Prikkeldraad, een gitaar met drie snaren en liters thee. Waar ben ik?

Reportage

Prikkeldraad, een gitaar met drie snaren en liters thee. Waar ben ik?

Prikkeldraad, een gitaar met drie snaren en liters thee. Waar ben ik?
Prikkeldraad, een gitaar met drie snaren en liters thee. Waar ben ik?

Vanaf woensdag publiceert MO.be het dossier “Nergens Thuis”, over de impact van langdurige onzekerheid op vluchtelingen, en op de samenlevingen in de landen van vertrek en de landen van verblijf. Als smaakmaker kan je hier alvast een reportage lezen over zes voorwerpen die je overal tegenkomt in de Jungle van Calais.

De Jungle. Zo heet het tentenkamp vijf kilometer buiten Calais waar begin november meer dan zesduizend migranten en vluchtelingen in onmenselijke omstandigheden verblijven. Dat is dubbel zoveel als een maand voordien. Ze willen naar Engeland of ergens waar hun leven niet meer op pauze staat, maar ze zijn gestrand in een wachtkamer die steeds krapper wordt. Met de winter voor de deur vrezen de weinige hulporganisaties ter plaatse voor een humanitaire ramp. Een verslag aan de hand van zes alledaagse voorwerpen waar wij nauwelijks bij stilstaan, maar die voor bewoners het verschil maken tussen stilstaan of vooruitgaan.

© Jeroen Los

1. Iphone 5, geen Samsung

Ergens in de periode van onzekerheid is er een kantelpunt, een moment waarop iets dat nog mogelijk leek, omslaat in iets kansloos. De hoop zijn rechtenstudie in Engeland voort te zetten, weg van de oorlog, vergezelde Khaled anderhalf jaar van Damascus naar Turkije, over de Egeïsche zee tot in Parijs om uiteindelijk uit te doven in een doorweekte tent langs een bochtige afrit van de N216 in Calais.

‘Zesentwintig.’ Hij telt zijn verblijf in de Jungle in dagen. Binnen een week zullen ook zijn dagen maanden worden. ‘In het begin telde ik af, maar zelfs als het lukt om de grens over te steken, maak ik zonder contacten in Engeland weinig kans. Mijn Iphone 5 ligt op de bodem van de zee ergens tussen Griekenland en Turkije.’ Het was een mooie toevoeging geweest aan de indrukwekkende collectie telefoons die op deze zonnige middag liggen op te laden aan zonneladers in het kamp.

‘Iphone 5.’ Hij zegt het met een gewicht alsof dat het verschil had gemaakt tussen erkend worden als een jongeman met dromen en potentieel of wegkwijnen als tweederangsburger in een dode hoek van Europa.

© Jeroen Los

2. Thee, tegen angst en verveling

‘Op mijn dertiende vluchtte ik met mijn oom weg van het geweld in Darfoer en kwam terecht in Athene. Mijn oom haalde de tocht niet. Ik werd opgenomen in de Soedanese gemeenschap in Omonia en kon overleven dankzij klusjes hier en daar’, vertelt Yahia. Hij zet wat wel het tiende kopje thee die dag moet zijn, tegen de verveling. Ik durf niet te weigeren.

Na drie maanden in het kamp doet herinneringen ophalen aan de Griekse gastvrijheid die hij acht jaar lang kon genieten hem zichtbaar goed. ‘Door de crisis zijn de Grieken achterdochtig geworden. Er is nauwelijks werk en de wanhoop maakt hen kwaad en ziek. Hier moeten we misschien geen geweld vrezen, maar geeft ook niemand een moer om ons. Er is alleen maar wachten. Wachten op nieuws, in de rij staan voor smerig water en weinig eten, wachten op een moment dat de politie niet kijkt, wachten op morgen. Europa is vergeten wat gastvrijheid is. Het is nochtans zo eenvoudig als een kopje thee geven aan iemand die je niet kent.’

De avond valt. Zelfs met een dikke trui en hoge schoenen heb ik het koud. Of ik slaapplek heb vanavond, vraagt hij. Want ik ben welkom in zijn huis. Altijd.

© Jeroen Los

3. Tabak, in mijn ogen

‘Als je hier door de wereld gezien wilt worden, moet je hoog gaan staan,’ zegt Issa (29). ‘Zelfs de politie draagt mondmaskers en kijkt naar de grond als ze patrouilleren, alsof we radioactief zijn.’ We staan op een heuveltje, kijken uit over een gigantische zee van tentjes. Ik voel me als een tent, de regen en de pis glijden van me af. Hij wil naar Noorwegen, om bij zijn oudere broer te zijn die nu al in Denemarken is geraakt.

Trots draagt hij zijn shmagh om zijn hoofd. De sjaal is het enige kledingstuk dat zijn maandenlange vlucht uit Raqqa, intussen de hoofdstad van het islamitische kalifaat van IS, overleefd heeft. Hij kreeg het van zijn beste vriend, die vorig jaar omkwam in het Syrische conflict. ‘Noorwegen, daar droomde hij van. Daarom moet ik volhouden.’

Of ik niet wat tabak heb, vraagt hij. Hij rookt niet, maar rook zou helpen om het brandend gevoel van traangas in je ogen te verzachten. Hij zal het nodig hebben als hij vannacht zijn elfde oversteekpoging waagt. De patrouilles zijn hardnekkiger dan ooit. ‘Het is gevaarlijk, ja, maar ik kan niet meer leven als een hond.’

© Jeroen Los

4. Het paspoort, ticket tegen ontsporing

In Jungle Books, de door vrijwilligers gerunde bibliotheek van het kamp, hangt een haast gewijde sfeer. Tussen Dickens, Sherlock Holmes en Anna Karenina vergeet je even de hel buiten. Zelfs de geur van smeltend steengruis uit de asfaltfabriek om de hoek en de chaos na een ontplofte gasfles dringt niet naar binnen.

Ik ontmoet er een Syrische jongeman met littekens op zijn wangen, souvenirs uit een Syrische gevangenis. Hij zegt niet veel. Ik kan zijn naam niet onthouden. Het is nochtans de enige naam die ik van alle ontmoetingen in het kamp zwart op wit op papier zag. Op een Oostenrijks paspoort dat hij kreeg als student in Wenen net voor hij opnieuw op de vlucht sloeg, ditmaal voor toenemend xenofoob geweld.

‘Dit document is geldig tot januari 2017 en in alle staten ter wereld, behalve Syrië’, vertaal ik voor hem uit het Duits. Dat is alles wat hij wilde weten, genoeg om die avond mee naar huis te kunnen met enkele Engelse vrijwilligers. Gewoon als passagier in hun auto, niet als illegale bagage in een vrachtwagen of vogelverschrikker op het dak van een treinwagon.

© Jeroen Los

5. Een gitaar met drie snaren

No chance or good chance? Met die vaak gehoorde groet vissen veel bewoners onder elkaar uit hoe groot de kans is om die nacht de grens over te steken. Het inspireerde de twee Britse toneelschrijvers Joe Murphy en Joe Robertson na hun bezoek aan het kamp om een ander perspectief te bieden dan een levensgevaarlijke ontsnappingsroute over het Kanaal.

Dankzij crowdfunding doet sinds kort een koepelvormige theatertent dienst als ontmoetingsplaats waar ze samen met bewoners theater, muziek en film maken. Franse journalisten doopten het “anarchistische danstempel”, wat de colère van bange buurtbewoners nog meer voedt.

Voor Wahid, een Soedanese vijftiger uit Khartoem, is het de enige plek waar hij zijn ellende kan vergeten. ‘Ik woon al anderhalf jaar in verschillende kampen rond Calais. Mijn plaats is hier, in de Jungle.’ Teenslippers met sokken en een kleurrijke basgitaar met drie snaren vergezelden hem al die tijd. Dankzij de twee Joes vond hij bandleden. Straks brengt hij een cd uit met de titel Having Fun Together. Ook in de soundtrack van de hel ontbreekt het niet aan humor.

© Jeroen Los

6. Prikkeldraad

Calais lijkt elke dag meer op een eenentwintigste-eeuwse versie van Hitlers Atlantikwall. De Franse overheid liet honderden meters hek met prikkeldraad rond toegangswegen naar de Eurotunnel optrekken. Die worden ’s nachts het toneel van een kat- en muisspel tussen politie en vluchtelingen die boven op een rijdende trein of in de laadbak van een vrachtwagen richting Engeland proberen te klimmen.

De hoogzwangere Hawir (24) uit de Noord-Iraakse oliestad Kirkoek woont amper een maand met haar man in de Jungle, maar probeerde het al vijf keer, tevergeefs. ‘Ik wil niet dat mijn kind hier opgroeit. Smokkelaars kunnen we niet betalen en met een baby wordt klimmen nog gevaarlijker.’

Intussen timmeren bewoners met de hulp van vrijwilligers dag en nacht geïsoleerde houten hutjes in elkaar. ‘Sinds september zien we meer en meer vrouwen en kinderen. Veel kinderen lijden aan ernstige darm- en longaandoeningen door het gebrek aan hygiëne en de vochtigheid. De winter staat voor de deur, maar de bouwers kunnen nu al niet volgen’, vertelt François Guennoc, coördinator van de grootste lokale vrijwilligersorganisatie.

Illustraties © Jeroen Los

Dit artikel werd geschreven voor het winternummer van MO*magazine. Voor slechts €20 kan u hier een jaarabonnement nemen!