Aster Nzeyimana: ‘We zien meer misbruik in de sport omdat er harder naar gespit wordt’

Podcast

MO*Q&A over sport, drama en fairplay

Aster Nzeyimana: ‘We zien meer misbruik in de sport omdat er harder naar gespit wordt’

Aster Nzeyimana: ‘We zien meer misbruik in de sport omdat er harder naar gespit wordt’
Aster Nzeyimana: ‘We zien meer misbruik in de sport omdat er harder naar gespit wordt’

'Ik ben een verhalenverteller', zegt Aster Nzeyimana. Voor hem is sport op de eerste plaats drama, tragiek en schouwspel. Hij ziet dat het vele geld en de dwang om te winnen vaak het slechtste in de mens bovenhalen, maar hij laaft zich aan de inzet, de fairplay en de schoonheid van het spel.

CC Gie Goris (CC BY-NC 2.0)

CC Gie Goris (CC BY-NC 2.0)

Ik ben een verhalenverteller’, zegt VRT-sportanker Aster Nzeyimana. Voor hem is sport op de eerste plaats drama, tragiek en schouwspel. Hij ziet dat het vele geld en de dwang om te winnen vaak het slechtste in de mens bovenhalen, maar hij laaft zich aan de inzet, de fairplay en de schoonheid van het spel.

Aster Nzeyimana is voor veel Vlamingen het gezicht en de stem geworden van de VRT-sportverslaggeving. MO* sprak met hem midden de zomer waarin de Rode Duivels eindelijk Europees kampioen zouden worden en de Olympische geest vanuit Japan de hele wereld weer zou aansteken. Het coronavirus besliste daar anders over, maar aangezien sport over meer dan bekers en medailles gaat, trokken we toch naar de Reyerslaan.

MO*magazine · Aster Nzeyimana: ‘We zien meer misbruik in de sport omdat er harder naar gespit wordt’

In een ongebruikt lokaal en op veilige afstand vertelt Aster Nzeyimana dat hij de sportwereld leerde kennen als vijfjarige, bij KFC Eendracht Zele. En hij is altijd een voetbalman, gebleven, zegt hij. Als ik vraag welk kampioenschap hij in zijn dromen wil winnen, aarzelt hij dan ook niet: de Wereldbeker! Liever de nationale ploeg dan de beste club? ‘Sowieso. En dat heeft niets met nationalisme te maken, want ik ben het tegenovergestelde van een nationalist. Ik begrijp niet hoe je trots kan zijn om de plek waar je geboren of opgegroeid bent, maar een nationale ploeg verzamelt alle mensen die ik ken of graag heb. En als je die allemaal gelukkig kan maken door de Wereldbeker te winnen, hoe fantastisch is dat wel niet?’

Voetbal is spel, techniek, maar vooral: samenhorigheidsgevoel

Wat fascineert hem in voetbal? ‘Het spel zelf, uiteraard. En de techniek die erbij te pas komt. Maar ook het gevoel dat je krijgt als je in een voetbalstadium zit met 20.000 mensen die allemaal aan het roepen zijn.’ Voetbal spreekt, met andere woorden, de neanderthaler in Aster Nzeyimana aan. Dat “tribale” gevoel heeft volgens hem zelfs geen tegenstander nodig: ‘Een samenhorigheidsgevoel kan ook zonder dat het op wij/zij gebaseerd is.’

Is er dan nog een verschil tussen een voetbalmatch en een popconcert? Nzeyimana: ‘Sport en muziek overlappen wat dat betreft heel erg, maar sport heeft het toegevoegde voordeel dat je kan winnen, en dat maakt je blij, je ervaart er een wonderlijk gevoel van waardering door. Mensen leggen hun geluk in allerhande zaken, behalve in zichzelf, en daar hoort voor velen ook hun voetbalploeg toe.’

De afstand tussen de pre-miniemen van Zele en de finale van de Champions League is gigantisch. Is het nog wel dezelfde sport? Nzeyimana kijkt daar niet romantisch naar. Hij ziet op de eerste plaats het verschil in talent, training en middelen. Niet dat hij neerkijkt op het Belgisch voetbal, al spelen die clubs niet meer mee in de Europese top. ‘Zoveel te beter de competitie, zoveel te meer kijkers, zoveel te hoger de televisierechten… Dat is een onomkeerbaar proces, maar ik ben daar niet negatief over – zolang de topploegen zich niet definitief losmaken van de rest van de voetbalwereld.’

Beter dat topvoetballers profiteren van het geld, dan clubs, makelaars of bedrijven die de transferrechten op jonge voetballers aankopen.

‘Voetbal heeft een gigantisch publiek’, zegt Nzeyimana: ‘de Wereldbeker wordt gevolgd door een miljard mensen. Het is dan ook normaal dat daar veel geld in omgaat.’ Dat garandeert volgens hem ‘een zo goed mogelijke sport.’ Hij heeft ook geen probleem met de hoge inkomens van topvoetballers. Liever dat zij profiteren van het geld, dan de clubs, de makelaars of de bedrijven die de transferrechten op jonge voetballers aankopen en daar dan later van proberen profiteren.

Een van de voordelen die de commercialisering van de voetbalsport bieden, volgens Nzeyimana, is dat de matchen van de beste clubs daardoor ook toegankelijk worden in afgelegen dorpen of wijken in Afrika. Hoe zit het dan met het misbruik van Afrikaans talent dat vaak gesignaleerd is? ‘Ik herinner me natuurlijk de periode waarin Beveren jonge Afrikanen naar hun academie liet komen, en dat soort verhalen zijn toch nog altijd niet helemaal uit de wereld.’ Daarom, zegt hij, moet er meer controle zijn op wat in die wereld van het grote geld binnen voetbal omgaat en gebeurt.

Tegenover het misbruik staat de vaststelling dat voetbal er blijkbaar veel beter in slaagt om divers talent kansen te geven en te laten doorgroeien tot de absolute top, dan bijvoorbeeld theater, of de journalistiek. ‘Voetbal is voor veel mensen in armoede een sleutel om uit hun armoede en problemen op te werken.’ De belofte van sport is dat iedereen met talent en doorzettingsvermogen kan uitblinken, zoniet winnen. Maar klopt dat wel? Nzeyimana denkt van wel. ‘Er zijn verhalen van misbruik, of racisme op de tribunes, zeker, maar het is niet zo dat je het als gekleurde jongen iet kan maken in voetbal, integendeel. Kijk naar de nationale ploeg: dat is een modelvoorbeeld van hoe de samenleving is of zal zijn.’

Is er nog sprake van fair play naast het veld, in de hyper gecommercialiseerde wereld van het voetbal vandaag? ‘Het was vroeger niet beter’, denkt Aster Nzeyimana. En hij verwijst naar de omkoopschandalen, het hooligangeweld en het openlijke racisme in het voetbal in de jaren 1980. ‘Alles kan nog beter, maar er is al veel meer aandacht voor bijvoorbeeld racisme en fraude, we sluiten de ogen niet langer. We zien nu meer misbruik omdat er harder naar gespit wordt.’ Fraude en misbruik zijn bijna onvermijdelijk, denkt hij, omdat ze gewoon een reflectie zijn van wat er zich in de rest van de maatschappij afspeelt. Maar of dat noodzakelijk samenhangt met commercialisering, daar twijfelt Nzeyimana toch heel erg aan.

‘Sport en topsport zijn heel verschillende zaken’, reageert Nzeyimana

Na doping en misbruikschandalen zijn er grote vragen bij de oude belofte van een mens sana in corpore sano: een gezonde geest in een gezond lichaam. ‘Sport en topsport zijn heel verschillende zaken’, reageert Nzeyimana. ‘Sport is wat jij en ik nu kunnen doen, en daarvoor blijft gelden dat goed voor je lichaam zorgen ook goed is voor je geest. Dat vermindert niet door de verschrikkelijke praktijken in de topsport, wat een business is waarin heel veel geld omgaat. Niet verwonderlijk dat dat bepaalde figuren aantrekt of het slechtste in de mens naar boven brengt. Al was dat niet anders toen het nog niet om geld draaide. Als het gaat om winnen of verliezen, laten mensen zich ook van hun kleinste kant zien.’

En ook al is winnen een drijvende kracht in de sport, toch herinnert Aster Nzeyimana zich hoe er bij Eendracht Aalst op gehamerd werd dat je niet ten koste van alles moet proberen winnen. Mentaliteitswijziging bij jonge sporters, hoopt hij, zal op termijn bijvoorbeeld ook gedragswijziging bij ambitieuze ouders teweegbrengen. Maar kan je binnen een competitieve sport ook spreken van solidariteit? Toch wel, reageert hij, ‘maar het wordt te weinig beloond.’ Een voorbeeld: de Duitse voetbalploegen die in de Champions League speelden, en dus veel meer inkomsten haalden uit de UEFA, hebben die meerinkomsten allemaal gedeeld met clubs in nood. Dat is niet structureel herverdelen, het wordt niet aangemoedigd, maar het is wel mooi, vindt Nzeyimana.

Sport is theater: een opvoering waarvan het verhaal niet vooraf geschreven maar achteraf verteld wordt.

Vaak gehoord van wieler- of voetbalcommentatoren: ‘Rechtvaardigheid bestaat niet in de sport, alleen winnen en verliezen bestaan.’ Dat klopt, zegt Nzeyimana, en dat maakt voetbal net aantrekkelijk. ‘Dat is het drama van het leven in één match of één rit. Sport is een verhaal waarin sommigen uit een triest bestaan opstaan tot helden, of waarin de topsporters van hun voetstuk vallen.’ Sport is, met andere woorden, theater; een opvoering waarvan het verhaal niet vooraf geschreven maar achteraf verteld wordt. ‘Sport is een soap waarvan je geen aflevering wilt missen, ook al kén je de verhaallijn al.’

Corona en COVID-19 doorkruisen de verhaallijn voor zowel de Rode Duivels als de Olympische atleten. Wat is de impact daarvan op langere termijn? Nzeyimana drukt om te beginnen de vrees uit dat de Olympische Spelen ook in 2021 niet zullen plaatsvinden, en dat, zegt hij, is een écht drama voor al die sporters die daar vier jaar lang naartoe werken. En zeker voor hen die nog net wilden pieken in 2020, maar zeker niet meer mee kunnen doen in 2024. Maar voor sport zelf zal de goesting alleen maar toegenomen zijn, denkt hij. ‘Zodra het weer zal mogen en kunnen, zal je zien: iedereen wil terug naar het oude leven. Want iedereen wordt gék dat dit zo lang blijft duren.’

De podcasts van MO* zijn te beluisteren via SoundcloudApple PodcastsStitcher en Radiopublic.