtingen als bezettende macht, of de lange lijst mensenrechtenschendingen. Geert Wilders, leider van de grootste partij in Nederland en fervente aanhanger van Israëls militaire bezetting, riep zelfs openlijk op tot een etnische zuivering van de Palestijnen.

We zijn resoluut tegen dergelijke vormen van racisme en onverdraagzaamheid. Wij moeten daarbij erkennen dat de aanvaarding van financiering via het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken bijdraagt aan het witwassen van dergelijk racistisch en koloniaal beleid.

Waterexperts onderzochten en berichtten uitvoerig over de verwoesting van de watervoorziening in Gaza. Ze wezen op Israëls gebruik van water als wapen in Gaza en veroordeelden dat stellig. Wat daarbij zeker gezegd moet worden: onder hen bevinden zich ook wetenschappers van het IHE Delft.

Het gebrek aan een veroordeling is teleurstellend.

Maar in deze context weegt de stilte van een instituut dat expliciet werkt aan het bevorderen van een rechtvaardig en duurzaam waterbeheer en beheer van natuurlijke bronnen extra zwaar. Meer nog: gezien de ernst van de mensenrechtenschendingen en vernieling van de waterinfrastructuur en het gebruik van water als wapen in een beleid van collectieve bestraffing, is die stilte oorverdovend.

Het gebrek aan een veroordeling is teleurstellend. Dat geldt ook voor de aanvallen op academische instellingen en op academici, studenten en het personeel door het bezettingsleger.

Al jaren werkt IHE Delft samen met Palestijnse universiteiten. Het is nauw betrokken bij projecten met verschillende experts, studenten en onderzoekers in de regio. Dat maakt het gebrek aan bezorgdheid en aandacht voor het lot van haar partners in deze genocide schandalig.

Het vormt een duidelijke illustratie van hoe neokoloniale verhoudingen dergelijke instituten en de academische wereld vormgeven. Dergelijke institutionele stilte verwacht dat academici in het globale zuiden simpelweg de beredeneerde uitwissing, uitbuiting en vernietiging van hun volk accepteert. Het legt bloot hoe ‘dekoloniale wetenschap’ alleen lijkt te bestaan als abstracte academische oefening, eerder dan een praktijk van solidariteit met gekoloniseerde mensen.

Desinvestering

De omvang van de gruwel in Gaza en de onverschilligheid en medeplichtigheid van vele Europese regeringen vraagt om een nieuwe kijk op relaties tussen hen en de door hen gefinancierde instellingen. Wat betekent dit voor de kennisproductie als het onderzoek wordt gefinancierd door overheden die de genocide op een volk ondersteunen, of als ze zelfs medeplichtig zijn?

Door onze relatie met onze financierders te herbekijken sluiten we ons aan bij Palestijnse en Arabische instellingen en collectieven die er alles aan doen om te desinvesteren van donoren die Palestijnse rechten ondermijnen, zoals het zelfbeschikkingsrecht, het recht om zich tegen militaire bezetting te verzetten en het recht op terugkeer. Dat vereist de terugtrekking uit politiek gebonden financiering en een verschuiving naar andere bronnen en werkwijzen van kennisproductie en onderzoek, die onze strijd voor vrijheid ondersteunen in plaats van verhinderen.

We kiezen ervoor om de standvastigheid van ons volk en continue vrijheidsstrijd ondanks de verschrikkelijkste en wanhopigste omstandigheden te eren. We kiezen ervoor om een duidelijk standpunt in te nemen en de stemmen van zij die het zwijgen worden opgelegd te versterken.

We roepen academici, kunst- en cultuurinstellingen op om samen met ons een standpunt in te nemen tegen het witwassen van medeplichtigheid bij de voortdurende genocide. We eisen een duidelijk standpunt tegen mensenrechtenschendingen en de genocide die in Gaza wordt uitgevoerd door hun financierders en partners.

Ondertekenden deze brief:

  • Dr. Karim Eid-Sabbagh, onafhankelijk onderzoeker uit Tyrus in Libanon,

  • Dana Masad van de universiteit van Birzeit in Palestina,

  • Dr. Muna Dajani, onafhankelijk onderzoeker uit Groot Brittannië & Palestina,

  • Dima Yaser van de universiteit van Birzeit in Palestina,

  • Ashraf Mtaweh, filmmaker uit Beiroet in Libanon,

  • Saba Al Sadr, kunstenaar bij kunstenaarscollectief Jamaa Al-Yad in Beiroet in Libanon,

  • Khalil Sakakini Cultureel Centrum uit Ramallah in Palestina,

  • Daniel Drennan El Awar, kunstenaar bij kunstenaarscollectief Jamaa Al-Yad in Beiroet in Libanon,

  • Sakiya – Art | Science | Agriculture, uit Ein Qiniya in Palestina.