Israël bouwt een muur tussen Palestijnse geliefden in Jeruzalem

Reportage

Israël bouwt een muur tussen Palestijnse geliefden in Jeruzalem

Israël bouwt een muur tussen Palestijnse geliefden in Jeruzalem
Israël bouwt een muur tussen Palestijnse geliefden in Jeruzalem

Overheidsadministraties dienen om burgers te helpen met toegang tot gezondheidszorg, uitkeringen, huisvesting en dergelijke meer, maar de Israëlische bureaucratie werkt systematisch tegen het belang van de Palestijnen in. Het pijnlijkst wordt dat duidelijk in het gebruik van verschillende identiteitsbewijzen om huwelijken te dwarsbomen.

© Sam Asaert

Rem & Walid

© Sam Asaert​

Overal waar Reema* en Walid* kijken, staan kleurloze flats die veel hoger zijn officieel is toegelaten en er worden overal nog verdiepingen bijgebouwd. Tussen twee gebouwen ligt een afvalberg van zeker twee verdiepen hoog. Kufr ‘Aqab, een wijk die administratief bij Jeruzalem hoort, maar van de rest van de stad gescheiden wordt door de muur, is de woonplaats van Reema, Walid enhun vierjarige zoontje. Hoewel ze beiden Palestijns zijn, naar dezelfde universiteit gingen en op een twintigtal kilometer van elkaar opgroeiden, heeft Walid een identiteitskaart van de Westelijke Jordaanoever terwijl Reema een permanent verblijfsstatuut in Jeruzalem heeft. Daardoor mogen Reema en Walid legaal gezien nergens samenwonen. Walid mag niet in Israël of Oost-Jeruzalem gaan wonen, terwijl Reema haar verblijfsstatuut net kan verliezen als ze buiten Jeruzalem woont.

Samen in het niemandsland

Veel koppels in hun situatie trekken daarom naar Kufr ‘Aqab, ondanks de slechte reputatie van de wijk: ‘Dit is een van de weinige plekken waar mensen met een Jeruzalem-ID getrouwd met mensen uit de Westelijke Jordaanoever samen kunnen leven’, zegt Reema. ‘Onze droomplek is het niet. Iedereen wenst een huis in een degelijke, nette buurt in plaats van een onveilige wijk als deze, maar op dit moment is het de oplossing.’

‘We betalen belasting, maar krijgen er geen diensten voor in ruil. We zijn een bron van inkomsten voor Israël zonder dat we er zelf enig voordeel uit halen’,

Kufr ‘Aqab is een soort van de facto niemandsland. Omdat de wijk aan de Palestijnse kant van de muur ligt, vindt het stadsbestuur van Jeruzalem het te gevaarlijk om er dienstverlening aan te bieden. Ook de Palestijnse Autoriteit kan niets voor de wijk doen omdat ze het bezette Oost-Jeruzalem niet binnen mag.

‘We betalen belasting, maar krijgen er geen diensten voor in ruil. We zijn een bron van inkomsten voor Israël zonder dat we er zelf enig voordeel uit halen’, zegt Walid. ‘Er wordt geen vuil opgehaald en in de zomer hebben we maar twee dagen per week water. Het is hier ook niet veilig. De meeste buren hebben geweren en zo hebben we hier in de straat bijvoorbeeld twee families die elke maand weleens een burenruzie hebben en daarbij in de lucht schieten.’

De muur snijdt door tradities

Hoewel Reema en Walids keuze voor elkaar hen in een moeilijke situatie plaatst, hebben ze niet getwijfeld over hun huwelijk. ‘Hoewel we in het hetzelfde land wonen en van hetzelfde volk zijn, zouden veel ouders een huwelijk als het onze nooit accepteren omdat het zo moeilijk is. Tijdens onze verloving kon Walid me nooit komen opzoeken of ophalen in het huis van mijn ouders, zoals dat bij ons de gewoonte is’, zegt Reema. ‘Ik heb je toen enkel opgepikt aan checkpoints’, lacht Walid.

‘Hoewel we in het hetzelfde land wonen en van hetzelfde volk zijn, zouden veel ouders een huwelijk als het onze nooit accepteren omdat het zo moeilijk is.’

‘Zijn familie kon ook niet om mijn hand komen vragen en op onze huwelijksdag konden ze mij niet uit het huis van mijn ouders komen halen, een belangrijke traditie bij ons. Met ons zoontje is de situatie nog moeilijker. Hij snapt niet dat zijn papa niet mee kan naar oma en opa. Hij heeft ook een hekel aan Kufr ‘Aqab, want hij ziet het verschil met andere plaatsen. Hij vraagt soms om bij oma en opa te blijven omdat daar een tuin is, terwijl er hier in de wijk nergens een plek is om buiten te spelen’, zegt Reema.

Omwille van hun precaire situatie getuigen Reema en Walid liever onder een pseudoniem. Zelfs de toekomst van hun zoontje, dat net als Reema een permanent verblijfsstatuut heeft, is niet verzekerd: ‘Om zijn verblijfsstatuut te behouden, moet ik hem inschrijven in een school in Jeruzalem, maar hier in Kufr ‘Aqab zijn enkel openbare scholen en die zijn slecht’, zegt Reema.

‘De tekstboeken zijn in het Arabisch, maar ze volgen het Israëlische curriculum. Ze leren de kinderen niet de waarheid, maar veranderen de geschiedenis in de schoolboeken’, zegt Reema. Daarom zit er niets anders op dan in ruil voor een inschrijvingsbewijs inschrijvingsgeld te betalen aan een school in Jeruzalem, terwijl hun zoontje eigenlijk naar een privéschool in Ramallah gaat.

Een onzekere toekomst

Een andere zorg die Walid en Reema boven het hoofd hangt, zijn de plannen van de overheid om Kufr ‘Aqab te scheiden van Jeruzalem en onder het gezag van de Palestijnse Autoriteit te brengen. Het is iets waar de Israëlische regering al jarenlang over praat, maar de plannen zouden nu serieuzer op tafel liggen met twee nieuwe wetsvoorstellen, zo stelt de Israëlische vzw Ir Amim in een rapport van 2017. Het past in het demografische beleid dat Jeruzalem voert om in de stad een joodse meerderheid te behouden.

‘Zou ik met ons zoontje in Jeruzalem gaan wonen zonder Walid? Ik mag er niet aan denken. En hier zou ik ook niet kunnen blijven, want dan verlies ik mijn ID.’

Om de demografie een handje te helpen, wil het stadsbestuur gaan goochelen met de stadsgrenzen. Kufr ‘Aqab en Shuafat vluchtelingenkamp, een andere wijk achter de muur waar veel koppels met verschillende identiteitsbewijzen wonen, zouden uit Jeruzalem gehaald worden. Ma’aleh Adumim, Givat Ze’ev en Gush Etzion, drie illegale Israëlische kolonies rondom Jeruzalem, zouden bij de stad komen te horen.

‘We zeggen soms dat we hier beter iets zouden kopen dan huur te betalen die verloren gaat, maar dat gaat niet, want misschien zal Kufr ‘Aqab in de toekomst geen Jeruzalem meer zijn’, zegt Reema. ‘We proberen er vooral niet aan te denken dat dat zou gebeuren. Het is te moeilijk. Ik wil niet nadenken over hoe het ons dan zou vergaan. Zou ik met ons zoontje in Jeruzalem gaan wonen zonder Walid? Ik mag er niet aan denken. En hier zou ik ook niet kunnen blijven, want dan verlies ik mijn ID.’

Binnen twee jaar is Walid 35 en kan hij een tijdelijke vergunning aanvragen om in Jeruzalem te mogen wonen. Hij zal echter nooit een permanent verblijfsstatuut krijgen zoals Reema. De aanvraagprocedure neemt makkelijk twee jaar in beslag en het is niet zeker dat hij de vergunning uiteindelijk krijgt.

Zonder vergunning opgesloten thuis

© Sam Asaert

Saoud met haar echtgenoot

© Sam Asaert​

Ook met zo’n tijdelijke vergunning is het leven niet gemakkelijk volgens Souad. Ze komt uit de Westelijke Jordaanoever en woont sinds 2002 met haar echtgenoot in Oost-Jeruzalem**. ‘Na ons huwelijk konden we niet onmiddellijk een vergunning voor mij aanvragen omdat we niet alle benodigde documenten hadden’, zegt Souad. Om de vergunning te krijgen, moeten Palestijnen een rits documenten voorleggen om te bewijzen dat ze in Jeruzalem wonen: water- en elektriciteitsfacturen, bewijs van ziekteverzekering en betaling van gemeentebelasting, inschrijvingsbewijzen van de school van de kinderen, …

‘Pas in 2007 kreeg ik voor het eerst een vergunning voor een maand. Twee jaar lang heb ik mijn vergunning maandelijks moeten vernieuwen, maar sinds 2009 krijg ik telkens een vergunning voor een jaar’, zegt Souad. De bureaucratische rompslomp die Palestijnen bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken door moeten om een vergunning te krijgen of te vernieuwen, is niet van de poes.

‘Het ministerie is telkens weer een hel. Je moet al om zes uur ’s morgens buiten aanschuiven. Om acht uur opent het ministerie en je bent vaak tot vijf uur in de namiddag bezig. Je moet vier keer aanschuiven en je moet door uitgebreide veiligheidscontroles, ook fysieke controles. Het is een enorme vernedering die ik keer op keer moet doormaken’, zegt Souad. ‘Ben je een van de vele documenten vergeten, dan moet je de hele procedure van voor af aan doorlopen. Ik ben eens drie keer na elkaar teruggestuurd.’

‘Bovendien is het ook al vaak voorgevallen dat ik mijn vergunning niet kon vernieuwen. Een keer was er een veiligheidsprobleem. We hebben een advocaat toen veel geld moeten betalen om het op te lossen, maar ze hebben ons nooit verteld wat het probleem nu eigenlijk was’, zegt Souad. ‘Als ik een tijd zonder vergunning zit, voel ik me verstikt. Soms zit ik wel zes maanden zonder vergunning. Ik kan dan nergens heen, ik kan niet gaan werken. Ik zit thuis vast. Telkens ik mijn vergunning moet verlengen ben ik heel bang en nerveus.’

Dreigende deportatie en scheiding van familie

Zonder vergunning loopt Souad het risico naar de Westelijke Jordaanoever gedeporteerd te worden en zo gescheiden te worden van haar man en vier kinderen. Telkens ze van het ministerie de toelating krijgt haar vergunning te verlengen, moet Souad naar haar thuisstad Yatta in de Westelijke Jordaanoever reizen om het document daar te laten afdrukken. Door de vele checkpoints neemt dat makkelijk een dag in beslag.

‘Op een keer had het ministerie me een goedkeuring gegeven voor de verlenging van mijn vergunning. Toen ik echter aankwam bij het kantoor in Yatta zeiden ze daar dat ik geen vergunning had. Ik kon dus niet terugkeren naar Jeruzalem. Mijn man moest naar het Ministerie van Binnenlandse Zaken om de zaak op te helderen. Daar zeiden ze dat het één of twee dagen zou duren, maar uiteindelijk heeft het een maand geduurd. Ik heb nooit te horen gekregen wat er misgelopen was.’

‘Het was een ontzettend pijnlijke periode voor mij omdat ik gescheiden was van mijn kinderen. De tijdelijke vergunningen geven ons geen enkele stabiliteit. Als ik slaap, heb ik het gevoel dat ze buiten voor de deur staan om ons door te lichten’, zegt Souad.

© Sam Asaert

Saoud

© Sam Asaert​

Kostwinner zonder vergunning verliest job

Ook Hazar* leeft in Jeruzalem met een tijdelijke toelating, maar die werd twee jaar geleden ingetrokken: ‘Ik was mijn dak aan het vernieuwen toen enkele jongens stenen naar soldaten begonnen te gooien. Ze gooiden met mijn dakpannen en daarom werd ik ervan beschuldigd dat ik terroristen verstopte. Ze hebben me vier keer onderzocht, maar nooit gearresteerd. Toch verloor ik mijn vergunning om veiligheidsredenen.’

Sindsdien woont Hazar dus illegaal in Jeruzalem. Daardoor raakte ze ook haar job als leerkracht kwijt terwijl ze de kostwinner van het gezin met vier kinderen is. ‘Mijn man heeft een zeldzame neurologische zenuwziekte waardoor hij permanente epilepsieaanvallen heeft. Hij is altijd in het ziekenhuis en hoop op beterschap is er niet. Het onderhoud van het gezin valt dus volledig op mij. Daarom werk ik nu in het zwart in een winkel die bureaumateriaal verkoopt. Ik werk van 9u30 ’s morgens tot 19u ’s avonds en verdien daarmee 90 shekel (nvdr. ongeveer 22 euro) per dag’, zegt Hazar in tranen.

In september werd Hazars veertienjarige zoon Saleh* gearresteerd en werd zijzelf met deportatie bedreigd. ‘Ze kwamen Saleh ’s nachts arresteren en wekten hem door hem te schoppen met hun laarzen. De hele kamer werd overhoopgehaald. Het was ontzettend vernederend. Ze beschuldigden hem ervan dat hij een molotovcocktail aan het maken was’, zegt Hazar.

‘Ik werd ook meegenomen naar het politiebureau en om me te doen bekennen dreigden ze er voortdurend mee dat ze mijn kinderen in een tehuis zouden stoppen en mij naar Hebron zouden terugsturen.’

‘Ik werd ook meegenomen naar het politiebureau en om me te doen bekennen dreigden ze er voortdurend mee dat ze mijn kinderen in een tehuis zouden stoppen en mij naar Hebron zouden terugsturen. Ik zei hen dat er overal in de oude stad camera’s zijn en dat ze dus perfect weten wat mijn zoon van ’s morgens tot ’s avonds gedaan heeft en dat hij onschuldig is. Ik weigerde een valse bekentenis af te leggen omwille van hun dreigementen.’

Uiteindelijk bleef Saleh acht dagen in de gevangenis gevolgd door 15 dagen huisarrest. Om hem vrij te krijgen betaalde zijn moeder een boete van 5000 shekel, meer dan 1200 euro. De spanningen omtrent Al-Aqsa waren volgens Hazar de echte reden voor Saleh’s arrestatie. Ook de groep voor de rechten van Palestijnse gevangenen Addameer bevestigt dat het aantal gearresteerde kinderen piekte vanaf de zomer van 2017 toen er protest uitbrak over de plaatsing van metaaldetectoren aan de ingang van de Al-Aqsa-moskee.

Hazar trekt zich in haar moeilijke situatie op aan de steun van haar vier begripvolle kinderen. ‘We begrijpen elkaar, vullen elkaar aan en steunen elkaar’, zegt ze. Mijn dochters helpen me spontaan in het huishouden. Ze laat ons op haar telefoon een digitaal gedicht zien dat haar achtjarige dochter voor haar maakte. ‘Jij bent de steunpilaar van ons huis’, schrijft het meisje terwijl de hartjes over het scherm bewegen.

Gelukkig kreeg Hazar ook goed nieuws: ‘Het gerecht is vanwege mijn jonge kinderen van oordeel dat dit een humanitaire zaak is. Ik zal dus opnieuw een vergunning krijgen om officieel met hen samen te leven.’

Eén volk vier identiteitsbewijzen: een overzicht

Palestijnen kunnen in Israël en de bezette Palestijnse gebieden, samen kleiner dan België, vier verschillende identiteitsbewijzen hebben. Die identiteitsbewijzen brengen elk andere rechten en beperkingen met zich mee: waar iemand zonder vergunning naartoe kan reizen, waar iemand officieel mag wonen en werken, … Dat alles hangt af van het identiteitsbewijs en leden van eenzelfde gezin hebben vaak verschillende identiteitsbewijzen. In het verleden konden Palestijnen beroep doen op gezinshereniging als ze huwden met iemand met een verschillend identiteitsbewijs. Sinds Israël in 2000 gezinshereniging afschafte en alle wijzigingen aan het Palestijnse bevolkingsregister bevroor, wordt een normaal gezinsleven leiden steeds moeilijker. De beperkingen op waar iemand mag wonen, zijn een instrument om de Palestijnen van elkaar te scheiden en de populatie onder controle te houden voor Israëls demografische doeleinden.

Palestijnen met Israëlische identiteitskaart

  • Mogen officieel niet wonen in de Westelijke Jordaanoever, uitgezonderd Oost-Jeruzalem

  • Kunnen een partner uit de Westelijke Jordaanoever met tijdelijke verblijfsvergunningen bij hen laten wonen als die aan de strenge voorwaarden voldoet

Palestijnen met permanent verblijfsstatuut in Israël (Jeruzalem-ID)

  • Hebben een permanent verblijfsstatuut waarmee ze in Oost-Jeruzalem of Israël kunnen wonen

  • Kunnen hun verblijfsstatuut verliezen als ze niet kunnen aantonen dat Jeruzalem het centrum van hun leven is

  • Zijn geen burgers van een land dus zijn stateloos als ze hun verblijfsstatuut verliezen

  • Kunnen een partner uit de Westelijke Jordaanoever met tijdelijke verblijfsvergunningen bij hen laten wonen als die aan de strenge voorwaarden voldoet

Palestijnen met Westelijke Jordaanoever-identiteitskaart

  • Kunnen voor gezinshereniging naar Israël of Oost-Jeruzalem als ze aan de strenge voorwaarden voldoen

  • Als een huwelijkspartner met een permanent verblijfsstatuut in Oost-Jeruzalem bij hen komt wonen, riskeert die zijn verblijfsstatuut te verliezen. Hoewel dat indruist tegen de Israëlische wet is het schering en inslag.

Palestijnen met Gaza-identiteitskaart

  • Kunnen Gaza niet uit zonder speciale humanitaire toelating

  • Niemand anders kan Gaza binnen zonder speciale toelating

  • Kunnen niet voor gezinshereniging naar Israël of de Westelijke Jordaanoever, inclusief Oost-Jeruzalem, verhuizen

  • Kunnen een partner uit de Westelijke Jordaanoever bij hen laten wonen als die zich ertoe verbindt nooit meer terug te keren naar Westelijke Jordaanoever

  • Kunnen een partner uit Israël of Oost-Jeruzalem met tijdelijke verblijfsvergunningen bij hen laten wonen, maar bij het vernieuwen van de vergunning zijn gezinnen vaak langere tijd van elkaar gescheiden

*Sommige namen zijn gefingeerd om mensen in een precaire situatie niet dieper in de problemen te brengen.

** Oost-Jeruzalem hoort bij de Westelijke Jordaanoever, maar wordt in dit artikel voor de duidelijkheid apart behandeld om te corresponderen met de verschillende identiteitsbewijzen.

Deze reportage kwam tot stand met de steun van het Fonds Pascal Decroos.

© Fonds Pascal Decroos